Nieuws

Investeerders bieden tegen elkaar op

Geld brandt in de zakken

— null

Door Edwin van der Schoot

Utrecht - Private equity investeerders en banken staan te springen om bedrijfsovernames te financieren. Gevolg: bizar hoge prijzen voor goede bedrijven.

In Almere werken een kleine 200 mensen bij schoonmaakmiddleenproducent HG. Hun bedrijf is sinds ene paar jaar in handen van gilde, een investeerder die veel pensioengeld belegt. HG werd eind vorig jaar in d eetalage gezet, de Amerikaanse bankier William baird mag een koper zoeken.

Op het kantoor van Baird in Londen knipperden ze wel even met de ogen toen vlak voor kerst tientallen geïnteresseerde kopers hun interesse kenbaar maakten, en bedragen boden die de vorig gedacht richtprijs van €200 miljoen direct al overstegen. Besloten werd het verkoopproces dan ook maar aan te passen, en voor d ehoofdprijs te gaan: Vier kopers die het verst lijken te willen gaan, krijgen inzage in d eboeken, en moeten de komende weken hun finale bod uitbrengen.

HG - de schoonmaakmiddleen die ene begrip zijn in ons land, is een bedrijf dat veel uitbesteed. Alleen de marketing doet het helemaal zelf, en daar is het - tot ergernis van reclamebureaus’s, heel simpel maar ook heel goed in. ’HG doet wat het beloofd.’

Dat geldt ook voor aandelehouder Gilde. HG heeft voorspelbare inkomsten, en maakt dubbelcijferige marges, waardoor er gemakkelijk een forse schuld op de balans kan staan. De rente daarover fiscaal grotendeels aftrekbaar.

Bedrijven als HG zijn sinds de zomer van 2014 bijzonder populair bij opkoopfondsen. Nadat ECB president Mario Draghi zijn ’whatever it takes’ uitspraken deed, en later daadwerkelijk de geldpers aanzwengelde, is er niet alleen veel geld in de markt gekomen, rente’s zijn ook nog eens historisch laag.

„Banken hebben door het beleid van centrale banken veel liquiditeit en zijn meer en meer bereid om leningen voor bedrijfsovernames te verstrekken,” legt fusie- en overnamespecialist Frank de Lange (Vondel Finance) uit. „Daarnaast hebben private equityfondsen veel geld. De afgelopen twee jaar zijn er in het middensegment van de markt in ons land zo’n 15 nieuwe fondsen opgehaald, allemaal minimaal enkele tientallen miljoenen groot.” De Lange ziet de effecten langzaam doordruppelen naar dit middensegment, daar waar het eerst vooral de grote, mondiale investeerders waren die ervan profiteerden. Eric Wijs, dealmaker bij midmarketadviseur Lincoln, vult aan: „Private equity financiert schat ik momenteel ongeveer de helft van een overname met vreemd vermogen, waar het een lage rente over betaald. En voor banken geldt dat zo’n leveraged buy out lening tussen de 4 en 7% rendement oplevert. Dat is meer dan je op vastrentende warden zoals hypotheken verdient.”

Wijs ziet nog een tweede reden waarom kwalitatief goede bedrijven die te koop staan zoveel bieders aantrekken. „Private equity als beleggingscategorie groeit. Pensioenfondsen en rijke families kiezen steeds vaker voor de superieure rendementen die deze invetseerders realiseren.” De meeste grote pensioenfondsen steken 5 tot maximaal 10% van hun inleg in private equity.

Op de vraag of de biedingenstrijden en de hoge prijzen niet risicovol zijn, zijn de meningen verdeeld. „Dat zal voor een dele liggen aan de ontwikkeling van de rente,” weet De Lange. Wijs: „Voorheen maakte private equity 20 tot 25% rendement. Maar veel beleggers in private equity lijken nu genoegen te nemen met 10 tot 20%.”

Marc van Voorst, directielid van de Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen (NVP), nuanceert: „De NVP ziet dat voor goede bedrijven met perspectief goed wordt betaald. Dat is van alle tijden en geldt zowel voor strategische kopers als financiële kopers (participatiemaatschappijen). Door de lage rente is kapitaal goedkoop. Daarnaast is het vertrouwen in de economie gestegen. Deze combinatie kan ervoor zorgen dat prijzen van huizen, maar inderdaad ook bedrijven, stijgen.”

De NVP ziet weinig risico’s kleven aan de prijzengekte, mits er extra waarde kan worden gecreëerd, legt Van Voorst uit: „Elke bieder moet een goed plan en de capaciteiten hebben om een bedrijf een stap verder te helpen en zo waarde toe te voegen. Dit kan bijvoorbeeld door een bedrijf te internationaliseren (zie bijvoorbeeld Action of Hunkemöller) of door nieuwe markten aan te boren. Doorgaans zie je dat participatiemaatschappijen deze kennis en ervaring in huis hebben en hierin slagen.”

Door Edwin van der Schoot