Nieuws

GRENSVERLEGGER GreenFood50 aan basis duurzame voeding

Wereld van quinoa laten proeven

Door Gabi Ouwerkerk

Met GreenFood50 verwerkt Marc Arts quinoa-zaad tot basis voor duurzame voedingsproducten.

Met GreenFood50 verwerkt Marc Arts quinoa-zaad tot basis voor duurzame voedingsproducten.

PETER VAN ZETTEN

Wageningen - Tot vijf jaar geleden hadden weinig mensen van quinoa gehoord. Het stempel superfood bracht daar verandering in. Ook Marc Arts van GreenFood50 roemt het voedsel om zijn gezonde samenstelling. Zijn bedrijf verwerkt het zaad tot basis voor duurzame voeding uiteenlopend van soepen en sausen tot vegetarische en glutenvrije producten.

Met GreenFood50 verwerkt Marc Arts quinoa-zaad tot basis voor duurzame voedingsproducten.

Met GreenFood50 verwerkt Marc Arts quinoa-zaad tot basis voor duurzame voedingsproducten.

PETER VAN ZETTEN

Arts heeft jaren voor chemiebedrijf DSM gewerkt waar hij verantwoordelijk was voor de wereldwijde levering van hoogwaardige grondstoffen aan de voedingsmiddelenindustrie. „Ik kom uit een echte ondernemersfamilie en wilde graag voor mezelf beginnen. Uitgangspunt was om vanuit een gewas bij te dragen aan smaakvolle duurzame voeding.”

De ondernemer nam zo’n dertig verschillende gewassen onder de loep. Quinoa kwam als beste uit de bus. „We werken samen met de universiteit van Wageningen. Zij hebben het gewas zo veredeld dat het ook in Nederland verbouwd kan worden en ze hebben de smaak aangepast.”

De klassieke quinoa zoals die in Zuid-Amerika groeit heeft een buitenlaag met een bittere smaak. De meeste mensen vinden het daarom niet lekker. De lokale bevolking bestempelt het als voedsel voor de armen. De voedingswaarde is echter heel hoog.

„Het bevat veel eiwitten met alle negen essentiële aminozuren in de juiste verhouding en is rijk aan ijzer”, somt Arts de pluspunten op. Het voedingscentrum heeft quinoa dan ook opgenomen in de Schijf van Vijf. Uiteraard is Arts daar content mee, al wijst hij erop dat het eigenlijk in de verkeerde schijf staat. „Quinoa behoort tot dezelfde familie als snijbiet en spinazie en is strikt genomen dus groente. De zaden kunnen echter op dezelfde wijze als granen gebruikt worden.”

GreenFood50 verwerkt het gewas niet zelf tot eindproduct. „Een bewuste keuze, omdat we anders met onze klanten zouden concurreren. Van onze ingrediënten maken zij eindproducten zoals brood, tortilla’s en burgers of verwerken het in yoghurt en sportvoeding.” Klanten zijn grote voedselproducenten als Nestle en Unilever, maar ook het Topsport restaurant in Papendal.”

Vanaf de start van het bedrijf is internationale expansie het uitgangspunt geweest. „Om onszelf in de markt te zetten, hebben we vanaf de start veel beurzen bezocht. Ook hebben we een aantal internationale startup-prijzen in de wacht weten te slepen.”

De ondernemer is zich ervan bewust dat de samenwerking met de Universiteit Wageningen helpt bij het succes. „We zijn pas in 2014 gestart, maar de eerste producten liggen al in de winkels. Wageningen heeft wereldwijd een topreputatie dus dat helpt bij het benaderen van klanten.”

Om zich op de productontwikkeling te kunnen focussen werkt Arts voor sales en distributie samen met de Barentz groep. „Zij hebben de internationale contacten al. Samen kijken we hoe we de verschillende markten kunnen benaderen.”

Hij wijst erop dat in Nederland een hogere consumptie van plantaardige eiwitten op de politieke agenda staat. „Met onze ingredienten kunnen fabrikanten hierop inspelen. In bijvoorbeeld Spanje is men veel minder ver met de gedachte om minder vlees te gaan eten, daar richten we ons meer op tortilla-achtige producten.”

Ook in de Verenigde Staten is gezond voedsel een hot topic. Arts: „Traditionele vleesbedrijven zien dat plantaardig in opkomst is en doen al stappen richting die markt.” Op dit moment wordt de Chinese markt verkent. „Daar is het nog heel nieuw, maar is er veel interesse.”

De ondernemer ziet dat het voedselbewustzijn van consumenten wereldwijd groeit. „Naast de vraag naar plantaardig en glutenvrij, zie je een afkeer tegen e-nummers. Met onze ingrediënten kunnen fabrikanten aan deze eisen voldoen.”