Nieuws/Nieuws

Op de woeste heide lagen struikrovers op de loer

Mooie wandeling in Voorthuizen

Door door Joop Duijs

Dit paasweekeinde gaan de eersten traditiegetrouw weer naar hun caravan op de camping. Voorthuizen, op de rand van de Gelderse Vallei en de Veluwe, is een heel populaire bestemming. Het telt dan ook vele fraaie kampeerplaatsen, chaletparken en hotels. Een prachtige omgeving ook voor een wandeling.

Daarvoor kiezen we het Griezeveensepad, een klompenpad genoemd naar het Grijze Veen dat we al snel nadat we zijn vertrokken, passeren. Het fraaie ven is ontstaan door het afgraven van veen. Zo zijn meerdere plassen hier in de omgeving ontstaan, die later werden gebruikt als drink- en wasplaats van de schaapskuddes die toen hier werden gehouden.

Het is nu met al die bossen niet meer voor te stellen, maar eens was de omgeving van Voorthuizen een grote wildernis met heide, veengebieden en moerassen, waar amper een boom groeide.

Reus Bunckman

Hessenkarren, komend uit het oosten, rammelden volgeladen met allerlei handelswaar over de heide, honderden meters brede sporen trekkend door de nog ongerepte, woeste gronden. Struikrovers lager er op de loer, hopend op een kapot wiel van een van de Hessenkarren of een onvoorzichtige, eenzame reiziger. Maar er liepen hier toen ook nog wolven, hongerig op zoek naar een ziek of verzwakt dier.

Ter herinnering aan die tijd staat in het centrum van Voorthuizen een fraai standbeeld. Het is gebaseerd op de sage van de kleine vioolspeler die de reus Bunckman met zijn spel letterlijk plat speelde. Bunckman was zo’n struikrover die al heel wat slachtoffers op zijn naam had. Toen hij ook de muzikant, die stad en land afreisde om met zijn vioolspel een paar centen te verdienen, te pakken had gekregen, vroeg deze of hij voordat hij de kop zou worden ingeslagen nog een keer op zijn viool mocht spelen. Dat mocht en de violist speelde letterlijk of zijn leven ervan af hing. Op zijn viool kon hij muziek maken die kruiken liet breken en kristallen glazen uiteen deed spatten. De reus brulde dat hij moest ophouden, maar de muzikant ging uiteraard gewoon door, waarna Bunckman met een zware dreun ter aarde ging.

Toeristendorp

Door Voorthuizen kwamen vroeger meerdere zogenoemde Hessenwegen die via het dorp naar Zutphen, ’t Loo, Amersfoort, Deventer en Zwolle gingen. De koetsiers van de wagens, die hun waren van en naar Duitsland vervoerden, sliepen of aten hier en lieten hun paarden verzorgen bij de vele smederijen die Voorthuizen rijk was.

Nu is het een toeristendorp vol campings en zeer luxe chaletparken. We passeren een gebied dat vroeger heel populair was bij weidevogels als de grutto en wulp, maar nu helemaal vol staat met prachtige, luxe en zeer goed onderhouden stacaravans die ook in wintertijd al bewoond worden.

Even verder wandelen we een uitgestrekt bosgebied in. Er wordt hard gewerkt om de boel in orde te brengen voordat de toeristen weer komen. Zieke bomen worden verwijderd en al te dichte begroeiing wordt gesnoeid. De zandpaden gaan hier op een neer over glooiend terrein en ze brengen ons na een paar kilometer bij een meer agrarisch gebied, waar heel duidelijk de overgang van Gelderse Vallei naar Veluwe is te zien. We passeren er vele maneges. Logisch want het is hier een ideaal gebied om met je paard naar buiten te gaan. Langzamerhand naderen we het voormalige landgoed Zandbergen, dat nu het Wilbrinksbos heet. Zo genoemd naar de schenker, notaris Wilbrink.

Heuveltjesbos

Het bos wordt gekarakteriseerd door oude bomen, grillige boomstronken en flinke heuvels, wat waarschijnlijk voormalige stuifduinen zijn. Scholen uit de omringende dorpen planden hun schoolreisje vroeger naar het Wilbrinkbos, dat in de volksmond vooral Heuveltjesbos wordt genoemd. Een van de heuvels heet de Eierenheuvel. Eens, voordat de spelcomputer zijn intrede maakte, vermaakte de jeugd zich op Tweede Paasdag door eieren van de heuvel te laten afrollen. Voorthuizen werd op 16 april 1945 bevrijd door de Canadezen na hevige strijd in onder andere het Wilbrinkbos. Hier ligt dan ook nog altijd veel munitie horen we van een ‘schatgraver’ die met zijn metaaldetector en zijn zoontje de bodem afspeurt.

Voorthuizen was in de laatste wereldoorlog niet alleen een verblijfplaats voor vele onderduikers, ook kwamen velen uit de Randstad in de Hongerwinter naar hier in de hoop wat voedsel voor hun familie te bemachtigen. Soms op fietsen zonder banden en overnachtend in het hooi boven de koeien omdat het daar zo lekker warm was.

Oude Hessenweg

Veel ellende dus, maar zelfs in barre tijden is er altijd nog humor om te lachen. Zo horen we het verhaal van Gert Jan van Elten over de laatste dagen voor de bevrijding. Wat hij zich nog herinnert, is een vluchtende Duitse officier die een paar‚d nodig had om zijn Volkswagen, die zonder benzine stond, te trekken. Omdat het paard een veulen had, wilde het echter niet weg. De Duitser propte daarom het veulen achterin de Volkswagen, waarna een andere Duitser het paard besteeg en de sporen gaf.

Bijna terug steken we de Apeldoornsestraat weer over. De oude Hessenweg die Apeldoorn en Deventer verbond, werd in 1809 in opdracht van koning Lodewijk Napoleon bestraat met klinkers. Gelukkig voor al die caravanbezitters zijn die inmiddels vervangen voor strak asfalt.

ROUTE

14 km, 70% onverhard, honden verboden.

Sporen

Vroeger bracht men handelswaar met enorme karren vanuit het oosten naar onze havens om ze verder over de wereld te verhandelen. Die karren waren zo groot, dat ze niet pasten in de al bestaande karren- en wagensporen in onze dorpen en steden. Daarom reisden de breedsporige wagens over nog onontgonnen gronden en kozen de koetsiers het liefst een route die nog niet kapot gereden was. Daardoor zijn die nog altijd zichtbare sporen soms honderden meters breed

Horeca bij start en finish: Eethuisje De Heuveltjes en Voorthuizen.

Lees meer over