Nieuws

De vertrumpisering van de Fed

Door Door Ingo Mainert

Als Trump de Fed gaat gebruiken als persoonlijk instrument voor zijn beleid, ondergraaft dat niet alleen de positie van de centrale bank als neutrale instelling. Het brengt ook het risico van zeepbellen op de financiële markten met zich mee.

Het Japanse voorbeeld is duidelijk: daar dwingt premier Shinzo Abe de centrale bank via gerichte politieke beslissingen om naar de pijpen van zijn regering te dansen. Critici van het negatieve rentebeleid in de monetaire beleidsraad in Tokio worden als hun mandaat afloopt stuk voor stuk vervangen door aanhangers van Abes ultra-expansieve monetaire koers.

Gaan de Amerikanen hetzelfde doen? Komt er een ‚Abenomisering’ van de Fed? Er staan de komende anderhalf jaar in Washington liefst 5 personeelswissels op het programma. Een stevig aantal voor wie weet dat het centrale beslissingsorgaan van de Fed (het Federal Open Market Committee of FOMC) uit 12 leden bestaat. Drie stoelen zijn nu al vacant, waaronder de invloedrijke plek van financieel toezichthouder.

Komende jaar komt de post van respectievelijk voorzitter Janet Yellen en haar vervanger Stanley Fischer vrij. Een herbenoeming in hun huidige functie is weinig waarschijnlijk, ondanks een recent charmeoffensief van president Trump. De twee kunnen desondanks in het bestuur blijven, maar het is niet heel realistisch dat ze zich aan het eind van hun loopbaan laten degraderen tot ‘gewone’ Fed-bestuurders en ze zullen dus wellicht zelf opstappen.

De weg voor een ‘vertrumpisering’ van de Fed ligt open en de regering-Trump kan haar invloed op de koers van de Fed zo verhogen.

In de VS zijn de Republikeinen, die de meerderheid vormen in het Congres, voorstanders van een meer gereguleerd monetair beleid, waarbij de rente gekoppeld wordt aan doelstellingen voor een beheerste inflatie en economische groei. Volgens deze zogenaamde Taylor-regel regel zou de basisrente vandaag op 4 procent moeten liggen, terwijl het in de praktijk minder dan één procent is.

Trump ziet liever lage rente

Tijdens zijn campagne sprak Trump zich voor een renteverhoging uit. De vraag is echter of dat van harte was. Hij is waarschijnlijk eerder een liefhebber van lagere rentes. Die komen hem goed van pas, zowel als president die 25 miljoen banen en een hogere economische groei wil creëren, als vanuit zijn wortels als vastgoedmagnaat. Dit gaf Trump onlangs ook in een interview openlijk toe.

Het soepele monetaire beleid brengt echter op lange termijn het risico van zeepbellen met zich mee. Een monetair beleid gericht op tussentijdse streefcijfers - zoals de Bundesbank dat vroeger deed – kan helpen de financiële stabiliteit controleren. De Fed schijnt ondanks de ervaring van de recente financiële crisis de neiging te hebben om zich niet anticyclisch tegen bubbels op te stellen, maar het beleid juist te richten op het ‘dweilen’ nadat de bubbel al gebarsten is. Een potentieel zeer pijnlijke gang van zaken.

In een wereld waar het monetair beleid moet zorgen voor de solvabiliteit van overheden, hebben monetair en begrotingsbeleid blijkbaar onderling van rol gewisseld. Het niveau van de inflatie wordt dan bepaald door de behoeften van het begrotingsbeleid. Centrale banken worden zo gedegradeerd tot lakei van de ministeries van Financiën. Met de democratische beginselen in het achterhoofd, kan men zich ernstig de vraag stellen hoe ze zich nog kunnen legitimeren als onafhankelijke instellingen. Het is een vergissing om te denken dat een centrale bank in dienst van het ministerie van Financiën op termijn elk economisch probleem kan oplossen. De communistische planeconomie is destijds mislukt, en een monetaire planeconomie heeft op lange termijn geen mooiere toekomst.

Ingo Mainert is beleggingsstrateeg bij Allianz Global Investors