Nieuws/Binnenland

Weer meer bruinvissen geteld in Oosterschelde

VELP - Het aantal bruinvissen in de Oosterschelde neemt weer toe. Er zitten er nu 34, waaronder minstens twee kalfjes. In totaal gaat het om ongeveer tien bruinvissen meer dan vorig jaar, blijkt uit de jaarlijkse telling van Stichting Rugvin.

Zes jaar geleden was er een piek van 61 bruinvissen in de Oosterschelde. Daarna gingen er veel dood, de meeste van de honger.

Bruinvissen zijn de kleinste soort walvisachtigen van de Noordzee. De dieren lijken op dolfijnen. Een aantal leeft het hele jaar door in de Oosterschelde. Uit onderzoek blijkt ook dat de zeezoogdieren blijven omdat ze door het lawaai van het schurende water tegen dijken en dam niet goed door de Oosterscheldekering naar buiten durven.

Tussen 2011 en 2013 was er een enorme sterfte onder bruinvissen door een tekort aan vis. Dat had waarschijnlijk te maken met een toename van exotische schelpdieren. Die aten de algen die ook als voedsel van kleine visjes dienen, aldus Frank Zanderink van Stichting Rugvin maandag.

Volgens Zanderink is het niet zo dat de bruinvissen niet in de Oosterschelde horen. „Voordat de kering er was, zaten ze er ook.”