De Alfa Romeo 147 dankte zijn uitverkiezing aan een aantal aspecten, waarvan de vormgeving en het weggedrag de belangrijkste waren. “Het is een prachtauto”, schreven we onomwonden. Stiekem vonden we de 147 zelfs mooier dan de alom geprezen 156, de Auto van het Jaar 1998. “Agressiever, sportiever, gedurfder”, zo concludeerde we. Daarnaast reed de 147 beter, niet in de laatste plaats dankzij VDC, dynamische stabiliteitscontrole, dat uniek was voor deze klasse. Het mooie van dit systeem was dat Alfa het zo afgesteld had dat het je niet in de weg zat bij hard rijden. Ook zonder dit systeem lag de 147 “super op de weg”. Niet zo gek wanneer je je bedenkt dat de auto in feite en 156 short wheel base was, maar dan een stuk lichter. Hierdoor was beweeglijker en speelser, zelfs in de stromende regen. “Zelden hebben we onder deze omstandigheden een auto zo probleemloos en snel over bochtige wegen gedirigeerd”.
Het interieur viel eveneens in de smaak. Alfa Romeo leek met de 147 op mensen te mikken die kleiner wilden rijden, maar niets aan luxe in wilden leveren. De standaarduitrusting was dan ook riant te noemen, evenals de optielijst. We durfden dan ook te stellen dat de 156 er een concurrent uit eigen huis bij had gekregen. Helaas was het geluidsniveau niet als dat van een auto uit de hogere klasse, want er kwam nogal wat geluid van de voortrein. Ook wat de afwerking betreft, liet Alfa een paar kleine steekjes vallen, zo constateerden we bij een testauto. Tot slot ging de styling hier en daar ten koste van de functionaliteit, maar aangezien de vormgeving van de auto zo tot de verbeelding sprak, werd dit de auto al snel vergeven. “De 147 verlegt de bakens in de compacte middenklasse en overtreft met enkele disciplines zelfs de 156”, zo luidde onze slotsom.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer