Nieuws/Binnenland

Interview

Onrust is mijn drijfveer

Kees van der Spek (50) kent u van Oplichters in het buitenland. Hij reist de wereld af op zoek naar spannende verhalen en is altijd op weg naar het volgende avontuur.

Echt veel thuis is Kees niet. Net een paar dagen terug en over een krappe week vertrekt hij alweer naar het buitenland voor een nieuw televisieprogramma. Maar gelukkig was er afgelopen zomer ook tijd voor een vakantie met zijn vrouw Annabelle en zijn jongste zonen Joël (9) en Sil (6). “Ja, de eerste kampeervakantie met de jongens. De laatste ook denk ik. Met het succes van het programma komt ook een bepaalde bekendheid die onhandig is als je met je gezin op een camping staat. Daar had ik me op verkeken. Dan huur ik veel liever een leuk huis op een berg in Andalusië.”

 

Je zei ooit: ‘Ik ben pas echt gelukkig als ik uit het vliegtuig stap en de warmte op mijn huid voel.’ Ontwikkelde je daarom een tv-programma dat je naar het buitenland voert?

“Nee, onrust is mijn drijfveer. Mijn hele familie heeft dat. Wij woonden in het buitenland vroeger en je hoort dat wel vaker: als mensen hun jeugd in het buitenland doorbrengen dan willen ze uiteindelijk altijd weg. Ik werd geboren in Nazareth en woonde met mijn familie achtereenvolgens in Duitsland tot mijn derde, in Nederland tot mijn twaalfde, daarna Suriname en van mijn vijftiende tot mijn zeventiende in Burundi. Daarna kwam ik pas echt naar Nederland. En nu, dertig jaar later, ben ik nog steeds pas echt gelukkig als die warme klamme deken over me heen valt, zoals in de tropen en ik met mijn slippers door het zand loop.”

 

Waarom koos je uiteindelijk voor Nederland als thuisbasis?

“Omdat ik van oorsprong journalist ben en mijn wapen mijn taal is. Ik kan heus wel met Frans en Engels uit de voeten, maar als journalist moet je toch in je primaire taal werken. Stel dat ik vaatchirurg was geweest en die hadden ze nodig gehad in Nieuw-Zeeland, dan was ik gegaan. Vergis je niet, ik ben hier gelukkig. Maar in Oeganda, waar ik een paar jaar terug met Peter voor ons toenmalige programma was, moest ik toch ook bijna janken van geluk toen ik de geur van Afrika na lange tijd opsnoof. Het ruikt daar naar houtskool, precies zoals ik me herinnerde. Het bracht me in één klap 35 jaar terug. Terug naar de tijd in Burundi. Ik ben er nooit meer terug geweest want het is gewoon te ver, maar ik heb er wel speciale gevoelens bij.”

 

Jouw vier zoons zijn in Nederland geboren en getogen. Hebben zij jouw reislust geërfd?

“Ik hoop het. Ik breng ze wel altijd bij dat ze avonturen moeten beleven in hun leven en daar hoort reizen natuurlijk bij. Maar die onverklaarbare reisdrang die ik en mijn zusjes hebben, zie ik niet bij hen. Ik ga wel ieder jaar met de twee oudste zoons op mannenweekend, maar dan is dat toch iets dichter bij huis. Barcelona of zo.”

 

Welke reis voor je televisieprogramma is je het meeste bijgebleven?

“Shanghai. Daar ben ik gegijzeld geweest en heb dus wel even in de rats gezeten. De scam in Shanghai was dat je op straat aangesproken wordt

voor een massage wat dan vervolgens een seksmassage blijkt en bakken met geld kost. Precies zo gebeurde bij mij. Ondanks uitdrukkelijk gezegd te hebben dat ik een normale massage wilde, begonnen die vrouwen aan mijn broek te trekken en me in mijn kruis te graaien terwijl ik in een achterafkamertje lag. Nadat ik geïrriteerd opgestaan was en aanstalten maakte om weg te gaan, want ik had al betaald, kwamen er twee intimiderende gasten de kamer in. Ze scholden me uit en hielden me vast. Ik was ze nog kamerhuur verschuldigd zeiden ze. Maar liefst € 2380 wilden ze hebben. Precies de limiet van een gangbare creditcard. Ik wilde niet betalen en werd tot tien keer toe met de dood bedreigd en mocht niet weg. Normaal gesproken heb ik een zendertje onder mijn shirt en sta ik in contact met mijn crew, maar dat had ik deze keer niet omdat ik mijn kleren uit moest doen. Mijn crew kon me dus ook niet horen. Uiteindelijk bleek dat het menens was en heb ik uit angst om ontmaskerd te worden en dan nog verder van huis te zijn, betaald. Eenmaal buiten was ik weer herenigd met mijn team en lieten we direct alles blokkeren.”

 

En daarmee was de kous af?

“Nee! Want ik werd gevolgd en op een of andere manier hadden ze door dat wij niet de normale toeristen waren. Op een gegeven moment komt dat vrouwtje naar me toe en zegt dat het allemaal op een vergissing berustte. Ik griste meteen de creditcardslip uit haar handen maar ze gaf ze me ook € 1900 cash terug. Ondertussen was de kaart al geblokkeerd, dus ik had dikke winst gemaakt. Later hebben we de beelden aan Visa Card gegeven en hebben ze vijftien mensen gearresteerd. Hoe cool is dat! En ik heb nog geld van ze ook. Uiteindelijk liep dit dus heel goed af.”

 

Is jouw thuisfront nooit bang dat je iets overkomt?

“Jawel, daarom bel ik altijd alleen door wat we gedaan hebben als het al achter de rug is.”

 

Hoe kijk jij nu tegen toeristen aan die in de maling genomen worden?

“Ik verbaas me enorm dat mensen in de meest voor de hand liggende oplichterspraktijken trappen. Balletje-balletje bijvoorbeeld. Dat stelden we aan de kaak in Parijs. Hoe bestaat het dat mensen daar nog intrappen? Of dat mensen je helpen om een metrokaartje te kopen. Daar ben ik overigens zelf ook nog weleens ingetrapt omdat ik dacht dat iemand me wilde helpen. Die kaartjesmachines zijn ingewikkeld. Dan komt er een mannetje bij je staan, die laat een pasje zien en legt uit hoe het werkt. Als je vervolgens je kaartje moet pinnen, in mijn geval € 20, werkt je pinpas niet. Dan schiet dat mannetje het voor met zijn pinpas. Er rolt een kaartje uit de automaat en je betaalt hem even terug. Eenmaal in de metro zie je dat je een kinderkaartje van € 0,60 hebt en riskeert nog een boete ook. Ga een halfuurtje bij Gare du Nord staan en je ziet het tien keer gebeuren.”

 

Wat is jouw nummer 1-buitenland?

“Suriname! Daar maak ik ook nooit een programma over want ik ga niets negatiefs over het land melden. Daar wordt niet opgelicht, haha. Ik heb er natuurlijk een paar jaar gewoond en voel me soms zelfs een beetje Surinamer. Als ik er nu terugkom voel ik die deken waar we het over hadden nog warmer en is het fruit en de geur van het land nog lekkerder dan waar dan ook ter wereld. Ik eet een broodje pom aan het ronde zwembad van Torarica, wat na dertig jaar nog steeds hetzelfde is en ik ben thuis. Ook het oerwoud is mooi en de natuur is prachtig. Het geluid is er ook gaaf. De vogels, de apen. Kortom, in Suriname ben ik zo gelukkig.”

 

Wat heb je geleerd van al die misstanden en het vele reizen? “Wat het me echt heeft doen inzien is dat uiteindelijk iedereen gelijk is. Je hebt overal eikels en klootzakken, maar je hebt ook overal aardige mensen. In volksaard geloof ik niet per se. De meeste mensen zijn gewoon normaal en vriendelijk. Dat is eigenlijk best een prettige ontdekking.”