Nieuws

Minister Hennis ontkent rommel opruimen van Amerikaanse invasie

’Westen heeft geen schuld’

Door Niels Rigter

Minister Hennis bezoekt een gewondenverzamelpunt in in Mosul.

Minister Hennis bezoekt een gewondenverzamelpunt in in Mosul.

ANP

De trainingsmissie in het Afghaanse Kunduz was tandeloos door alle beperkingen die de militairen waren opgelegd. Dat nooit weer, besefte politiek Den Haag achteraf. De trainingsmissie in Irak kan zich dan ook onbelemmerd aanpassen aan de omstandigheden. Een verademing, vindt minister Hennis (Defensie) terugblikkend op haar meerdaagse reis naar Irak.

Minister Hennis bezoekt een gewondenverzamelpunt in in Mosul.

Minister Hennis bezoekt een gewondenverzamelpunt in in Mosul.

ANP

Nederland traint en maakt de strijd tegen IS effectiever. Maar we leren ook, zegt VVD-minister Hennis op de terugweg van een meerdaagse reis naar Irak, waar het soennitische terreurleger gestaag terrein verliest.

„Toen we twee jaar geleden begonnen met basistrainingen, wisten de Peshmerga eigenlijk niet wat ze met hun gewonden moesten doen”, zegt de VVD-bewindsvrouw. „Ze lieten ze min of meer liggen.” Dinsdag kon ze zien hoe nuttig de training in slimme gewondenverzorging is geweest. In de buurt van Mosul, het laatste grote IS-bolwerk dat nog moet worden heroverd, bezocht ze een gewonden-verzamelpunt (casualty collection point – CCP), waar Nederlanders de Iraki’s adviseren en gewonden behandelen. Het CCP was geïmproviseerd in een spookdorp waaruit iedereen was gevlucht. De huizen zaten vol boobytraps. In een van explosieven ontdaan huis met bloemetjesbehang wordt nu eerste hulp verleend. In de tv-kamer is de operatiekamer ingericht. Tijdelijk. Als het front verschuift, verschuift ook het CCP.

Het is nog eens wat anders dan een oefening bij Schaarsbergen.

„Onze medics (militair verpleegkundigen, red.) werken op een plek waar vele zwaargewonden binnenkomen, soms wel dertig per dag. Dan moeten ze kiezen: de ergste eerst. Dan hoor je: deze hier heeft geluk gehad, want die kogel ging precies door z’n neustussenschot – voor de rest bleef hij ongedeerd. Dat zijn de verhalen die ze nu dagelijks ervaren en die we in Nederland niet aan de hand hebben.”

Vindt u dat er voldoende vooruitgang is in de strijd tegen IS?

„In de Nederlandse bijdrage? Zeker. We hebben ontplooid, we hebben onze F16’s ingezet, zijn begonnen met basistrainingen op vaste locaties. Dat werden mobiele supportteams dichter bij het front. Nu zijn het onder andere steeds meer specialistische trainingen, door advice & assist-teams, helemaal aangepast aan de strijd zoals die zich heeft ontwikkeld en de veranderde behoefte van de Iraakse en Koerdische strijdkrachten. We hebben nogal eens de neiging om een mandaat te willen ’dichtregelen’. Ik zie enkele andere landen uit de coalitie steeds verder achteroplopen omdat ze die beperkingen wél hebben. Dat was ook met Kunduz: helemaal dichtgeregeld met honderdduizend voorwaarden. Hier niet.”

Wat wordt de Nederlandse rol als IS in Irak helemaal is verslagen?

„Het is nog niet zo ver. Misschien valt het oosten van Mosul dit voorjaar, maar dan hebben we bijvoorbeeld het westen nog niet gehad. Daarnaast heb je nog allerlei plekken zoals de Hawija-pocket waar IS zich nog verschanst. Dat is de korte termijn. Die kan nog een jaar of langer duren.”

U zegt steevast: het is een strijd van de Irakezen zelf. Wat doet Nederland daar dan?

„We adviseren en assisteren, maar we vechten niet. We hebben lessen geleerd uit het verleden. De Amerikanen kunnen het bevestigen: we kunnen heel makkelijk met een aantal coalitielanden grootschalig Irak binnengaan om het even te regelen, maar vervolgens is er geen eigenaarschap bij de Irakezen. Zij moeten het op de lange duur regelen, maar ze kunnen het nog niet alleen.”

Zijn we nu de rommel aan het opruimen die met de invasie van de Amerikanen in 2003 is begonnen?

„Sorry, maar dit zijn echt SP-teksten. Het zou betekenen dat het Westen IS heeft gecreëerd. In die redenering ga ik niet mee.”

Dan redeneert het kabinet ook als de SP. In Kamerbrieven staat steevast dat de marginalisering van de soennieten de voedingsbodem vormde voor IS. Het waren de Amerikanen die de regering verving door sjiieten. Die drukten vervolgens de soenni’s weg.

„Die strijd gaat veel verder terug. Je kunt het Westen hier echt niet de schuld van geven.”

Hoe lang blijven we daar nog?

„De grootste fout die het Westen nu kan maken, is shock and awe: we regelen het en we zijn weer weg. We moeten af van het idee dat we een conflict even kunnen beslechten en dat je daarmee stabiliteit afdwingt. Er staan in Fallujah vier brigades Iraakse troepen als holding forces om stabiliteit te behouden. Vier brigades, meer dan de Nederlandse krijgsmacht heeft. Dat is niet houdbaar, want die militairen zijn elders in Irak nodig. Daarom heb je politiekrachten nodig, maar die moeten wel worden opgeleid. Daar zal het Westen een rol in hebben. We zijn daar voorlopig nog niet weg. Langdurige betrokkenheid van de internationale gemeenschap is een gegeven. Als ik zou zeggen dat Nederland over een paar jaar nog in Irak zit, dan zou ik over mijn graf heen regeren. Maar we maken deel uit van een coalitie die er belang bij heeft dat daar stabiliteit bestaat. Ik voorspel langdurige betrokkenheid in Irak.”