Nieuws

Schijnheilig Kifid en verzekeraar (6)

Door Anton Rietveld

Columnist Anton Rietveld maakt zich kwaad over het Kifid.

Columnist Anton Rietveld maakt zich kwaad over het Kifid.

APA

Een paar weken geleden deed het Kifid een uitspraak in een eenvoudige zaak, waarbij een schadebehandelaar bij verzekeraar Ansvar een schade had afgewezen, terwijl de schade gewoon onder de aansprakelijkheidspolis gedekt was.

Columnist Anton Rietveld maakt zich kwaad over het Kifid.

Columnist Anton Rietveld maakt zich kwaad over het Kifid.

APA

Opvallend was – zo bleek uit Linkedin – dat de schadebehandelaar al meer dan 26 jaar bij Ansvar werkte. Iemand die meer dan een kwart eeuw ervaring heeft met schaderegeling, weet natuurlijk precies hoe het zit als het gaat om de vraag of je voor een schade aansprakelijk bent. Je kunt dan niet meer zeggen dat er sprake was van een vergissing als je eerst stug en stijf niet wenst te luisteren naar de redelijke protesten van je verzekerde. En zoals gezegd, de kwestie was eenvoudig: de verzekerde had het dakraampje vergeten te vergrendelen. Bij een windvlaag was het dakraampje weggevlogen en kwam het tegen een geparkeerde auto terecht.

Drogreden

Tóch vond de schadebehandelaar het nodig om haar verzekerde af te wijzen, want ’die kon er immers niets aan doen dat het gestormd had’. Je leest dit alles in nog geen tien seconden, maar stel je nu even het gevoel voor dat een verzekerde krijgt als hij zeker weet dat de schade is gedekt, maar tóch niet verder dan de schadebehandelaar komt, alleen omdat die drogredenen gebruikt. Je wordt dan toch ziedend? Wat moet je dan? Ga je voor duizend euro naar de rechter en spendeer je eerst hetzelfde bedrag aan kosten voor een advocaat? Nee, dat doet normaal gesproken niemand.

En dat is nu net waarvan verzekeraars misbruik maken. Misdaad loont voor verzekeraars, omdat de afgewezen verzekerde het er doorgaans bij laat zitten. Vaak weet hij ook niet welke argumenten hij nog meer tegen de verzekeraar moet gebruiken. Dergelijke situaties komen in de praktijk aan de lopende band voor en de verzekeraar kan er immers vrolijk mee doorgaan, want alleen de enkele gevallen waarbij de verzekerde het er niet bij laat zitten komen – soms – aan het licht. Voor de verzekeraar: tel uit je winst! Als je op ’verzekeraarscriminaliteit’ googelt, dan wordt dat nader toegelicht.

Flauw

In dit geval was de verzekerde zo slim om even wat verder te kijken dan zijn neus is. Hij kwam terecht op Verzekeringsklachten. Die schakelde de Schadecoach in. Die stuurde Ansvar snel een kort en informeel briefje waarin met zoveel woorden stond: kom op schadebehandelaar, doe niet zo flauw, je weet hoe het zit, maar het lijkt er nu wel op alsof je het uit eigen zak moet betalen, Je snapt best dat deze schade verzekerd is, dus ga nu snel tot betaling over, dan is de kous daarmee af. Niet meer zo doen, want anders kom je er de volgende keer niet zo makkelijk van af!

In plaats dat de schadebehandelaar eieren voor haar geld koos, reageerde ze niet. Toen restte de Schadecoach niet anders dan de zaak formeel aan te vliegen en werd er een directieklacht gedeponeerd. De directie deed toen hetzelfde als wat vrijwel altijd gebeurt in dergelijke situaties: die hield de trouwe schadebehandelaar – die immers voor de maatschappij geld aan het besparen was – de hand boven het hoofd. Het antwoord van de directeur van Ansvar: wij betalen de schade niet en ook uw kosten niet, en bovendien: uw toon bevalt ons helemaal niet!

Vertrouwen

Ondertussen stuurde de directeur, hoewel de verzekerde nota bene expliciet had aangegeven dat de correspondentie via Schadecoach moest verlopen, rechtstreeks een briefje aan verzekerde: Wat spijtig dat er zo door Schadecoach wordt gecommuniceerd, daar wordt de relatie niet beter van, wij gaan het niet meer met u over de schade hebben, die betalen wij gewoon, komt u gerust bij ons langs voor een kopje koffie en om over herstel van het geschonden vertrouwen te praten.

Logisch dat de verzekerde daarin geen zin meer had, maar uiteindelijk was de schade dus wél – ineens – betaald, én de directeur betaalde – ondanks zijn eerdere stellige bewering dat niet te zullen doen – de helft van de kosten die met de inschakeling van Schadecoach hadden te maken. Over het bedrog van de schadebehandelaar repte de directeur natuurlijk met geen woord, maar wél vond de directeur het nodig om ongevraagd Schadecoach bij zijn klant in een kwaad daglicht te stellen!

Bedrog

De verzekerde heeft toen bij het Kifid een klacht ingediend, want eerst door Ansvar te worden belazerd en vervolgens, alleen om je recht te halen, te blijven zitten met een half vergoede rekening van een belangenbehartiger, dat klopt natuurlijk van geen kant. De verzekerde wilde dat de rekening van Schadecoach geheel werd vergoed en het Kifid moest zich ook maar eens uitspreken over het bedrog van Ansvar.

Eerst duurde het eeuwen voordat het dossier werd afgewikkeld, het Kifid bood de gebruikelijke excuses aan, maar wat veel gekker was: het Kifid deed al nét als de directeur van Ansvar en repte met geen woord over het bedrog van de schadebehandelaar. En dát terwijl de verzekerde daar nu juist expliciet en puntsgewijs uitgebreid om gevraagd had. Het enige waarover het Kifid een uitspraak deed, was over de redelijkheid van de kosten van Schadecoach, want de schade was inmiddels al betaald, dus dáarover hoefde de klacht – volgens het Kifid – niet meer te gaan. Schijnheiliger kan niet, zou ik zeggen.

Proceskosten

Maar volgens het Kifid was de redelijkheid voor de resterende kosten er niet. Het verwees daarbij naar een een vergoeding (liquidatietarief) die van toepassing is voor de proceskosten: de vergoeding die belangenbehartigers toegewezen krijgen voor het aanhangig maken en voor de behandeling van de klacht bij het Kifid. Die verwijzing kan dus nooit kloppen, want de kosten waren al in een eerder stadium -namelijk bij Ansvar- gemaakt.

Toen de Schadecoach het Kifid daarop wees en vroeg om haar huiswerk over te doen, kwam het Kifid met een argument waarmee zij haar eigen onvermogen etaleerde: het reglement van het Kifid staat wél toe om uitspraken te corrigeren als er sprake is van reken- of taalfouten, maar niet als men men zaken over het hoofd heeft gezien. Daarvoor moet de klager maar naar de burgerrechter.

Fouten

Dus geloof het of niet: voor onbenulligheden die niets aan een zaak veranderen kan men het Kifid aanspreken, maar met fouten die een andere uitspraak tot gevolg zouden hebben gehad, kan het Kifid niet worden aangesproken, want dáár voorziet het reglement niet in.

Ik heb ooit op een bordje de spreuk gelezen: artikel 1: de baas heeft altijd gelijk. Artikel 2: heeft de baas géén gelijk, dan treedt automatisch artikel 1 in werking. Deze spreuk zou het Kifid bedacht kunnen hebben!

Benadeling

Wat kwalijker is, zowel in het geval van Ansvar als in dat van het Kifid, is dat er is duidelijk sprake is van kwade trouw. Dat is aan de orde als iemand beter weet –maar óók als iemand beter behoort te weten – maar daarnaar niet handelt, wat vervolgens benadeling van de andere partij tot gevolg heeft.

Bij Ansvar ligt het er duimendik bovenop, bij het Kifid wat minder, maar als het Kifid werkelijk klantgericht was, zou het reglement er natuurlijk in hebben moeten voorzien dat je tegen een uitspraak gewoon in beroep kan gaan.

Belang

En het Kifid zou natuurlijk nooit een (liquidatie)tarief moeten hebben willen instellen waarmee in de praktijk deskundige belangenbehartigers worden buitengesloten. Daarmee schaad je het belang van de consument. Deze zaken zijn echter bewust zo in het reglement geformuleerd, om in gevallen zoals deze het eigen straatje te kunnen schoonvegen: wij kunnen er niets meer aan veranderen, want ons reglement voorziet daar niet in. Ik herhaal: schijnheiliger kan niet!

Als je echter weet dat de reglementen bij het Kifid zijn opgesteld door mensen die door verzekeraars worden betaald, daar werken of daar hebben gewerkt, dan is het allemaal niet zo toevallig meer.