Nodig: 300 gr. runderlappen, 2 eetl. tarwebloem, 30 gr. boter, 2½ dl water, of tot het vlees net onderstaat, 1 eetl. appelazijn, 1 laurierblad, 5 kruidnagelen, 250 gr. ui, zout en peper.
Snij het vlees in reepjes van zo’n vier centimeter lang. Ja, dan moet je maar zorgen dat je messen scherp zijn, hoe vaak moet dat nu nog zeggen? Doe de bloem in een plastic zak, samen met de reepjes vlees en schudden. Nu zit de bloem er mooi omheen. Smelt de boter in een hoge pan met dikke bodem. Bak hier de reepjes rundvlees mooi bruin in, schuif ze dan een beetje aan de kant, schudt de rest van de bloem erbij en laat op kleur komen. Zet de waterketel aan en schenk het warme water bij het vlees. Nu de azijn erbij (wordt het vlees mooi zacht van).
De laurier, de kruidnagelen en vast wat peper en zout. Zet de oven op 90 °C en schuif de pan met gesloten deksel erin. Laat lekker een uur of twee, staan. Pel en snij de uien in ringen. Voeg de uien toe, en laat de pan nog uurtje in de oven staan. Iedereen die binnenkomt, staat eerst vijf minuten van de geur alleen al te genieten. Heb je geen oven, dan gewoon het kleinste pitje met een vlamverdeler, of elektrisch laag, laag, laag. Misschien moet er als het klaar is nog een scheutje water bij als de saus te dik is geworden. Dan opnieuw op smaak brengen met zout en peper. Geef er stomende aardappelen en een frisse salade bij.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer