In totaal 78 procent van de ondervraagden was het eens met de stelling dat internettoegang een fundamenteel recht is. Zonder toegang kunnen mensen niet meedoen in de huidige kenniseconomie, zo was de redenering van veel ondervraagden. Landen als Finland en Estland hebben deze stelling al in de wet doorgevoerd.
Meer dan de helft gaf daarnaast aan dat ze vonden dat het internet nooit en door geen enkele regering gereguleerd zou moeten worden. Vooral in de landen Zuid-Korea, Nigeria en Mexico heerst dit geloof, terwijl inwoners van Pakistan, Turkije en China het daar het minst mee eens waren. In Groot-Brittannië vond 55 procent dat er wel enige regulatie zou mogen zijn.
Uit het onderzoek blijkt verder dat het internet vooral gebruikt wordt voor het verzamelen van informatie. Negen van de tien personen vindt het internet een goede plek om kennis van te vergaren. Daarnaast gaf 50 procent aan dat dit het facet van het internet is dat ze het meest op prijs stellen. Ook worden de communicatiemogelijkheden op prijs gesteld, met 30 procent die stelt dat ze dit het meest op prijs stelt. Slechts 12 procent ziet het web ook als bron voor entertainment.
De duistere zijde van het internet werd ook belicht. Zo is fraude de grootste zorg van internetgebruikers, gevolgd door geweld, expliciete beelden en bedreigingen voor de privacy van de gebruiker.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer