Nieuws

iPad blijft ’een toverdoos’

Door Eva Gabeler

Heleen Post (90) staat wel open voor e-health, maar ze vindt de digitale ontwikkelingen moeilijk bij te houden.

Heleen Post (90) staat wel open voor e-health, maar ze vindt de digitale ontwikkelingen moeilijk bij te houden.

Serge Ligtenberg

Heleen Post (90) staat wel open voor e-health, maar ze vindt de digitale ontwikkelingen moeilijk bij te houden.

Heleen Post (90) staat wel open voor e-health, maar ze vindt de digitale ontwikkelingen moeilijk bij te houden.

Serge Ligtenberg

De 90-jarige Heleen Post gebruikt de oude iPad van haar zoon. Ze ontvangt e-mails, zoekt via zoekmachine Google af en toe iets op en heeft het zelfs een keer voor elkaar gekregen om online een programma terug te kijken via Uitzending Gemist.

De iPad blijft voor haar ’een toverdoos’. Digitale hulpmiddelen op het gebied van zorg lijken haar praktisch voor herhaalrecepten. „Maar wat gezondheid betreft gaat er voor ouderen niets boven een gesprekje met de dokter. Van mens tot mens, bedoel ik. Met de iPad lukt het me de ene keer beter dan de andere. Met de dokter kom ik er altijd wel uit”, zegt Heleen.

Vandaag debatteert de Tweede Kamer over vernieuwingen op het gebied van elektronische gezondheid, ook wel e-health genoemd. Artsen, patiëntenfederaties en ouderenbonden hopen zo de veiligheid en gezondheid van onder anderen ouderen te kunnen verbeteren. De overheid ziet e-health bovendien als een mooie bijkomstigheid nu ouderen tot op latere leeftijd thuis moeten wonen.

Een groep van 25 ouderen zit vandaag op de publieke tribune van de Tweede Kamer tijdens het debat over gezondheidszorg. Ze willen gehoord worden. Heleen vindt e-health mooi klinken. En ze noemt de doelstellingen ook nobel. Maar het gebruik ervan is makkelijker gezegd dan gedaan in haar optiek. „Ik vrees dat jonge ouderen zoals ik nog wel een paar jaar nodig hebben om dit onder de knie te krijgen. Het is daarom belangrijk dat we hulp krijgen.”

Maar soms hoeven ouderen minder te doen dan ze denken. Met bepaalde toepassingen wordt al volop gewerkt, volgens belangenbehartiger Actiz. Sensoren bijvoorbeeld, waarmee de Amsterdamse vestiging van Cordaan sinds juni werkt. De apparaatjes kunnen worden gemonteerd op bijvoorbeeld de ijskast of de voordeurmonitoren van bewoners, waardoor een patroon kan worden ontdekt – net als afwijkingen op dat patroon. Als een patiënt met beginnende dementie op ongebruikelijke momenten het huis verlaat, kan dat duiden op dwaalgedrag.

Dergelijke voorbeelden zijn pas het begin, denkt Michiel Heidenrijk, directeur van het Amsterdam Health Techonolgy Insitute (Ahti). Volgens hem kunnen de veranderingen in de zorg nog veel groter zijn en kan ook de thuiszorg makkelijker.

Heidenrijk stelt dat het wachten is op een brede verandering van het systeem: hij noemt ter illustratie een vernieuwende diensten zoals Uber. „Die zette de taxiwereld op z’n kop en dat bestaat in de zorg nog niet. Nu zitten we in veel gevallen vast aan het ziekenhuis. Een arts moet een diagnose stellen en testresultaten sturen naar een lab. Daarmee is zorg gebonden aan een locatie, ziekenhuizen zijn nog niet uitgerust om een structureel nieuwe manier van zorg te kunnen bieden.”

Niet iedereen hoopt dat die grote veranderingen morgen al plaatsvinden. Ouderenorganisatie Kbo-pcob legt uit dat nieuwe technieken meer vragen van ouderen dan het lezen van de gebruiksaanwijzing.

De organisatie denkt daarom dat ouderen wel wat hulp kunnen gebruiken bij het oefenen en begrijpen van tablets en dat het goed zou zijn als er beter naar hun ervaringen wordt geluisterd. „Onlangs vroeg iemand zich af of hij op een tablet telkens het hele boek moest doorbladeren als hij weer begon met lezen: een bladwijzer kon hij immers niet gebruiken. Wij denken daarom aan een coach die ouderen vertrouwd maakt met de techniek.”

Risico

Een goed idee van de ouderenbond, denkt Jaap Visser, voormalig cardioloog en als kennisdeskundige op het gebied van e-health verbonden aan het Amsterdamse ziekenhuis OLVG. Ook om een hele andere reden: verminderd persoonlijk contact is een risico bij intensief gebruik van elektronische middelen, waarschuwt hij.

„Als digitale hulpmiddelen het persoonlijk contact gaan vervangen, werkt dat vereenzaming in de hand bij ouderen”, zegt Visser. „Het is weliswaar niet de taak van artsen om hun patiënten van gezelschap te voorzien, maar zij kunnen wel de hulptroepen inschakelen. Met name huisartsen, zij geven bijvoorbeeld wijkverpleegkundigen een seintje.”

De 90-jarige Heleen graag hulp willen in de veranderende wereld van gezondheidszorg. „Het zou mooi zijn als iemand ons op weg helpt. Dan zou ik misschien minder vaak naar de huisarts gaan en meer mailen.”