Nieuws/Binnenland

Nabestaanden: dit is dood door schuld

’Defensie ernstig tekortgeschoten bij mortierongeluk Mali’

Door Redactie Parlement

ANP

DEN HAAG - UPDATE 14.00 UUR - Defensie is tijdens de missie in Mali ernstig tekortgeschoten in de zorg voor de veiligheid van Nederlandse militairen. Tot dat vernietigende oordeel komt de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) in haar rapport over het ongeluk van vorig jaar zomer met een mortiergranaat, waarbij twee militairen om het leven kwamen en er een zwaargewond raakte.

ANP

Nabestaanden van de twee militairen die in Mali om het leven kwamen tijdens een oefening met een mortier, vinden dat er sprake is van dood door schuld. De Onderzoeksraad voor Veiligheid concludeerde donderdag dat de veiligheid van de granaten die werden gebruikt niet in orde was.

„Ik heb er geen woorden voor. Dit is dood door schuld”, zegt Kees Roggeveld, vader van de omgekomen Kevin Roggeveld tegen onze verslaggever. De ouders van de tweede gesneuvelde militair Henry Hoving vinden dat ook. Zij noemen de conclusies van de onderzoeksraad „schrijnend” en „niet te filmen.” Moeder Greetje Groenbroek zegt: „Het steekt dat er bewust voor is gekozen om de jongens met onveilig materiaal op pad te sturen. Daarom is er sprake van grove nalatigheid, ze zijn gewoon vermoord.”

Volgens de OVV zaten er in de fatale granaat zwakke plekken. Door een combinatie van vocht en warmte ontstonden er „zeer instabiele, schokgevoelige explosieve stoffen in het ontstekingsmechanisme van de granaat.” Tijdens het laden is de mortiergranaat ontploft in de buis. Korporaal Kevin Roggeveld en sergeant der 1e klasse Henry Hoving waren op slag dood. Een derde militair raakte ernstig gewond door rondvliegende scherven.

Tijdsdruk

De Onderzoeksraad stelt dat de 60mm-mortieren waarmee de militairen in Mali werkten in 2006 ’onder grote tijdsdruk’ zijn aangeschaft voor de missie in Uruzgan. „Gedurende de aanschafperiode zijn procedures en controles achterwege gelaten.” Defensie dacht namelijk dat de Amerikanen, die de mortieren ook in gebruik zouden hebben, ze hadden getest. Dat was niet het geval.

In het koopcontract stond duidelijk dat dit niet het geval was en dat de Amerikanen de veiligheid van de munitie niet konden garanderen. „Desondanks tekende Nederland het koopcontract en deed daarmee feitelijk een aankoop in den blinde.” Later kwam de restpartij in Mali terecht. Daar werden ze niet in een gekoelde container bewaard, maar in de bloedhete zon.

Vernietigd

„Tijdens het onderzoek bleek het munitiebeheer niet op orde”, oordeelt de OVV. Vervoer, opslag, gebruik, het bleek allemaal niet te traceren. Tekenend hiervoor is de poging van de Onderzoeksraad om de fatale mortieren afgelopen zomer in Mali te onderzoeken. Volgens Defensie waren ze beschikbaar, maar eenmaal aangekomen, bleken de overgebleven mortiergranaten verdwenen. Ze bleken al in het najaar van 2016 vernietigd. „Deze gebeurtenis maakt duidelijk dat Defensie het beheer van deze munitie niet op orde had.”

Afwachtend

Ook de medische zorg in Mali voldeed niet aan de richtlijnen die Defensie zichzelf stelt. De eerste hulp die de gewonde militair kreeg, was adequaat, maar in het VN-veldhospitaal in Kidal. De Togolese artsen wachtten af en pasten de voorgeschreven behandeling van oorlogswonden niet toe.

De Onderzoeksraad voor de Veiligheid adviseert de zorg voor wapens en munitie te verbeteren. Andere landen die dit type mortieren gebruiken, moeten gewaarschuwd worden. Risico’s moeten realistischer worden ingeschat. Dat is ook van belang bij het politieke besluit bij het uitsturen van missies. Defensie mag best vaker eens ’nee’ verkopen als ze de risico’s onverantwoord acht. De komende jaren zal de druk op de krijgsmacht door immers alleen maar toenemen.

Signalen genegeerd

Dit is sinds 2014 het derde kritische onderzoek van de OVV over de naleving van veiligheidsvoorschriften van Defensie. Telkens bleek dat in de krijgsmacht signalen over misstanden worden genegeerd.

Ook over de 6mm-mortieren hebben vanaf de aanschaf tot het ongeluk medewerkers meermaals hun zorgen geuit over de kwaliteit en de veiligheid van de mortiermunitie en de opslag ervan. Met die meldingen gebeurde niets.

’Herhaling voorkomen’

Minister Jeanine Hennis (Defensie) voelt zich „verantwoordelijk” na het de harde conclusies over het mortierongeluk in Mali, maar denkt niet dat het de oplossing voor de problemen zou zijn als zij aftreedt. Ze zegt dat ze liever optreedt om ervoor te zorgen dat het niet nog een keer gebeurt.

Debat

Premier Mark Rutte heeft nog altijd vertrouwen in Hennis. „Ja, dat vind ik zeker”, zei Rutte op de vraag of Hennis kan aanblijven. Verder wilde hij niet op de zaak ingaan.

De Tweede Kamer houdt volgende week een debat over het OVV-rapport.

Lees meer over