We beginnen onze tocht in Hoogeveen, waar het landschap nog niet heel
aantrekkelijk is. We fietsen namelijk langs industriegebieden en
bedrijventerreinen. Hoogeveen groeide na de Tweede Wereldoorlog uit tot een
aantrekkelijke plaats voor industrie om zich te vestigen. Bedrijven als
Philips en Fokker kwamen er, maar ook Jan Kip, bekend van de Kipcaravan,
vestigde er in 1947 een bedrijf. Vele nieuwbouwwijken verrezen om de
bevolkingstoename op te vangen. Inmiddels ligt het aantal inwoners van de
gemeente Hoogeveen rond de 55.000.
Het duurt even voordat we de stad uit zijn. Het sombere weer, mist en kou, maakt ons humeur er ook niet beter op. Maar als we in het echte Drenthe terecht komen, waar de wegen stil en verlaten zijn en de boerenhoeves talrijk, voelen we ons weer opperbest. Hoewel het zicht beperkt is, geeft de mist het landschap toch ook iets magisch.
Zo is het niet zo heel moeilijk voor te stellen hoe dit land er vroeger
uitzag. Drenthe was tot ver in de 19e eeuw een gebied met eindeloze
onontgonnen gebieden waar schapen de boel kaal graasden. Hierdoor kon het
zand gemakkelijk overal heen waaien en ontstonden er talloze heuveltjes. De
schapenpoep vormde de mest voor op de akkergronden; tot kunstmest werd
uitgevonden en de schapenteelt steeds minder rendabel werd.
De ontginning van de grond voor landbouw tastte het landschap met haar woeste gronden aan. Weinig gebieden bleven bewaard, maar omdat Vereniging Natuurmonumenten hier in 1921 in het bezit kwam van wat grond, kunnen we bij Mantingerzand nog steeds genieten van een stukje 'oernatuur'. Tip: stap bij Café Voscheheugte in Mantinge eens af en loop een stukje het Mantingerzand op. Na wat zandhappen stuit je al gauw op een mysterieuze vliegden. De wortels van de stam liggen bloot en dat betekent dat de zandrug waarop de vliegden ligt vroeger hoger was.
Rond Mantingerzand kun je als wandelaar en fietser genieten van het landschap
en van 'nieuwe natuur'. In 1992 werd door Natuurmonumenten het Plan
Goudplevier gelanceerd om meer natuur te scheppen. Vier kleine
natuurgebieden (het Mantingerzand, het Hullenzand, het Lentsche Veen en
Martensplek) werden door de landbouw gescheiden en dat moest weer een
aaneengesloten gebied worden. Prettig voor de recreant die wil genieten van
de ruimte en rust , maar ook voor dieren en planten die op een groter gebied
veel meer kans hebben te overleven.
Op weg naar Gees is het landschap weer ontgonnen. Akkerland en bomen in de
mist doemen aan de horizon op. We vragen ons af of hier ook in de toekomst
nieuwe natuur wordt aangelegd. Dat zou ook net als bij het Hullenzand met
bulldozers kunnen. Dat lijkt een hele ruwe ingreep, maar alleen de bovenste
laag wordt centimeter voor centimeter verwijderd, zodat de mest verdwijnt.
Zo ontstaat er 'arme grond' en komen heidezaden, die na tientallen jaren
akkerbouw nog steeds aanwezig kunnen zijn weer vrij en kunnen dan alsnog
ontkiemen.
Geheel anders wordt het landschap weer als we het bos van Gees inrijden.
Drenthe kent vele gezichten, maar kenmerkende esdorpen, hunebedden of
brinken komen we niet tegen. Wel worden we voortdurend heen en weer
geslingerd in de tijd. Ook als we aan het eind nog een stop maken in
Hoogeveen worden we met de neus op de geschiedenis gedrukt. De menukaart van
het Olde Schippershuus vermeldt dat dit één van de oudste panden is van
Hoogeveen. Het werd rond 1632 gebouwd door rentmeester Van Echten die
belasting inde bij de bevolking. Hier ligt de oorsprong van Hoogeveen en
zijn er ook enkele historische panden. De kanalen die elkaar kruisten zijn
inmiddels gedempt. Na 1882 werd het een café. Nu staan er smakelijke hapjes
op de kaart. Mooi moment om onze tijdreis door Drenthe te beëindigen.
Gelukkig voor ons is Drenthe niet meer zo woest en verlaten als 100 jaar
terug.
|
Route:Start- en eindpunt: NS-station Hoogeveen Afstand: 46 km Ga vanaf treinstation naar knooppunt 33. Dan 36 - 39 - 23 - 10 - 62 - 64 - 60 - 61 - 83 - 66 - 18 - 24 - 23 - 36 - 33. Dan weer terug naar NS-station. |
Plan Goudplevier dankt zijn naam aan een vogel die tot 1937 regelmatig in Nederland broedde. Tegenwoordig broedt de goudplevier op de toendra en in open berggebieden in meer noordelijke streken. De vogel is 26 tot 29 centimeter groot en heeft een kenmerkend goudbruin verenkleed.
De grootste kans om hem in Nederland waar te nemen, heb je in augustus tijdens de vogeltrekperiode. De goudplevier voedt zich onderweg met insecten, zaden, wormen en weekdieren. Natuurmonumenten hoopt dat de vogel die ook karakteristiek was voor deze omgeving als broedvogel weer terug komt. Maar dat duurt misschien nog wel tientallen jaren.


Nederland is een populaire toeristische bestemming door o.a. de lange kustlijn, Waddeneilanden, Zeeland, grote steden...

Nederland omvat behalve het vasteland ook de Waddeneilanden Texel, Terschelling, Vlieland, Ameland, Rottumeroog en...

Nederland heeft als hoofdstad Amsterdam met als bezienswaardigheden o.a. het Paleis op de Dam, de Beurs van Berlage en...

Nederland heeft door zijn ligging aan zee een gematigd klimaat. De gemiddelde temperatuur is 18°C in de zomer en 3°C...

Het openbaar vervoer in Nederland is goed geregeld. De trein is een comfortabele manier om tussen grote plaatsen te...
De leukste herfstuitjes in de drie noordelijke provincies.
Drenthe en de blues lijken onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het land van Bartje is immers de bakermat van Harry Muskee en zijn Cuby and the Blizzards, de nestor van de nederblues. Niet helemaal verwonderlijk...
Spectaculaire stunds en optredens tijdens het de derde Donderdag Meppeldag op 4 augustus. Dit jaar staat de dag in het teken van straattheater.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer