Voor supercomputers die in de palm van een hand passen zijn draden nodig die 1000 keer kleiner zijn dan een menselijke haar. De onderzoekers in Edinburgh hebben samen met Duitse en Italiaanse onderzoekers onderzocht hoe draden zich op nano-niveau gedragen als ze gemanipuleerd worden. Met hulp van computers kwamen ze er achter dat dunne draden zich heel anders gedragen dan dikkere.
"We kwamen er achter dat als we de draden dunner maakten ze zich steeds vreemder begonnen te gedragen", laat onderzoeker Michael Zaiser aan BBC News weten. De experts hebben nu een computerprogramma ontwikkeld waarmee ontwikkelaars kunnen voorspellen wanneer er zich problemen voordoen met de draden. Ook geeft het programma aan hoe de problemen ontweken kunnen worden. Het is daarmee een waardevolle hulp bij de ontwikkeling van minuscule microchips.
Het programmaatje moet helpen garanderen dat bedrading in elektronische apparaten effectief blijft, zelfs als een supercomputer het formaat van een luciferdoosje heeft. "Deze ontdekking zal helpen bij het krachtiger maken van kleine apparaten", aldus Zaiser. "Op een dag zal het mogelijk zijn een supercomputer in de palm van je hand te houden en wij zorgen ervoor dat alle draden zich op de juiste plaats bevinden."
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer