Dit is het laatste gratis Premium artikel dat u kunt lezen. Tijd voor een abonnement?
premium
Koningin Máxima zwaait vanuit de Gouden Koets naar de Oranjefans langs de route in Den Haag. Onzichtbaar voor het publiek is ondertussen een grote veiligheidsoperatie gaande.
Koningin Máxima zwaait vanuit de Gouden Koets naar de Oranjefans langs de route in Den Haag. Onzichtbaar voor het publiek is ondertussen een grote veiligheidsoperatie gaande.
Foto: Pim Ras

Tweede Kamer doelwit van moslimterreur

Aanslag op Prinsjesdag verijdeld

15 MRT 2016 Bart Olmer

Den Haag - Daags voor Prinsjesdag vorig jaar hebben de geheime diensten in ons land een mogelijke aanslag verijdeld op het gebouw van de Tweede Kamer.

In een gezamenlijke operatie hebben de AIVD en de MIVD de dreiging ’stukgemaakt’.

Advocaat Michael Ruperti blijkt cruciaal te zijn geweest bij het ontdekken van het plot. Uit vrees dat er iets gruwelijks zou gebeuren op Prinsjesdag, schond hij de geheimhoudingsplicht.

Een AIVD-chef bedankte hem voor diens ,,waardevolle en dappere rol’’. Ruperti zelf wilde gisteren niet inhoudelijk reageren.

Aanhoudingen zijn niet verricht. Wel is zicht gekregen op de groep die de plannen besprak: jonge moslimradicalen met banden met Syriëgangers. De AIVD weigert commentaar.

Angstig aftellen tot Prinsjesdag...

Vier dagen voor Prinsjesdag. In de Veluwse bossen kuieren twee mannen, zachtjes pratend. Niemand merkt hen op, niemand hoort wat ze zeggen. De ene is een hooggeplaatste leidinggevende van de militaire geheime dienst MIVD. De ander blijkt een advocaat: Michael Ruperti.

Het gesprek is ernstig: een cliënt van de advocaat heeft gehoord over aanslagplannen, specifiek gericht tegen het gebouw van de Tweede Kamer. Mogelijk zelfs al tijdens Prinsjesdag. Die plannen zijn besproken in een groepje radicalen – jongeren van begin twintig – met nauwe banden met uitgereisde Syriëgangers.

De advocaat kan niet zwijgen. Wat als er écht een aanslag wordt gepleegd? Als het geen stoere praat is van een groep puberale jihadgastjes, maar bloedserieus? De advocaat, die een militaire achtergrond heeft als voormalig officier van de militaire juridische dienst en tientallen militairen bijstond in zijn huidige praktijk als strafadvocaat, worstelt met zijn vertrouwenspositie.

Formeel heeft hij een geheimhoudingsplicht. Maar wat nu áls.., spookt al dagenlang door zijn hoofd. De kring waarbinnen de plannen zijn besproken bestaat uit bekende radicale jongens, van wie er eentje is afgereisd naar Syrië.

Angstig

Rupterti’s cliënt is huiverig om met de geheime diensten te praten. Hij wil garanties, over zijn anonimiteit én bescherming. Hij vreest represailles uit het radicale circuit. Bovendien heeft de AIVD een slechte naam binnen die kringen: dat ze héél dwingend kunnen worden als je niet meewerkt. Er is verdeeldheid binnen de familie van de cliënt. Het ene kamp wil dat de informatie wordt gedeeld met de overheid: ’ Anders worden we medeplichtig, komen we zelf in de problemen’, redeneren ze. Maar andere familieleden hopen dat het overwaait en willen dat iedereen zijn mond houdt.

Ruperti slaat de worsteling gade van de familie. Woensdag gaat voorbij, donderdag gaat voorbij. De familie neemt geen besluit. Hij hakt de knoop door. Kan er moreel niet mee leven als er volgende week tijdens Prinsjesdag iets afschuwelijks gebeurt. Want daarover lijkt er gesproken te zijn door die radicale lui.

Hij besluit zijn beroepsgeheim te doorbreken, en alarmeert de diensten. Als eerste klopt hij aan bij de MIVD, die direct een van de allerhoogste leidinggevenden persoonlijk stuurt.

Vrijdag 11 september

Op de Veluwe ontmoet Ruperti de leidinggevende. De MIVD neemt zijn info direct heel serieus en legt contact met de zusterdienst. In de dagen erna krijgt Ruperti ook contact met twee AIVD-medewerkers.

Het is de start van een gespannen weekeinde. Terwijl de diensten koortsachtig de familie proberen over te halen alle informatie te delen, wordt een operatie gestart om Prinsjesdag extra te beveiligen.

Bronnen zeggen later dat er concrete extra beschermingsmaatregelen zijn genomen, maar welke wordt niet onthuld. De groep radicalen waarbinnen de plannen zijn besproken wordt op de korrel genomen. Geen seconde blijven ze uit zicht.

Zaterdag 12 september

Nog 72 uur tot Prinsjesdag. Nog voordat Ruperti de familie zelf kan inlichten, drukt ’s middags een AIVD-medewerker op de voordeurbel bij de familie. De man stelt zich voor als ’medewerker van Binnenlandse Zaken’. Met enige tegenzin wordt hij binnengelaten. De ’binnenlandse-zaken-man’ komt direct ter zake: hij wil weten wat er precies door de groep radicalen is gezegd over een aanslag op de Tweede Kamer. Wanneer moet dat plaats hebben? Is echt Prinsjesdag genoemd? Hoe heten die jongens? Waar verblijven ze?

Maar de cliënt durft het nog steeds niet. Ook een aanwezig familielid is bang voor de consequenties. Ze willen anonimiteit, bescherming. En in elk geval dat de advocaat erbij komt. Tussen de cliënt en de advocaat wordt tot middernacht tekstberichtjes uitgewisseld.

Zondag 13 september

Nog 48 uur te gaan. De AIVD belt de advocaat. De dienst wil om tafel. Diezelfde middag nog. Want als het écht gaat over een aanslag op Prinsjesdag, dan is er serieus haast bij. Ruperti wil een gesprek regelen, maar de cliënt twijfelt. Hij zegt ’dingen gehoord te hebben’. Dat als je ’één keer niet wilt meewerken, dat je dan tien keer harder wordt teruggepakt’. De familie blijft verdeeld. Er ontstaat een patstelling. En de klok tikt door.

Maandag 14 september

De laatste uren tot Prinsjesdag tikken weg. Een hooggeplaatste AIVD-er stuurt rond vier uur een spoedberichtje naar Ruperti. Hij gebruikt de naam ’E.’ en een tijdelijk mobiel nummer. Deze AIVD’er moet de patstelling doorbreken: „Graag met spoed contact inzake de door U eveneens als serieus en urgent ingeschatte Prinsjesdagkwestie. Help ons aub om ook deze patstelling van niet (’mogen’) praten binnen de familie te doorbreken. Dank alvast, ik wacht op Uw telefoontje.”

De advocaat belt de familie. „Jullie luisteren ons waarschijnlijk toch allemaal af, dus dan kan je nu horen waarom de familie zo terughoudend is”, roept de advocaat bewust door de lijn tegen de geheime diensten, waarvan hij aanneemt dat die aan het tappen zijn geslagen. Na het telefoontje is de familie niet langer verdeeld; iedereen is ervan doordrongen dat het écht noodzakelijk is open kaart te spelen tegenover de inlichtingendienst. Ze accepteren het telefoonnummer van de AIVD’er ’E.’, en nemen contact met hem op.

Het is dan zeven uur ’s avonds. In Den Haag worden de publieksdranghekken neergezet langs de route van Prinsjesdag. Gelijktijdig vertelt de cliënt tegenover AIVD’ers alles wat hij weet van de radicale jongens die spraken over aanslagplannen. In ruil worden garanties gegeven voor de toekomst en over beschermingsmaatregelen.

’s Avonds belt ’E.’ naar de advocaat om hem te bedanken. Hij spreekt op de voicemail in dat het gesprek met de familie goed is verlopen. De informatie bleek nuttig. Ook de familie meldt dat ,,het gesprek naar alle tevredenheid is verlopen”. Ruperti sms-t ’E.’: „Dank en succes verder.” ’s Avonds om kwart over tien krijgt hij een laatste, lovend bericht terug van de AIVD’er: „Helemaal wederzijds en nogmaals dank voor jouw waardevolle en dappere rol!!”

Meegedacht

Naar verluidt hebben AIVD-juristen actief meegedacht met Ruperti over diens bijzondere juridische positie. Gistermiddag wil een AIVD-woordvoerder niets zeggen over deze specifieke kwestie.

Advocaat Michael Ruperti heeft inzage gekregen in deze reconstructie, gebaseerd op documenten en gesprekken met bronnen. De Telegraaf vraagt Ruperti om een gesprek over de ‘Prinsjesdagkwestie’ en zijn bijzondere rol daarin. Hij zegt de gang van zaken ,,niet te ontkennen”, maar wil verder ,,niet inhoudelijk reageren”.

Niemand wil zeggen hoe de verdachten momenteel in de gaten worden gehouden. Prijsgeven van zulke informatie is verboden. Maar dát dat gebeurt, lijkt vanzelfsprekend.

De namen zullen ongetwijfeld staan genoteerd in de zogeheten contraterrorisme infobox (CT-Infobox), de database van de overheid van radicale personen over wie tien opsporingsinstanties alle denkbare informatie verzamelen.

Bronnen zeggen dat de ’Prinsjesdagkwestie’ ,,in de kiem is gesmoord”. Van concrete voorbereidende handelingen door de verdachten zou beslist geen sprake zijn geweest. Het zou bij onderling overleg zijn gebleven tussen de jongens. Om die reden is het Openbaar Ministerie niet ingelicht door de geheime diensten. ,,We hebben de zaak onderkend, maar hoefden niet iets op het nippertje af te wenden.”

Dinsdag 15 september

Prinsjesdag. Het is regenachtig in Den Haag. Toch is het druk langs de route van de koets met het koningspaar. De dag verloopt vlekkeloos en voorspelbaar: de stukken waren alweer uitgelekt, tot boosheid van premier Rutte. Alleen: twee parlementair verslaggevers van deze krant merken een wat strakkere beveiliging dan anders.

Vaker Premium artikelen lezen?
Registreer en lees elke maand
15 Premium artikelen gratis!
Vaker Premium artikelen lezen?
Dit is het laatste gratis Premium artikel dat u kunt lezen. Tijd voor een abonnement?
7.8 °C
ZZW4
Beurs AEX
AEX 462.11
+ / - +0.61%