Er blijft onenigheid over de twee methoden om wijn te produceren met een verminderd alcoholpercentage. Bij de een worden onrijpe druiven geoogst die een laag suikergehalte hebben wat weer een lager alcoholpercentage tot resultaat geeft. Deze methode is toegestaan in de Europese Unie maar de wijn die deze voortbrengt wordt wijdverbreid weggezet als ondrinkbaar.
Bij de andere manier wordt normale wijn van rijpe druiven gemaakt. Daarna wordt de alcohol eruit gehaald met een techniek die werkt als omgekeerde osmose. Deze techniek gebruiken wijnproducenten in Australië en Californië veelvuldig, maar is in Europa verboden.
Met de uitkomst van het Franse onderzoek wordt de druk het verbod op te heffen, echter groter. De studie weerspreekt de stelling dat alleen wijnen die 12 tot 14 procent alcohol bevatten acceptabel zijn. Testen met meer dan 1000 personen wezen uit dat producenten het alcoholpercentage met 3 procent kunnen verminderen zonder dat de drinker iets proeft. „Met andere wooren: ze kunnen zonder problemen van 14 naar 11 procent en van 13 naar 10 procent gaan”, zegt Jean-Louis Escudier, directeur van de wijnafdeling van het Franse Instituut voor Agronomisch Onderzoek.
Maar het onderwerp blijft gevoelig omdat de Franse wijnconsumptie is gedaald tot 43 liter per hoofd van de bevolking in 2008. In 2007 was dat nog 47 liter en in 1959 120 liter. De daling wordt vooral veroorzaakt door gezondheidscampagnes en campagnes voor veilig autorijden.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer