Nieuws/Binnenland

Ad Smit slaat keihard terug na aangifte verduistering

Politiebaas: ’Dit is een afrekening’

Door John van den Heuvel

Commissaris Ad Smit wordt verweten dat hij op kosten van de politie Ajax-kaartjes uitdeelde aan vrienden, familie en collega’s.

Commissaris Ad Smit wordt verweten dat hij op kosten van de politie Ajax-kaartjes uitdeelde aan vrienden, familie en collega’s.

FOTO RICHARD MOUW

Amsterdam/Nice - De Amsterdamse hoofdcommissaris Pieter-Jaap Aalbersberg wist dat zijn politie-eenheid jarenlang seizoenskaarten van Ajax kocht om agenten en hun relaties te behagen. Hij heeft dat in een verhoor aan de Rijksrecherche toegegeven, zo blijkt uit eigen onderzoek van deze krant.

Commissaris Ad Smit wordt verweten dat hij op kosten van de politie Ajax-kaartjes uitdeelde aan vrienden, familie en collega’s.

Commissaris Ad Smit wordt verweten dat hij op kosten van de politie Ajax-kaartjes uitdeelde aan vrienden, familie en collega’s.

FOTO RICHARD MOUW

Tegenover de Rijksrecherche erkent Aalbersberg ook dat hem eerder nooit excessief gedrag was opgevallen. Desondanks deed hij in het geheim aangifte tegen zijn collega-commissaris Ad Smit, die er nu van wordt verdacht dat hij vrienden, familie en collega’s ten onrechte met voetbalkaartjes fêteerde.

Aalbersberg zegt desgevraagd in een reactie niet op de hoogte te zijn geweest van dat meenemen van vrienden en familie.

Sinds deze week hangt Smit – een van ’s lands bekendste politiebazen – strafvervolging boven het hoofd vanwege verduistering in dienstbetrekking.

Smit (64) ontkent in een exclusief interview dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan strafbaar gedrag. „Er vindt een afrekening plaats”, zegt hij vanaf zijn vakantieadres in Frankrijk. „Ze proberen me kapot te maken. Ik mag over de inhoud van het onderzoek niets zeggen, maar dit alles heeft in mijn ogen te maken met jaloezie en een eerder arbeidsconflict.”

Uit onderzoek van de Rijksrecherche blijkt dat tientallen politiemensen en hun relaties ’profiteerden’ van de gratis Ajax-kaartjes.

LEES MEER: ’Ze proberen me kapot te maken’