Dat belooft tot 2017 best een ingewikkelde puzzel te worden, want pas over vijf jaar is de houdbaarheid van alle oude vakantiedagen verlopen en vallen alle wettelijke vakantiedagen volledig onder de nieuwe regeling. Tot die tijd is het in elk geval verstandig als werknemer zelf in de gaten te houden hoeveel dagen u nog had staan tot en met 31 december 2011. Het beste kunt u aan het eind van dit jaar aan uw werkgever een overzicht vragen van de vakantiedagen die u nog hebt.
Let wel: het gaat hier om de houdbaarheid van de wéttelijke vakantiedagen, niet van de bóvenwettelijke. Wettelijke vakantiedagen zijn de dagen waarop iedere werknemer minimaal recht heeft. Voor iemand met een volledige baan gaat het om 20 vakantiedagen per jaar. Het aantal wettelijke vakantiedagen bedraagt namelijk viermaal de wekelijkse arbeidsduur. Wie vijf dagen per week werkt, heeft dus recht op 4 x 5 = 20 dagen. Wie halve dagen werkt, krijgt de helft, namelijk 4 x 2,5 = 10 dagen.
Daarnaast kennen we ook bovenwettelijke vakantiedagen. Dit zijn de extra dagen waarop een werknemer, boven die 20 wettelijke dagen, recht heeft op grond van afspraken in de cao, dankzij een bedrijfsregeling of een individuele overeenkomst. Of iemand bovenwettelijke vakantiedagen heeft, hangt dus af van de afspraken die per bedrijfstak, bedrijf of persoon zijn gemaakt. Maar wie bijvoorbeeld 26 vakantiedagen in een jaar heeft, heeft 20 wettelijke en 6 bovenwettelijke vakantiedagen. Deze bovenwettelijke dagen vallen niet onder de nieuwe vakantieregeling en blijven vijf jaar geldig.
Ingewikkeld
Dat maakt het als totaal best ingewikkeld. Want de wettelijke vakantiedagen van 2011 mag u in 2016 nog opnemen, terwijl vakantiedagen van 2012 vóór 1 juli 2013 moeten zijn opgenomen. Maar de bovenwettelijke vakantiedagen van 2012 mag u in 2017 nog opnemen. En dan hebben we het nog niet eens over vakantiedagen die u nog hebt staan van vóór 2011, die dus ook 5 jaar houdbaar zijn.
Moet u als werknemer nu zelf gaan bijhouden hoe het zit met uw vakantiedagensaldo? „Neen, de werkgever is verplicht een deugdelijke administratie bij te houden”, aldus mr. Maarten van Gelderen, arbeidsrechtadvocaat te Utrecht. „Dit wordt wel een stuk ingewikkelder. Hij moet namelijk precies bijhouden welke vakantiedagen per wanneer komen te vervallen.”
Splitsing
„Daarbij moet hij dus niet alleen bijhouden wanneer het saldo aan vakantiedagen dat u per 31 december 2011 had opgespaard komt te vervallen, maar ook voor de na 1 januari 2012 opgebouwde dagen een splitsing maken tussen uw wettelijke en uw bovenwettelijke vakantiedagen.”
Tip van Van Gelderen: „Als u twijfelt of uw werkgever uw vakantiedagen wel goed bijhoudt, houd dan zelf een ’schaduwadministratie’ bij.” Vraag in dat geval voor het eind van het jaar aan uw werkgever, hoeveel vakantiedagen u nog hebt staan en van wanneer die dateren.
Verkopen
Houd ook in de gaten dat u eerst de wettelijke vakantiedagen opmaakt en daarna pas de bovenwettelijke. Nou is dat niet nieuw. Het is altijd zaak geweest eerst de wettelijke vakantiedagen op te nemen. Want alleen niet-gebruikte bovenwettelijke vakantiedagen kunt u als het ware verkopen aan de werkgever, wanneer u weet: die maak ik toch niet op. Bij wettelijke vakantiedagen is dit niet toegestaan.
Wat gebeurt er wanneer opgebouwde vakantiedagen te laat worden opgenomen?
Maarten van Gelderen: „Op de hoofdregel: wettelijke vakantiedagen komen te vervallen als ze niet binnen zes maanden na het jaar van opbouw zijn opgenomen, geldt wel een uitzondering voor de werknemer die ’redelijkerwijs niet in staat is geweest vakantie op te nemen’. Misschien was u daarvoor simpelweg te druk op het werk.”
In dat geval kunt u een beroep doen op de uitzonderingsregel en komen de wettelijke vakantiedagen niet binnen zes maanden na het jaar van opbouw te vervallen.
Van Gelderen: „U heeft dan een periode van vijf jaar om deze dagen alsnog op te nemen. Dit lijkt een logische uitzondering maar gaat in de praktijk voor veel discussie zorgen. Want hoe bewijs je als werknemer dat je in de afgelopen achttien maanden niet in staat was om al je wettelijke vakantiedagen op te nemen?”
Ook voor de werknemer die voorziet dat hij zich mogelijk op de uitzondering zal moeten beroepen, heeft Van Gelderen een tip: „Vraag vakantie zoveel mogelijk schriftelijk (of per e-mail) aan. Eventuele afwijzingen kunnen als bewijs dienen dat u niet in staat bent gesteld om al uw wettelijke vakantiedagen binnen de nieuwe termijn van achttien maanden op te nemen. Ook zou u uw werkgever in het zicht van de vervaltermijn kunnen wijzen op uw wens om uw wettelijke vakantiedagen op te nemen.”
Opstapeling
Het besluit om de houdbaarheid van wettelijke vakantiedagen te beperken is genomen om een opstapeling van vakantiedagen te voorkomen. Bovendien moest de Nederlandse vakantiewetgeving, met name voor langdurig zieke werknemers, worden aangepast aan de Europese regels.

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer