In Bagdad sloeg de ene na de andere bom in. Toch wilde ras-Amsterdammer Peter Korrel er drie jaar geleden per se naartoe. Missie? Een stempeltje ter plekke.
Visum
Hij zat gedwee te wachten op de bank van de Irakese ambassadeur in Den Haag.
De Koerd, die zijn uiterste best deed om joviaal over te komen, waardoor alle spanningen tussen zijn geboortestreek en zijn huidige broodheer in Bagdad onzichtbaar zouden blijven, viel in het niet bij de sympathie van Korrel. Die knikte op de juiste momenten en dronk rustig zijn glaasje water leeg. Staalblauwe ogen en morsige snor.
In deze wat macabere ambassade zat hij te wachten op het felbegeerde visum, waarvoor ook ik de audiëntie beleefde.
Na een aanhoudende reeks schouderklopjes van de diplomaat was de zaak geregeld en hoefde Korrel nog maar vijf - niet de makkelijkste – landen, namelijk Pakistan, Afghanistan, Angola, Saoedi-Arabië en Equatoriaal Guinea. Die zijn nu ook afgeturfd.
We reisden samen, maar in Irak zelf scheidden onze wegen. Met trage tred kwam hij op Schiphol aangezet. Afgeleefde broek, rommelig jasje en met een tasje ter grootte van een schoenendoos in zijn hand. „Ik reis altijd licht”, liet hij weten met een grijns.
„Een paspoort, twee extra onderbroeken, twee paar sokken, tandenborstel en een reserve T-shirt, dat ook als handdoek dienst doet. O en natuurlijk mijn puzzelboekje, óók handig als wc-papier.”
Het symbool dat duidelijk maakt hoe simpel het leven kan zijn, als je wilt.
Verzamelwoede
Korrel bleef sindsdien hangen als een uniek mens met een vreemde missie. Alle landen ter wereld moesten door hem zijn aangedaan. Niet voor een tv-programma, niet voor sterke verhalen om te imponeren.
„Ja het is wel een beetje een vreemde tic. Waarom al die moeite?” Hij trekt een frons alsof hij zichzelf voor de eerste keer die vraag stelt. Hij is niet van God los en een psychiater heeft hem niet als dwangmatig geanalyseerd.
„Helemaal normaal is het natuurlijk niet. Er ging ook niets mis in mijn jeugd. Noem het een verzamelwoede. Ik houd natuurlijk van reizen, maar evenzeer van thuisblijven.
Verzamelwoede, ja dat is het. Momenteel richt ik me op de bruggen in Amsterdam. Ik wil dat er zoveel mogelijk een naam krijgen.”
Korrel is ook ditmaal weer een eind op weg. Zo heeft hij met de juiste lobby bij de lokale overheidsdienaren voor elkaar gekregen dat er dertig anonieme bruggen een naam hebben gekregen. „Ik had er 353 aangevraagd, maar dit is ook een mooie score.”
Zo is er een serie van elf voetballersbruggen. Brug 2232, in de Wembleylaan bij de Radioweg is de Ruud Krolbrug en brug 2237 de Johan Neeskensbrug.
Brug 383 had ook geen naam totdat Korrel zich er mee bemoeide. „Die brug heet nu de Anna van Saksenbrug, naar de moeder van Maurits.''
„Kijk, die Willem van Oranje had officieel vier vrouwen en nog wat minnaressen. Anna had ook zo haar avontuurtjes. Dat mocht natuurlijk niet. Daarom is er geen straat naar Anna vernoemd. Nu heeft ze tenminste een brug.''
„Én er is een Korrelbrug natuurlijk. Dat vond ik wel gepast. Het is niet alleen een hommage aan mijn melkboerenfamilie, maar aan alle middenstandsgezinnen die hard moesten werken om het hoofd boven water te houden.”
Melkboer
De ogen stralen een bepaalde ondeugendheid uit. Misschien wel een triomf omdat Korrel greep heeft gekregen op een vervlogen geschiedenis.
Misschien ook wel omdat recht zijn beloop moet hebben. Wie zal het zeggen. De man verdedigt zich niet met stofwolken van woorden. In bescheidenheid kijkt hij terug op zijn leven. „Ik ben vier jaar melkboer geweest.”
Dan pakt hij acht volgeschreven A4-tjes, die zijn gehele leven bevatten omdat hij nu eenmaal aan een verzamelwoede lijdt en dus ook alle momenten van zijn leven in kaart heeft gebracht.
Het opmerkelijke cv begint met het Getuigschrift van de Sint Franciscusschool en gaat via de Mulo A, naar de kweekschool en dan via MO-A Pedagogiek naar MO-A Engels.
De ’selfmademan’ komt pas goed op stoom als hij zowel zijn kandidaatsdiploma Opvoedkunde als kandidaats Andragologie behaalt. Daarna stoomt hij op.
MO-B Engels, doctoraal Opvoedkunde, Master of Arts in het Middeleeuws Engels aan de universiteit van Reading (Engeland), doctor of Philosophy in het Middeleeuws Engels aan het University College Dublin. „Ik studeerde af op King Arthur.”
De lange lijst eindigt met een ’Amsterdam Diploma in 2003. „Je kon in de Lutherse Kerk meedoen met een wedstrijd waarbij je kennis over Amsterdam werd getest. Een vriend had het jaar daarvoor gewonnen en de speelse titel professor van Amsterdam gehaald. Dat wilde ik ook wel, maar ik kwam niet verder dan een diploma.”
De 59-jarige Korrel overleefde in de uithoeken van de wereld. Hij zag de mooiste natuur en hij werd bedreigd in het zuiden van de VS. „Levensgevaarlijk daar.”
Dapperbuurt
De wereldreiziger, met 195 bezochte landen op zijn naam —„193 zijn onomstotelijk en over Vaticaanstad en Taiwan kun je discussiëren”— woont zelf in een sfeerloze flat in de Dapperbuurt, al vanaf de oplevering in 1983.
De inrichting is kaal, zelfs een beetje sober. Geen enkel reisrelikwie te vinden. Korrel geeft niet zoveel om uiterlijkheden.
Aan de muur bedekt een simpele schoolkaart van Nederland wat vlekken op de muur, ooit in een boze bui beklad door een van zijn twee dochters.
Daarnaast ontfermde hij zich over talloze pleegkinderen. In de hoek staat een oude computer. Het is zijn levenslijn. De bron van veel kennis die hij vaak opschrijft om het zo te onthouden.
De gesprekken hebben een zachtaardige toon. Geen enkele moment raakt hij uit balans, zelfs niet na venijnige vragen zoals ’Waarom stelt een normaal mens zijn leven in de weegschaal voor een stom stempeltje’ waarop het bijtende journaille patent heeft.
In gesprek zijn met Petrus Gerardus Korrel stemt de mens rustig en zet aan tot relativeren. Twee uur op de bank met hem en alle coaches en ander gespuis dat welig tiert in tijden van economische ellende kunnen linea recta in de prullenbak.
Eenvoud kon wel eens het antwoord zijn op alle problemen in dit tranendal.
Timboektoe
Weer dat begin: „Ach het is allemaal niet zo bijzonder”, antwoordt hij als er naar zijn omzwervingen wordt gevraagd. Ik heb eerst de makkelijke landen om ons heen genomen en daarna de uiteinden als Nova Zembla, Groenland en het Antarctische schiereiland Vuurland.
Daarna heb ik de psychologische verre landen bezocht zoals Paaseiland en het Timboektoe van Donald Duck, waar hij altijd naartoe ging als hij zich schaamde.
Wat een geweldige reis was dat. Ik kreeg een gratis vliegtrip cadeau en had even later een etentje bij de ambassadeur van de EU.”
Verzamelwoede kan toch amper dé reden zijn van zijn jaloezie-opwekkende leven? Hoe we ook aan zijn motivaties trekken en duwen, Korrel blijft bij zijn verzamelwoede.
Totdat hij zich toch laat verleiden tot een verdergaande uitspraak. „Ik was vroeger eigenlijk hartstikke bang om alleen op reis te gaan. Pas toen ik mijn partner Etje ontmoette kwam deze tic tot leven. Zij was veel avontuurlijker.
In 1977, net nadat wij elkaar hadden leren kennen, schreven we op een mooie dag een bierviltje vol. Het was een soort contractje waarin we elkaar beloofden in 1978 zowel het noorden, midden als het zuiden van de Verenigde Staten zouden bezoeken.
Dat hebben we gedaan. Daarna ben ik nog even op pad geweest met een reisgenoot, maar dat beviel niet zo. Nu vind ik het zalig om alleen te zijn. Ik heb dus leren reizen. En de andere reden is natuurlijk ook dat ik vreselijk leergierig ben.”
Eén tegen 100
Reizen kost geld. Kon de wetenschappelijk medewerker dat allemaal betalen?
„Je stelt prioriteiten. Ik heb geen auto en doe jaren met een paar schoenen. Bovendien kwam het wel goed uit dat ik met de quiz Eén tegen 100 in oktober 2006 116.389 euro won.
Ik won wel vaker een quiz, zoals de Maandag Prinsjesdag en tweemaal achtereen het Nederlands kampioenschap. Maar die leverden nooit zulke bedragen op.
Na Eén tegen 100 kon ik eindelijk de dure landen, die ik steeds voor me had uitgeschoven, bezoeken. Als ik een werknemer van Shell zou zijn geweest of van een andere belangrijke multinational, dan is het verkrijgen van visums niet zo moeilijk.
Maar ik moest het allemaal als Petertje Korrel zien op te lossen. Equatoriaal Guinea is zo’n land, een moeilijk hybride land.”
De naam blijft in de kamer hangen. Voor reisverslaafden is dit namelijk dé ultieme uitdaging. „Ik kreeg geen toegang en de in Brussel residerende ambassadeur reageerde niet op mijn verzoeken.
Toen ben ik op de bonnefooi maar naar het buurland Kameroen gegaan. Ik reisde naar het drielandenpunt Kye-Ossi, ingeklemd tussen Gabon, Kameroen en Equatoriaal Guinea, om mezelf daar de grens over te ritselen.
Ik had de douaneman duidelijk gemaakt dat ik best iets wilde betalen voor de extra ’administratiekosten’. Het lukte niet en ik werd teruggestuurd. Daarna ben ik maar naar het westen van Kameroen gegaan, aan de kust, een soort Cadzand aan Zee.
Nu ging er toevallig een hoge pief van de immigratiedienst even met een bootje naar Equatoriaal Guinea waar de sterke drank bij de lokale Makro veel goedkoper is. Dat was mijn redding.
Ik ben er drie uur geweest, mijn kortste tijd in een land ooit. Meestal probeer ik toch wel een paar dagen te blijven. Het gaat me niet alleen maar om het verzamelen van een stempeltje. Het gaat me ook om de cultuur. Van culturen leer je. Hoewel er ook landen zijn die weinig tot niets te beiden hebben.”
Winnaar
Korrel maakt zich op voor zijn wekelijkse quizavond in het café Gollem II in de Pijp. „Het is de einde maandquiz en als je die wint, wordt je drankbon verscheurd.”
In café Gollem is Korrel nog wel een gewenste gast. In de wildgroei aan bar-quizzes heeft hij al een onvergetelijk spoor achtergelaten, dat ertoe heeft geleid dat hij in sommige cafés niet meer welkom is.
Als we door de Pijp lopen, komt eindelijk de vraag eruit die was onderdrukt wegens het hoge clichégehalte. dat kun je een afgeleide van Einstein niet aandoen.
Wat is eigenlijk je favoriete plek, komt er toch een beetje onbenullig uit.
Korrel maakt voor het eerst een groots en meeslepend gebaar. „Europa als gebied en natuurlijk Amsterdam als stad.” Dan verdwijnt hij de kroeg in om er een paar uur later uit te komen, als winnaar.



© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer