De politieke maatregel om het spaarloon vrij te geven, zet deze regeling weer even in de schijnwerpers. Dat is pure winst, want de spaarloonregeling is fiscaal uitermate profijtelijk. Dat gun je meer Nederlanders. De vervroegde opname versnelt zelfs de verzilvering van die fiscale bonus. Wél loert er één klein addertje onder het gras: eenmaal opgenomen spaarloon is niet langer vrijgesteld van de vermogensrendementsheffing.
Shoppen of sparen?
Wordt het shoppen of sparen? Die knoop moeten ruim 2 miljoen werknemers in september doorhakken. De stortingen die ze in 2006, 2007, 2008 en 2009 hebben gedaan, vallen dan vrij voor opname. Maximaal gaat het per persoon om €2452 (vier keer de maximale inleg van €613) plus rente. Overigens zouden aan het eind van dit jaar de stortingen in 2006 sowieso vrijvallen. Spaarloon komt immers na vier jaar vrij, meestal per 31 december zodat werknemers er in januari van het nieuwe jaar over kunnen beschikken. De mogelijkheid tot deblokkeren op 15 september zorgt voor een aanzienlijke versnelling van die uitbetaling.
Verplicht is de opname van het spaarloontegoed niet. Voor wie het geld hard nodig heeft, zal het een gemakkelijke beslissing zijn. Ook de shoppers zullen met het saldo wel raad weten. Vooraanstaande economen betwijfelen echter of de deblokkering een sterke economische prikkel zal geven. Uit eerdere ervaringen – het spaarloon werd ook al in 2005 vrijgegeven – blijkt dat maar weinig mensen het geld verbrassen. Het merendeel blijft gewoon sparen in de spaarloonregeling of verhuist het geld naar een andere spaarrekening.
Deze laatste groep moet gaan rekenen: ze profiteren alleen van een opname als ze het spaargeld tegen een hogere rente kunnen wegzetten. Het verschil met de rente die nu over het spaarloon wordt vergoed, moet minimaal 1,2% bedragen. Dat heeft te maken met de belastingheffing over uw vermogen.
Voordeel
Het grote fiscale voordeel van de spaarloonregeling is dat een brutobedrag – maximaal €613 per jaar – na vier jaar op een geblokkeerde spaarrekening netto wordt uitgekeerd (zie ’Bruto wordt netto’). Jaarlijks kost dit de fiscus zo’n €800 miljoen aan gemiste inkomsten, reden dat de regeling regelmatig in Den Haag onder vuur ligt. Het maximale inlegbedrag is al jarenlang bevroren. Maar er is voor deelnemers nog een klein voordeel. Tijdens die vier jaar is het spaarpotje vrijgesteld van de 1,2%-heffing in box 3. Na opname vervalt die vrijstelling en telt het bedrag mee met het vermogen dat u moet opgeven. Overigens geldt in box 3 nog wel een algemene vrijstelling van €20.661 per persoon.
In veel gevallen zal het opgenomen spaarloon echter met 1,2% worden belast. De €4,3 miljard die vrijkomt, zou gemiddeld nog bijna twee jaar geblokkeerd zijn geweest. Nu het echter volledig kan worden belast, kan dit de staat op papier bijna €100 miljoen extra opleveren. Het zal in de praktijk een stuk minder zijn omdat een deel van het spaarloontegoed sowieso eind dit jaar vrijvalt, een aantal mensen het spaarloon op zal maken én doordat het bij kleine vermogens nog onder de algemene vrijstelling voor heffing in box 3 kan blijven.
Lage rente
In deze tijden van lage rente zal het niet gemakkelijk zijn om een hogere rente voor het opgenomen spaarloon te vinden. De lage rentevergoeding die veel banken over spaarloon vergoeden, helpt mogelijk wel. Een blik op vergelijkingssite fx.nl leert dat Friesland Bank met 2,75% over de geblokkeerde tegoeden de hoogste rente biedt. Een grote bank als Fortis (inmiddels ABN Amro) biedt 1,5%, ING maakt afspraken per werkgever en Rabo scheept deelnemers af met 1,4%. Voor geld dat vier jaar geblokkeerd staat, vergelijkbaar met een deposito, zou je een hogere rentevergoeding mogen verwachten.
Voor werkgevers ligt er hier een schone taak in de onderhandelingen met de bank die ze hebben uitgekozen om de spaarloonregeling in het bedrijf uit te laten voeren. De stortingen in de spaarloonregeling van 2010 en later, staan immers weer gewoon tegen een vermoedelijk vrij lage rente uit.
De onderlinge verschillen in de geboden rente én de flexibele opstelling van een bank als ING, tonen aan dat er over de spaarrente in de regeling te onderhandelen valt. Een goede werkgever zou dat moeten oppakken. Laat een werkgever dat na, zouden werknemers hem op die verantwoordelijkheid kunnen wijzen, bijvoorbeeld via de ondernemingsraad.
BRUTO WORDT NETTO
Iedereen in loondienst die nog niet meedoet aan de spaarloonregeling, zou bij zijn werkgever – die moet wel willen meewerken – direct een formulier moeten aanvragen. Het voordeel is namelijk groot. Dat zit ’m in de fiscale constructie.
De inleg, maximaal €613, wordt ingehouden op het brutoloon en na vier jaar netto uitbetaald. Dit betekent in de praktijk dat de fiscus meebetaalt aan uw spaarpot. Hoeveel, hangt af van uw hoogste schijf van inkomstenbelasting. Hoe meer belasting u over uw salaris betaalt, des te groter het voordeel.
Bij een inkomensschijf van 52% parkeert u in feite zelf €294,24 (de fiscus legt €318,76 bij) op een bankrekening, maar kunt u er na vier jaar wachten €613 vanaf halen, plus nog eens de rentevergoeding over deze periode. U verdubbelt dus ruim uw geld. Bij een fiscaal tarief van 42% is het profijt iets minder, maar nog steeds aanzienlijk.

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer