Indexbeleggers in Europa kijken terug op een bewogen jaar. Koersverliezen en een stevig toezichtsdebat over de wildgroei in indexbeleggingen speelden hen parten. Particuliere beleggers staan steeds vaker voor een keuzeprobleem: de ene indexbelegging is de andere niet.
Zijn het groeistuipen of hapert de opmars van indexfondsen, die eindelijk ook in Nederland leken door te breken? Hendrik Meesman van indexbedrijf Meesman Index Investments denkt het eerste. Het succes van deze beleggingsmethode trekt volgens hem nieuwkomers die alleen nog iets nieuws kunnen toevoegen met exotische en/of complexe producten. „Indexbeleggers moeten steeds beter opletten in welke fondsen ze stappen.”
Indexbeleggingen vinden als indexfondsen, etf’s ( exchange traded funds ) of trackers hun weg naar steeds meer beleggers. De kern is dat u als belegger in een vast mandje van aandelen of obligaties stapt. Dat mandje is meestal dat van een index die de gemiddelde koersontwikkeling van een bepaalde beurs of sector volgt. Denk aan de Amerikaanse S&P 500, de Eurostoxx 50 of, dichter bij huis, de AEX. Je koopt als belegger als het ware een aandeel in die index en krijgt – na aftrek kosten – het indexrendement, het marktgemiddelde rendement.
Anders dan bij traditionele, actieve beleggingsfondsen zit er geen legertje analisten dagelijks naar koersschermen te kijken om te bepalen welke aandelen het beste gekocht en welke beter verkocht kunnen worden. De beheerder van een indexfonds heeft één uitdaging: het volgen van de index. Passief, noemen beheerders van actieve fondsen dat ook wel. Zíj halen juist alles uit de kast om die index te verslaan. Slechts een klein deel slaagt daar echter in. Mede omdat een actief fonds hogere kosten kent, al snel 1,5% per jaar met uitschieters naar tot wel 3%. Indexfondsen zitten tussen de 0,2 en 0,7%
Dankzij die lagere kosten trekken indexfondsen steeds meer beleggers, vooral in de VS. „Sinds 2007 steken beleggers jaarlijks meer in indexfondsen dan in actieve fondsen”, aldus Meesman, in Nederland aanbieder van fondsen uit de stal van het Amerikaanse indexhuis Vanguard. Vorig jaar hadden volgens Deutsche Bank indexfondsen wereldwijd een instroom van 164 miljard dollar, bij actieve fondsen verdween het geld echter met bakken. Dat het totaal belegde vermogen in etf’s ondanks die instroom met slechts 3% steeg, hing samen met de beursverliezen in 2011. Het aantal introducties van nieuwe indexvolgers haalde in 2011 wel een record: dat waren er meer dan 700.
Synthetisch nep
In Europa is indexbeleggen nog altijd een nichemarkt. Indexfondsen houden vanwege hun lagere kosten weinig of geen geld over om banken een distributiefee te betalen. Ze liggen daardoor nauwelijks in het schap. En 2011 bracht nieuwe uitdagingen: stevige kritiek op zogeheten synthetische etf’s. Deze fondsen volgen een index, niet door een indexmandje te kopen, maar door de index na te bootsen met derivaten. Een bank garandeert dat beleggers het indexrendement krijgen. Maar wat als de bank niet langer aan die verplichting kan voldoen?
Die counterparty risk , het tegenpartijrisico, was voor vermogensbeheerder BlackRock, eigenaar van indexhuis iShares (de Europese marktleider) reden voor een campagne om etf’s duidelijk in te delen. Beleggers zouden direct moeten weten of ze in een synthetische of in een zogeheten fysieke tracker (mét indexmandje) stappen. De Europese toezichthouder Esma wilde zover niet gaan. „Een gemiste kans”, oordeelt ook Meesman. „Een dergelijk onderscheid zou verstandig zijn geweest. Dan is voor de belegger in één oogopslag duidelijk in wat voor soort tracker hij belegt.”
Uitlenen
Ook de fysieke trackers kregen kritiek. Zij lenen vaak een deel van hun aandelen uit en verdienen daar extra geld mee. Maar krijg je die aandelen terug als de ontvangende partij in de financiële problemen raakt? Meesman: „Het uitlenen van aandelen is op zich geen verkeerde zaak. Actieve fondsen doen dit ook. Het indexfonds moet wel voldoende waarborgen eisen. Bovendien moeten de extra inkomsten ten goede komen aan de beleggers. Er zijn aanbieders die meer dan de helft in eigen zak steken.”
Ten slotte zijn er steeds meer fondsen die meeliften op verre onbekende indices of waarbij de aanbieder zelf een index bedenkt om er een tracker aan te kunnen hangen. Ook complexe varianten waarbij een indextracker verpakt zit in een product met een garantie, hefboom of shortconstructie, verschijnen op de markt.
De kosten zijn hoog, onder meer omdat niet altijd het onderliggende dividendrendement aan de beleggers wordt uitbetaald. Meesman: „ Het oorspronkelijke idee van het kopen en vasthouden van een mandje aandelen of obligaties is en blijft een prima manier om te beleggen. Hoe verder je hiervan weggaat, hoe slechter het wordt.”
Die voordelen van lagere kosten merken indexbeleggers vooral op langere termijn. Jaar na jaar 1% minder kosten leidt tot een veel hoger eindkapitaal. Een risico is wel dat beleggers trackers ook steeds meer gebruiken voor korte ritjes in plaats van voor een buy and hold -strategie, aldus Meesman. „Dat handelen op korte termijn leidt in ieder geval tot hogere kosten, tot transactiekosten. Dan zit je heel snel weer op het kostenniveau van een actief beleggingsfonds.”
Voor de AFM was de wildgroei van indexfondsen reden om het aanvankelijke enthousiasme over etf’s in haar richtlijn voor een goed beleggingsadvies te nuanceren. Al kan de stevige lobby door actieve fondsen daarbij ook een rol hebben gespeeld, stelt Meesman. Feit is wel dat beleggers niet blind kunnen vertrouwen op de voordelen van indexvolgers. Je moet weten waarin je belegt en welke risico’s daarmee samenhangen. Het debat over synthetische etf’s leidde in 2011 tot een flinke uitstroom uit deze fondsen.
Verliezen
Ook de consequenties van indexbeleggen zal menigeen in 2011 duidelijk zijn geworden. Europese indices kregen rake klappen: de Duitse Dax verloor 17,3%, de AEX 12,3% en de Franse CAC40 zag 20,3% wegsmelten. Als indexbelegger krijg je die verliezen automatisch voor de kiezen. Een actief fonds dat de markt dan wel weet te verslaan, mogelijk zelfs uitkomt op een positief resultaat, is dan koning. „Maar zie dat handjevol fondsen maar eens te vinden. Heel weinig actieve fondsen verslaan de index consistent”, stelt Meesman.

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer