Nieuw! Elke maand
15 Premium artikelen gratis.
Registreer nu of log in en lees voortaan elke maand 15 Premium artikelen gratis.
Dit is het laatste Premium artikel dat u gratis kunt lezen. Tijd voor een abonnement!
premium

Getuige moord Marianne Vaatstra verbreekt na tien jaar stilzwijgen

18 JAN 2010 BART OLMER

AMERSFOORT - Een bizarre wending in de Vaatstra-zaak. Dit weekeinde heeft zich wéér een nieuwe getuige gemeld bij de recherche. Vorige week claimde een ex-bajesklant gedetineerd te hebben gezeten naast een gezochte man die met de moord in verband werd gebracht. Zaterdag heeft ook Rosalin van Zessen (29) een uitvoerige verklaring gegeven aan de Friese recherche, nadat ze 10,5 jaar zweeg over haar confrontatie met de mogelijke moordenaar…

• Rosalin van Zessen verbreekt na 10,5 jaar haar stilzwijgen in de Vaatstra-zaak.
• Rosalin van Zessen verbreekt na 10,5 jaar haar stilzwijgen in de Vaatstra-zaak.
Foto: ALDO ALLESSIE

Van Zessen, moeder van twee kinderen, samenwonend in Amersfoort, is door tussenkomst van De Telegraaf in contact gebracht met Dick Adema, één van de weinige Friese rechercheurs, die nog verbonden is aan de ’cold case’-Vaatstra.

Haar verklaring is schokkend: zij stelt tegenover een huisgenoot te hebben gestaan, die de ochtend ná de moord op Marianne Vaatstra met bebloede kleding en handen thuiskwam. De huisgenoot legde daarbij een bebloed mes op de tafel en zei – zonder dat iemand toen nog iets wist van de schokkende moord op Marianne Vaatstra – dat ze ’haar strot dieper hadden moeten doorsnijden’, zo staat in de getuigenverklaring, in bezit van De Telegraaf.

Van Zessen groeide op bij haar adoptiefouders in het Friese plaatsje Birdaard. Zij kende Marianne Vaatstra redelijk goed via haar zusje, die ook op de mavo zat in Damwoude.

In 1999 woonde Van Zessen – ze was inmiddels stagiaire bij de Hema – op een huurkamer in een woning aan de Kleine Kerkstraat in Leeuwarden. Ze woonde er met nog twee bewoners: een zekere Sietse, een gescheiden man, die er tijdelijk woonruimte had gevonden en een buitenlandse man, die zij ’Ali’ noemde.

„Met Ali hadden Sietse en ik slecht contact: hij was stil, teruggetrokken en sprak gebrekkig Nederlands. Hij straalde iets engs uit, en dat werd bewezen op die ochtend van 1 mei 1999, tussen 08.30 en 09.00 uur”, verklaart de nieuwe getuige.

„Ik liep die ochtend de trap af naar beneden om naar mijn stageplaats te gaan. Ik woonde op de bovenste verdieping, Ali op de middenverdieping. Zijn deur stond open. En dat was vreemd, want bij wijze van spreken deed hij zijn deur nog op slot als hij naar het gezamenlijke toilet moest. Ik vreesde dat er iets mis was. Daarom liep ik zijn kamer binnen. Na amper een minuut stormde hij overstuur zijn kamer binnen. Ik keerde mij om en schrok me wezenloos: hij droeg een wit T-shirt en een blauwe broek, onder het bloed, vooral bij zijn buik. Hij legde een bebloed mes – met een zwart handvat – neer op een laag, glazen tafeltje aan de rechterkant van zijn kamer.”

Haar verklaring vervolgt: „Volgens mij besefte hij niet eens dat ik er stond. Hij was zo in zichzelf gekeerd dat hij gewoon langs me heen liep en neerplofte op de bank. Toen zei hij, in gebrekkig Nederlands, dat ze haar strot dieper hadden moeten doorsnijden. Twee, drie keer vroeg ik wie hij daarmee bedoelde. Waarop hij verward antwoordde: Marianne Vaatstra. Hij sprak haar naam goed, duidelijk verstaanbaar uit. Het eerste wat ik dacht was: ’Die is echt flink gestoord’. Ik raakte in een shock. Ik stormde zijn kamer uit en ging naar mijn werk.” Enkele dagen na dit incident verdween ’Ali’ spoorloos.

Al die jaren heeft Van Zessen deze informatie niet gedeeld met de recherche. Pas toen ze vorige week las over ex-gedetineerde Gerrit Veldman, die zweert dat hij in Noorwegen naast een Vaatstra-verdachte op een cel zat, besefte ze dat ze mogelijk belangrijke informatie had. „Ik was in 1999 niet echt stabiel, vanwege het overlijden van mijn broer. Ik heb het incident weggedrukt. Ik ben zó geschrokken, dat ik dichtgeklapt ben, denk ik. Ik heb het destijds wel gemeld aan mijn moeder”, aldus Van Zessen.

Haar moeder, Elly van Zessen, bevestigt haar dochters verhaal: „Ja, ze vertelde toen geschokt over een man met een mes, en bloed, en een link met Marianne Vaatstra. Maar mijn dochter wilde toen niet naar de politie, omdat ze bang was voor die vent.”

Het verhaal vorige week in deze krant van ex-bajesklant Gerrit Veldman bracht alle herinneringen boven bij Van Zessen. „Alles klopt: zijn uiterlijk, kort, pafferig, zijn karakter, zelfs hoe Gerrit het zakagendaatje beschrijft dat Ali altijd bij zich droeg: klein, zwart van kleur, met handgeschreven adressen erin, door de contactpersonen zelf geschreven, want Ali kon geen Nederlands schrijven. De Ali die ik kende, is precies de Ali die Gerrit omschreef. Ik ben niet gelovig, maar ik zou nu toch bijna in een wonder geloven. Ik ben een heel nuchtere meid, drink geen druppel alcohol, gebruik geen drugs, niks. Ik ben niet uit op de beloning. Ik ben al miljonair met mijn twee prachtige, gezonde kinderen. Daar kan geen staatsloterij tegenop. Ik baal alleen verschrikkelijk dat ik het destijds nooit heb verteld aan de politie en de ouders van Marianne.”

Verder lezen?
Elke maand 15 premium artikelen gratis
Ik heb al een account / ik ben abonnee
Verder lezen?
U heeft deze maand 15 Premium artikelen gratis gelezen.
Tijd voor een abonnement!
19.6 °C
ZZW4
Beurs AEX
AEX 524.65
+ / - -0.24%