*

Oostwold (Leek)

do 14 jul 2011, 15:52

Over rechte, strakke paden

Leve de Dolle Jonker!

door Joop Duijs
AMSTERDAM -  ’LEVE de Jonker!’ klonk het als Ferdinand Folef von Innhausen und Kniphausen de herberg betrad onder het gemeentehuis, waar hij resideerde als burgemeester van Leek en Marum. Folef stond namelijk bekend als een vrolijk, levenslustig mens die er wel één (of meer…) lustte. Minder gek was de Dolle Jonker, zoals hij werd genoemd, op zijn familie. Zo dwong hij zijn zuster en zwager te verhuizen naar de stad Groningen en toen hij zich weer eens flink aan zijn favoriete drankje Barceloni had gelaafd, vernielde hij op een avond de complete galerij familieportretten…

We wandelen langs het landbouw- en streekmuseum ?t Rieuw. We wandelen langs het landbouw- en streekmuseum ?t Rieuw. Foto: De Telegraaf
Nederlandse landgeiten kruisen ons pad. Nederlandse landgeiten kruisen ons pad. Foto: De Telegraaf
Prachtige tuinen. Prachtige tuinen. Foto: De Telegraaf

Zijn naam leeft nog altijd voort in de Jonkersvaart, een strak kanaal dat hij eind negentiende eeuw liet graven voor de afvoer van turf. Het is ook de naam van een dorp vanwaar we starten voor een wandeling door een fraai stukje Groningen, op de grens met Friesland en Drenthe.

Kaarsrechte wegen

Kaarsrecht die Jonkersvaart, zoals alles hier. De wegen, de weides en zelfs het pad door Nanninga’s Bos. Met naaldbomen van meer dan honderd jaar oud en grote hoogteverschillen. Het oostelijk deel van het bos ligt liefst 3 meter hoger dan de rest van het bos, dat halverwege de 19e eeuw werd aangelegd door de familie Niemeyer. Het werd gebruikt voor de productie van hout.

Goudhaantje

Nu laat men het dode hout gewoon liggen. Daardoor krijgen insecten en planten de kans zich in het 27 hectare grote bos te vestigen. Die weer dienen als voedsel voor veel bosvogels waaronder de fluiter en het goudhaantje. Ook de das komt af en toe even buurten vanuit de bossen in Noord-Drenthe en Zuidoost-Friesland. Vooral voor de paddenstoelenzoeker is dit bos in de herfst een paradijs.

Nederlandse landgeit

We wandelen verder richting Zevenhuizen, maar slaan vlak voor het dorp af, terug richting Jonkersvaart. Onderweg fraaie tuinen. We volgen de vaart en naderen Zevenhuizen nu van de andere kant. Maar weer slaan we het dorp over en volgen een lang, recht pad waar we eigenlijk niet meer langs mogen (zie routebeschrijving). We ’sluipen’ daarom stilletjes langs een soort uitdragerij waar allerlei curiosa te bewonderen zijn en een fokcentrum voor landgeiten. Door kruising met buitenlandse rassen stond de Nederlandse Landgeit in de jaren vijftig op het punt van uitsterven. Door een goed fokprogramma zijn er nu weer ongeveer 2000 geiten en 200 bokken ingeschreven in het stamboek van de Landelijke Fokkersclub Nederlandse Landgeiten.

Hoogstam fruit

Verderop komen we over de terreinen van het Iwema Steenhuis, het enige nog resterende steenhuis in Groningen. De familie Iwema die er oorspronkelijk woonde, hoorde niet tot de Groninger adel. De reden waarom het steenhuis nooit is uitgegroeid tot een borg. De eeuwenoude boerderij, die rond 1400 werd gebouwd, werd in 1851 gekocht door de familie De Boer, wiens nazaten er nog steeds wonen. Zij hebben het huis en de omliggende landerijen verkocht aan het Groninger Landschap dat de tuin achter het huis rond de laatste eeuwwisseling flink heeft opgeknapt. Er is een schelpenpad aangelegd, de grootste rode beuk van de provincie Groningen is aangepakt en de bestaande hoogstam fruitboomgaard is aangevuld met allerhande oude fruitrassen. Met prachtig namen als ’Zijden hempje’, ’Groninger Kroon’ en ’Winschoter Glorie’.

We wandelen langs lange, smalle percelen, die worden gescheiden door houtsingels. Ze dienden oorspronkelijk als veekering, maar zijn ook heel belangrijk als schuilplaats voor talloze vogels en zoogdieren, zoals het reetje dat ons beloert om daarna snel weer onzichtbaar tussen de bosschages te verdwijnen.

Landbouw- en streekmuseum ’t Rieuw

We stappen een stukje door Nuis en passeren o.a. de Coendersborch dat wordt gerenoveerd. Het landhuis was ooit in gebruik als buitenverblijf van Ludolph Coenders, een raadsman in de stad Groningen. Hij begon met turfwinning en liet als het veen was afgegraven de grond beplanten met bomen voor de houtteelt.

Bij het naastgelegen landbouw- en streekmuseum ’t Rieuw, slaan we af terug naar de Jonkersvaart. Het museum bestaat uit gereedschappen, werktuigen en gebruiksvoorwerpen zoals die in de vorige eeuw werden gebruikt in het boerenbedrijf. De Dolle Jonker zou er ongetwijfeld trots op zijn geweest en een glas Barceloni hebben geheven.

Reacties: jduijs@telegraaf.nl.


Weekendabonnement
Het EK-abonnement, 6 weken € 20,-!

Reportages over Oostwold (Leek)

Leve de Dolle Jonker!

’LEVE de Jonker!’ klonk het als Ferdinand Folef von Innhausen und Kniphausen de herberg betrad onder het gemeentehuis, waar hij resideerde als burgemeester van Leek en Marum. Folef stond namelijk bekend als een vrolijk, levenslustig mens...

Oostwold Airport

Op maandag 13 juni 2011 (Tweede Pinksterdag) wordt op Oostwold Airport de zesde internationale Oostwold Airshow gehouden.

De Groningse rivièra

Huiskamervraag. Kent u een plaats in Nederland met een vliegveld, golfbaan, pier, strand, jachthaven en groot recreatiegebied? Nooit aan gedacht natuurlijk, maar het antwoord is Oostwold, in hartje Groningen. Mooi...

Lees alle 4 reisreportages

Zoek op bestemming