*

De vogeltrek van de watervogels is voltooid. De Jan Durkspolder ligt er nu bijna geheel verlaten bij... De vogeltrek van de watervogels is voltooid. De Jan Durkspolder ligt er nu bijna geheel verlaten bij... Foto: Friesland Wonderland
vr 09 dec 2011, 11:52 | 0 reacties

Rondje om één van de drie Oudega’s

door Joop Duijs
De Friezen zetten de bezoeker graag op het verkeerde been. Zijn ze nou bijvoorbeeld echt zo stug of kijken ze gewoon eerst de kat uit de boom? Of neem die tweetalige naamborden. Heb je net door dat Aldegea Fries is voor Oudega, blijkt de provincie liefst drie dorpjes met die naam te hebben: één in het Gaasterland, één tussen Sneek en Workum en één in Smallingerland, tussen Leeuwarden en Drachten. Alhoewel dat in de andere Oudega’s niet anders zal zijn, kiezen we voor de laatste, omdat het er nu zo heerlijk rustig is.

Paardjes die normaal gesproken bijna nooit iemend te zien krijgen, komen ons nieuwsgierig even begroeten. Paardjes die normaal gesproken bijna nooit iemend te zien krijgen, komen ons nieuwsgierig even begroeten. Foto: De Telegraaf
Wandelaars in het Pettebos, de Alde Feanen in het klein. Wandelaars in het Pettebos, de Alde Feanen in het klein.
Oudega. Oudega.

Onze wandeling gaat aanvankelijk over weggetjes die ook voor auto’s en fietsers begaanbaar zijn. Op een enkele postbode na, die hier met een bestelauto de brieven rondbrengt, is de weg echter helemaal voor onszelf. Dit gebied is nog echt agrarisch, de boer is baas!

Laagveenmoeras

Onderweg komen paarden en koeien, die normaal amper iemand te zien krijgen, nieuwsgierig even naar de slootkanten gelopen die bijna volledig droog staan. Het wordt hoog tijd dat het weer eens flink gaat doorregenen! Na een paar kilometer komen we bij de Feansterdyk, de weg die het weidegebied van het laagveenmoeras De Alde Feanen scheidt. Het moeras heeft een totale oppervlakte van ca. 2500 hectare, waarvan ruim 1500 hectare in eigendom en beheer is van It Fryske Gea.

De Oude Venen bestaan voornamelijk uit meren, veenplassen, petgaten, rietlanden, schraallanden, ruigten, struwelen en moerasbossen. Ook komen er trilvenen, veenmosrietlanden, blauwgraslanden en de zeldzame, bedreigde dotterbloemhooilanden voor.

Beroemd dorp

Het unieke gebied is het beste te verkennen vanaf het water. In het even verder gelegen Earnewâld zijn daarvoor volop bootjes en kano’s te huur. Eernewoude is een klein, maar beroemd dorp. Elk jaar is het één van de etappeplaatsen voor het traditionele skûtsjessilen dat steeds tijdens de bouwvakvakantie wordt georganiseerd. Op de nauwe vaarwegen rond Earnewâld levert dit bij gunstige windsterkte spectaculaire beelden op.

Het nieuwe watersportseizoen gaat in Earnewâld traditioneel van start op Koninginnedag met een informele zeilwedstrijd tussen diverse lokale skûtsjes. Na de wedstrijd wordt dan een nieuwe Feankeninginne (’Veenkoningin’) gepresenteerd, afkomstig uit het dorp. Zij is het volgende toeristische seizoen de ambassadrice van het dorp.

Schaatswedstrijd

Maar voor het zo ver is, krijgen we misschien eerst nog wel een èchte winter. Want het dorpje kent ook een beroemde schaatswedstrijd: de ’100 van Eernewoude’, die in 1963 voor het eerst werd gereden. Jeen Wester was toen de winnaar en ook de overige edities hadden winnaars met grote namen als Dries van Wijhe, Jos Niesten, Hilbert van der Duim, Yep Kramer en Henk Angenent. De laatste editie in 2010 was een prooi voor Arjan Stroetinga.

Maar we moeten het dorpje helaas links laten liggen, omdat het pontje alleen vaart tussen half april en eind oktober. Daarom slaan we af en passeren de aanlegplaats en het paviljoen van een rondvaartbootbedrijf. Aan de overkant zien we bungalowpark ’It Wiid’, dat we rechts laten liggen en passeren een nu verlaten recreatiestrandje. Even verder wandelen we door het in 2008 geopende Pettebosk, ook wel de Alde Feanen in het klein genoemd. Er zijn diverse ’low-rope constructies’ geplaatst. Daarmee kunnen allerlei activiteiten met touw en water als hulpmiddel worden georganiseerd. Ook is er een kanoroute gemaakt met verschillende overdraagplaatsen.

Fries Landbouwmuseum

Door het Pettebosk volgen we een wandelpad dat leidt naar het Fries Landbouwmuseum dat tijdens de winter is gesloten en het pontje waarmee u zomers kunt oversteken. Beetje teleurgesteld slaan we af naar de Jan Durkspolder waar vele nu verlaten woonboten liggen aangemeerd. Het moet hier ’s zomers heerlijk toeven zijn. Vanuit een vogelkijkhut zien we dat de trek van de meeste watervogels is voltooid. Alleen grote groepen ganzen zijn achtergebleven. Het is hier dan wel heerlijk rustig, maar we zijn, zo moeten we constateren, natuurlijk helemaal op het verkeerde moment gekomen…

Als we weer vlak bij Oudega zijn, wordt het echter ineens toch nog ’druk’ als we even met een boer staan te praten. Hij plaatst mollenvallen, terwijl zijn hond achter wat ganzen aan holt. Uit het niets staan er ineens nog meer baasjes met honden die elkaar geestdriftig besnuffelen. Ze blijken alle Fries (stabij) bloed te hebben. Dat schept een band! Zelfs uw wandelende verslaggever met zijn Noord-Hollandse accent hoort er dan even helemaal bij. Gewoon aardige mensen, die Friezen!

Reacties: jduijs@telegraaf.nl

Wandelwijzer: Route:16 km, honden toegestaan. 95% verhard. Horeca in Oudega en bij De Buitenplaats op bungalowpark ’It Wiid’.

Het Fries Landbouwmuseum is in de kerstvakantie geopend. Informatie: www.frieslandbouwmuseum.nl.


Weekendabonnement
Het EK-abonnement, 6 weken € 20,-!

Zoek op bestemming