Nieuw! Elke maand
15 Premium artikelen gratis.
Registreer nu of log in en lees voortaan elke maand 15 Premium artikelen gratis.
arrow3,74%
arrow0,99%
arrow0,78%
arrow0,59%
arrow0,47%
meer...
Dit is het laatste Premium artikel dat u gratis kunt lezen. Tijd voor een abonnement!
premium

Nederland: Gekke Henkie van Europa

30 JUN 2012

Onze economie en werkgelegenheid worden bedreigd doordat belangrijke Nederlandse bedrijven, zoals KPN, in handen komen van buitenlandse koopjesjagers. Dat zeggen oud-bewindslieden en topeconomen Willem Vermeend en Rick van der Ploeg in een exclusieve bijdrage op DFT.nl. Zij geven wekelijks hun mening over onderwerpen die volop in het nieuws zijn en bij een breed publiek in de belangstelling staan.

Andere landen houden de deur dicht

Deze week werd bekend dat de Mexicaanse telecomreus América Móvil door het opkopen van aandelen een belangrijke machtspositie heeft veroverd bij KPN. Dit vroegere staatsbedrijf is in de jaren negentig geprivatiseerd en is door zijn sterke positie op de Nederlandse telecommarkt en als grote particuliere werkgever niet alleen van essentiële betekenis voor de Nederlandse economie maar ook voor een groot aantal overheidsdiensten.

Volgens de bestuurstop van KPN is het Mexicaanse concern bezig met een vijandige overname. América Móvil streeft naar een totaal aandelenbelang van ruim 27%. Daarmee kan het een belangrijke invloed uitoefenen op het bedrijfsbeleid. Het lijkt er op dat het management van het Nederlandse telecombedrijf er niet in is geslaagd zich met de bestaande wettelijke mogelijkheden voldoende te wapenen tegen deze buitenlandse machtsgreep. Hoewel nog onduidelijk is op welke wijze de Mexicanen via hun aandelenbelang het beleid van KPN willen beïnvloeden, is wel bekend dat América Móvil al geruime tijd pogingen doet om actief te worden op de Europese telecommarkt. Doordat de meeste Europese landen de telecomsector voor hun land van strategisch maatschappelijk en economisch belang achten, is dat in die landen niet gelukt.

Door onder meer wettelijke regels houden deze landen de deur dicht voor buitenlandse machtsposities in deze sector. Wel zijn de Mexicanen er in geslaagd in Oostenrijk voet aan de grond te krijgen, maar KPN is een veel betere prooi, een solide bruggenhoofd om van daaruit Europa te veroveren. KPN is het zoveelste Nederlandse bedrijf dat geheel of gedeeltelijk in buitenlandse handen komt. En politiek Den Haag hoor je niet.



Uitverkoop van Nederlandse bedrijven

Vooral de afgelopen tien jaar zijn een groot aantal belangrijke Nederlandse bedrijven overgenomen door buitenlandse bedrijven. Het valt op dat de politieke machthebbers in Den Haag, maar ook de werkgeverstop in ons land deze uitverkoop van het Nederlandse bedrijfsleven kritiekloos hebben gadegeslagen. Het hoort bij de vrije markt en die moet je zoveel mogelijk z’n gang laten gaan, zo luidt het centrale argument. Gefundeerde kritiek op deze verkoop afkomstig van economen en vakbonden werd dan ook weggewuifd met een verwijzing naar de zegeningen van de vrije markteconomie.



De fans van deze verkopen menen ook dat deze ontwikkeling past bij een internationaal land als Nederland. Bovendien zou het goed zijn voor onze economie; wettelijke maatregelen tegen overnames zouden onze economie- en beursklimaat schaden. Deze aanhangers van de vrije markt wijzen er tevens op dat Nederlandse ondernemingen ook buitenlandse bedrijven overnemen. Dat is waar, als internationaal land dat zijn brood vooral met export verdient, zijn onze bedrijven wereldwijd actief. Investeringen in andere bedrijven zijn daar een onderdeel van. Maar de impact daarvan op de werkgelegenheid en economie van de veelal grote landen waar ons bedrijfsleven actief is, zoals de in de VS, is verwaarloosbaar. In onze relatief kleine economie kunnen buitenlandse machtsposities ingrijpende gevolgen hebben. Daarom moeten we maatregelen treffen waarmee voorkomen kan worden dat belangrijke strategische bedrijven worden overgenomen door op winst beluste koopjesjagers.



Nadelen van buitenlandse machtsposities


Op zich delen wij de opvatting dat bedrijfsovernames passen bij het open Nederlandse vestigingsklimaat en de wereldwijde toenemende internationalisering. Maar het zou toch verstandig zijn daarbij ook oog te hebben voor de schaduwkanten van deze overnames voor toekomstige ontwikkelingen van onze economie en werkgelegenheid. Voor een relatief klein land als Nederland is het van groot economisch belang waar de bestuurders en hoofdkantoren van bedrijven gevestigd zijn. Daarbij gaat het vooral om ondernemingen die van groot strategisch belang zijn voor onze economie en werkgelegenheid.



De praktijk laat zien dat het topmanagement van buitenlandse hoofdkantoren zeker in economisch zware tijden eerder kijkt naar het financieel eigen belang dan naar de belangen van de werknemers en de maatschappij in een ander land. De verkochte Nederlandse bedrijven worden inmiddels gemanaged door hoofdkantoren die in andere landen zijn gevestigd, zoals in de VS, Japan, Canada, China,Engeland enz. Dat kan een nadeel zijn. De geschiedenis leert dat bij zwaar economisch weer deze hoofdkantoren noodzakelijke bezuinigingsoperaties het liefst niet in eigen land willen uivoeren, maar verder weg, bijvoorbeeld bij hun vestigingen in ons land. Daardoor kunnen er banen in Nederland verdwijnen.



De “uitverkoop” van Nederlandse bedrijven wordt bevestigd in de gezaghebbende Amerikaanse Harvard Business Review (HBR). Daarin is een internationale ranglijst van landen opgenomen die per saldo een waardeverlies of waardevoordeel hebben gerealiseerd bij het aantrekken van grotere bedrijven uit het buitenland en het verkopen van bedrijven aan het buitenland. Van landen die een waardeverlies hebben geboekt staat Nederland wereldwijd op de vierde plaats en Europees gezien op nummer 1; ook wel aangeduid als de “Gekke Henkie”.



In Europa zijn de grote winnaars met waardevoordelen, Frankrijk, Duitsland, België en Zwitserland. In HBR wordt benadrukt dat grote verliezers, zoals Nederland, economische en maatschappelijke nadelen ondervinden van de grotere afhankelijkheid van de bazen in het buitenland. Een voorbeeld dat in ons land alle kranten heeft gehaald was de strijd om de sluiting van het internationale farmaciebedrijf MSD-Organon in Oss en Schaijk. Maar ook het internationale gevecht om ABN-Amro haalde de voorpagina’s.



Wettelijke regels tegen koopjesjagers

Binnen de EU zijn er verschillende lidstaten, zoals Duitsland en Frankrijk waar al in een ver verleden wetgeving is ingevoerd met het oog op het beschermen van strategische bedrijfssectoren tegen (vijandelijke) buitenlandse overnames, onder meer door grote staatsbedrijven uit andere landen, bijvoorbeeld China en Rusland. En het is ook bekend dat Bondskanselier Angela Merkel een hekel heeft aan ‘sprinkhanen’ die alles opvreten wat in hun weg komt en daarom zijn koopjesjagers, zoals sommige hedgefunds niet welkom in Duitsland



Ook in de VS, het schoolvoorbeeld van de vrije markt, gelden soortgelijke beschermingsregels. Deze regels hebben meestal betrekking op de financiële sector (bankwezen), luchtvaart, havens, defensie, media, telecom en energie. Een buitenlandse overname in deze sectoren wordt vooraf getoetst op publieke belangen. Deze beschermingsregels hebben in deze landen ook hun nut bewezen toen tijdens de economische wereldcrisis 2008-2009 de beurskoersen van veel bedrijven in elkaar waren geklapt en buitenlandse opkopers pogingen ondernamen deze ondernemingen voor een prikje over te nemen met de bedoeling daarmee snel geld te verdienen.



Inmiddels zien we dat wereldwijd niet alleen rijke koopjesjagers, maar ook grote staatsbedrijven, onder meer uit China en Rusland, op zoek zijn naar strategische overnames. Als gevolg van de economische crisis zullen deze overnames veelal goedkoper worden. Deze ontwikkeling onderstreept het belang dat Nederland stopt met het Roomser dan de Paus willen zijn en aansluiting zoekt bij beschermende wetgeving voor strategische bedrijven met een lange-termijn belang die in andere Europese landen al geruime tijd van toepassing is. Een nieuw kabinet moet daar snel werk van maken.



Rick van der Ploeg is hoogleraar economie in Oxford en hoogleraar politieke economie aan de UvA. Van 1998 tot 2002 was hij PVDA-staatssecretaris in het kabinet-kok II. Van der Ploeg studeerde economie aan de Universiteit van Sussex en promoveerde in 1981 bij de Universiteit van Cambridge. Hij heeft circa 100 publicaties op zijn naam staan met onder meer de titels ‘Is de econoom een vijand van het volk?’ en ‘een schaap in wolfskleren.’

Willem Vermeend is internetondernemer en bijzonder hoogleraar Economics and E-Business aan de Maastricht School of Management ( MSM). Daarnaast vervult hij diverse bestuursfuncties en commissariaten bij nationale en internationale bedrijven, waaronder Randstad. Vermeend had ook een actieve rol in de politiek. Vanaf 1994 tot 2002 was Vermeend PVDA-staatssecretaris van Financiën en minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de kabinetten Kok I en II. Hij schreef diverse boeken, zoals de Kredietcrisis, de Wij-Economie en de Wereld van het Internet.



Verder lezen?
Elke maand 15 premium artikelen gratis
Ik heb al een account / ik ben abonnee
Verder lezen?
U heeft deze maand 15 Premium artikelen gratis gelezen.
Tijd voor een abonnement!
17.8 °C
ZW4
Beurs AEX
AEX 522.22
+ / - -0.77%