Nieuws

Rabobank-econoom Barbara Baarsma pleit voor invoering van vijfjaarscontract op arbeidsmarkt

’Asschers aanpak voedt populisme’

— null

Door door Martin Visser

De economische cijfers voor Nederland zijn prachtig, beaamt econoom Barbara Baarsma. „Ik ga het feestje niet verpesten.” Maar dat neemt de onvrede in de samenleving niet weg. Ze pleit voor fiks lagere lasten op arbeid en de aanpak van zorg en pensioenen die nu een flinke hap uit het besteedbaar inkomen nemen. Én de arbeidsmarkt moet op de schop. Want daar heeft minister Asscher gefaald. „Hij was gewaarschuwd.”

Nederlanders moeten wendbaar en weerbaar worden, betoogt Barbara Baarsma, directeur Kennisontwikkeling bij Rabobank en hoogleraar economie. De technologische veranderingen gaan zo snel dat iedereen zijn best moet doen om bij te blijven. Econoom Baarsma maakt zich zorgen over oudere werklozen, maar vooral om jongeren die een verkeerde opleiding volgen. „We leiden nu mensen op, terwijl we weten dat er geen baan is die bij die opleiding past.”„Ik ga het feestje niet bederven. Alleen, die economische barometer lijkt er niet zoveel meer toe te doen. Er is veel onvrede in de maatschappij.”„Het kabinet heeft goede dingen gedaan, zoals de verhoging van de AOW-leeftijd, het afbuigen van de stijging van de zorgkosten, een begin gemaakt met de hervorming van de woningmarkt. Dat heeft geholpen om het groeivermogen van de economie te bevorderen, maar dat kon de onvrede niet voorkomen. Eén van de oorzaken is dat het besteedbaar inkomen veel minder gestegen is. Dus die mensen denken: in mijn portemonnee zie ik geen economische groei. Dat komt onder meer doordat we zoveel verplichte arrangementen hebben, zorg, sociale premies, pensioen, waardoor je maar een klein deel van je inkomen vrij kunt besteden.”„Ja, daar zit een fors gat. Er is een belastingherziening nodig om de lasten op arbeid te verlagen. Maar ook als de zorgpremies of de pensioenpremies stijgen, voel je je armer. Het andere verhaal is dat mensen last hebben van baanonzekerheid. Steeds meer mensen hebben een tijdelijk contract. Steeds meer ouderen zijn langdurig werkloos.”„Ja, dat is waar. Maar we hebben er wel een eenheidsworst van gemaakt. De wereld verandert. Bijvoorbeeld bij de pensioenen is er behoefte en ruimte om meer flexibiliteit en individueel maatwerk in te bouwen. Waarom kunnen we niet iets minder opbouwen in het spitsuur van je leven als je een dure hypotheek hebt, kosten voor crèche of studie van de kinderen? En dan later wat meer.”„Mensen realiseren zich niet hoe verschrikkelijk belangrijk het is dat we de zorg betaalbaar houden. Iemand met een modaal inkomen besteedt ongeveer een kwart aan zorgkosten. Als we niets doen, zou dat zomaar tot 40% op kunnen lopen. Het zou dus echt niet goed zijn als we het eigen risico afschaffen. Dat eigen risico helpt bij de beheersing van de zorgkosten.”„Die stelling zou ik graag onderbouwd zien. Ik geloof dat niet. Je hebt dan geen prikkels meer om het efficiënter te doen. Bovendien is een nieuwe stelselherziening an sich al zó verschrikkelijk duur dat je eventuele uitvoeringswinsten van de eerste zoveel jaar teniet doet.”„Die onzekerheid is heel breed. Het gaat over de vraag: herken ik mijn wijk nog? Het gaat ook over grote thema’s als identiteit en immigratie. Maar economisch bezien gaat het zeker over de arbeidsmarkt. Vroeger had je vertrouwen dat je een bepaalde loopbaan zou hebben. Die vaste loopbanen zijn er niet meer.”„Op dit punt wel ja. Er zaten ook goede elementen in het sociaal akkoord en in de Wet Werk en Zekerheid, zoals het verkorten van de WW.”„Volgens die Wet Werk en Zekerheid mag je iemand maar twee jaar tijdelijk in dienst nemen. In feite is dit een voedingsbodem voor populisme. Het is een gewaagde uitspraak, dat snap ik heus wel. Je erkent het probleem, maar gebruikt een instrument dat zou passen in de oude economie maar niet in de nieuwe, geglobaliseerde economie. En je belooft dat het gaat werken. Dan moet je niet verbaasd zijn als mensen teleurgesteld of boos zijn.”„Het is een oud instrument. Wij kunnen de arbeidsmarkt niet onze wil opleggen. Je kúnt globalisering en de bijbehorende flexibilisering niet tegenhouden. Je moet juist proberen om het in goede banen te leiden. Mijn voorstel is: laten we het vaste contract afschaffen en overgaan tot een contract van vijf jaar. Voor u, voor mij, voor iedereen. Dan heeft de werknemer vanaf dag één een prikkel om aan te blijven tonen dat die genoeg toegevoegde waarde heeft. En de werkgever zal zijn stinkende best doen om goede werknemers te behouden.”„Dit plan doet iets aan onderscheid tussen vast en tijdelijk. Daarnaast moet er iets gebeuren voor mensen met een te grote afstand tot de arbeidsmarkt. Voor hen moet er een verzekering tegen kennisveroudering komen. Als mensen echt niet met hun huidige kennis en talenten een baan kunnen krijgen dan kunnen ze een opleiding gaan doen. En als laatste in die drietrap hebben we teveel risico’s op het bordje van de werkgever gelegd, zoals loondoorbetaling bij ziekte van werknemers. Door dat deels terug te draaien hebben werkgevers minder behoefte aan flex.”„Dat is maakbaarheidsbeleid.”„Hij was gewaarschuwd. Door het CPB, door íedereen.”„Nee. Met het vijfjaarscontract geef je mensen een prikkel om te gaan investeren in hun aantrekkelijkheid op de arbeidsmarkt. Dat is wat je mensen gunt: weerbaarheid, wendbaarheid. Wat gebeurt er nu? Een leven lang leren? Nee, helaas dóen we het niet.”„Ja ook. Daar is die verzekering tegen kennisveroudering voor. Maar weet u wat ook heel tragisch is? Dat wij nu jonge mensen opleiden voor banen die er straks of zelfs nu al niet meer zijn. Op het mbo zitten tienduizenden leerlingen in economisch-administratieve opleidingen en de kans dat zij een baan krijgen die bij hun opleiding past, is niet zo groot. Het aanbod van onderwijs past zich gewoon niet aan bij de toekomstige vraag op de arbeidsmarkt.”„Weet u wat een heel mooie uitspraak is? Van Darwin. Hij zei: het is niet de sterkste van de soort die overleeft, het is ook niet de slimste, maar degene die zich het beste kan aanpassen. Ons onderwijs zou al die leerlingen juist dát moeten leren.”„Een volgend kabinet moet op alle fronten versnellen. Het meest dringend is het middensegment op de huurmarkt, dat nu gemangeld wordt tussen fiscale subsidiëring voor koopwoningen en het gereguleerde segment aan de onderkant.”„Klopt. Dat werkt door op de arbeidsmarkt. Je zal maar in een prachtige sociale huurwoning zitten in de Jordaan. En je krijgt een baan in Zwolle. Dan neem je misschien die baan niet, omdat je je plek op de Amsterdamse woningmarkt niet wilt opgeven voor een dure woning in de vrije huursector, terwijl je in Zwolle productiever zou zijn. De woningmarkt moet een flexibele arbeidsmarkt niet tegenwerken. Dat betekent dat je de fiscale subsidiëring voor koop en de regulering voor de onderkant kritisch moet bekijken.”„Op de middellange termijn zal de groei substantieel lager zijn.”„Nee. Maar ik ga niet zuur zitten doen over de 2% groei die het CPB nu verwacht. Ook al zit daar inhaalgroei in. Het is net als wanneer je keihard gewerkt hebt, dan kun je extra genieten van een vakantie. Dat is wat we nu doen.”

CV

1969 Geboren in Leiden

1989-1993 Studie economie, UvA

1994-2000 UvA/Tinbergen Instituut

2000-2016 SEO Economisch Onderzoek, vanaf 2008 algemeen directeur

2009 Hoogleraar economie, UvA

2012 Kroonlid SER

2014 Lid Monitoring Commissie Corporate Governance Code

2016 Directeur Kennisontwikkeling Rabobank

Geachte lezer,

Per 1 januari stoppen we met de dagelijkse verzending van DFT Avond. In plaats van deze nieuwsbrief zullen we op onze site DFT.nl en onze nieuwe DFT-app gedurende de dag extra exclusieve premium-verhalen voor onze abonnees brengen. Daarbij geven we een inkijkje in de krant van morgen, met nieuwsverhalen, analyses en columns. Wanneer u in de DFT-app aangeeft welke indices danwel aandelen u nauwgezet wil volgen (de ‘watchlist’) krijgt daarover nieuwsberichten toegestuurd.

Lees meer over