Felle zon, dampend asfalt en stijve spieren. Avontuur heeft zijn prijs. Ronkend klimt de motor over de steile wegen omhoog, voorzichtig uitwijkend voor overstekende schildpadden.
Bij elke bocht is een glimp van het prachtige landschap op te vangen: de ene keer één groen bladerdak, de andere keer het blauw van de drie wateren die samensmelten of de schittering van een met mozaïek beklede minaret.
De schoonheid van Dalyan is inmiddels bekend bij menig vakantieganger, maar het massatoerisme gaat er nog aan voorbij. Daardoor waan je je lopend over de ruïnes van de Cariërs af en toe nog in de Oudheid.
Dalyan, dat ’fuik’ betekent, dankt zijn naam aan de gelijknamige rivier die het meer van Köycegiz met de Middellandse Zee verbindt. Van bovenaf is Dalyan dan ook uit duizenden te herkennen: de verschillende tinten blauw en groen van het water en daartussen een gele reep van zes kilometer zand.
Aan de ene kant van het strand liggen toeristen in rijtjes strandstoelen van de zon te genieten, terwijl aan de andere kant een handvol Turken verkoeling zoekt in de zee.
Kinderen bouwen zandkastelen en spelen met krabbetjes in de branding. Ze kijken amper op van de gigantische aangespoelde schildpad achter hen, die hebben ze wel vaker gezien. Dalyan staat namelijk bekend om de gepantserde dieren die elk jaar op dit strand hun eieren leggen.
Vissersbootjes varen af en aan om toeristen naar de ruïnes van Kaunos te brengen. Deze vergane stad was rond 300 voor Christus voor de Cariërs van cruciaal belang voor de handel.
De Dalyan vormde in de oudheid de natuurlijke grens tussen de grondgebieden van de Lyciërs en de Cariërs, twee volken die sterk door de Griekse cultuur beïnvloed waren.
„Dalyan heeft een aureooltje boven zich hangen”, zegt motorrijder Ruud Verstraaten als we even stoppen om van het weidse uitzicht te genieten. De voormalig leraar Nederlands verloor twintig jaar geleden zijn hart aan het stadje.
Sinds 2004 is hij eigenaar van Portakal Toerisme en het gelijknamige hotel. „Ik kan er nooit helemaal mijn vinger op leggen wat het is, maar dit gebied heeft iets bijzonders. Iets dat je alleen begrijpt als je er bent geweest.” Het klinkt bijna euforisch, als een trotse vader die over zijn kind spreekt.
Met het stof in de neus en de armen roodverbrand komen we aan in havenplaats Göcek, waar de Turkse Riviéra duidelijk zichtbaar wordt. Hier meert de Turkse jetset met haar grote jachten aan om op een van de schaduwrijke terrassen te genieten van een kahve (kleine koffie).
Voor ons ligt er een gulet – een traditioneel houten jacht – klaar, waarmee we de haven uit, de eilanden in de Golf van Fethiye tegemoet varen. Met een zeebries in de haren en het kristalheldere water op het netvlies, deinen we op de golven langs lieflijke baaitjes.
De twaalfeilandentocht blijkt halverwege veel weg te hebben van een twaalfgangentocht, waarbij het gastvrije Turkse gezin ons verwent met heerlijke mezes (kleine gerechten) zoals sarma (gevulde wijnbladeren), auberginesalade, gegrilde kip en yortlama (patat met yoghurt). De natuur is hier overrompelend mooi en verrassend veelzijdig.
Waar we nu genieten van de azuurblauwe zee, liepen we een dag ervoor nog door het groene amberbos bij Kavakarasi en koelden onze voeten in de ijskoude Yuvarlakcay. „De Yuvarlakcay is voor de bewoners van Pinar en omgeving een levensbelangrijke bron”, vertelt onze Turks-Nederlandse gids Sonja.
Behalve dat de bomen er hun voeding uit halen en Turkse gezinnen regelmatig samenkomen bij de rivier voor een beschutte picknick, wordt er ook drinkwater uit getapt.
Sinds vorig jaar wordt het bijzondere gebied echter bedreigd omdat er een grote ’groene’ elektriciteitscentrale zou moeten komen. Mannen met machines werkten in één nacht een half antiek bos tegen de vlakte.
De dorpsbewoners ketenden zich vast aan de bomen die er nog stonden om verdere ontbossing tegen te gaan. Sindsdien is er een nederzetting ontstaan van dorpsbewoners die de bomen geen nacht meer alleen laten.
Dit jongste dorp van Turkije bestaat uit wat banken, een tv-scherm, een geïmproviseerde wc, een keukentje, wat stoelen en een tafel. Op de grond zit een bejaarde dame in oude T-shirts te knippen om materiaal verzamelen voor haar volgende Turkse tapijt.
Een van de jongere vrouwen brengt ons zwarte thee, zo heet als ’ie alleen in Turkije gedronken wordt. Sonja zet zich al vanaf het begin in voor het behoud van de rivier (www.yuvarlakcay.org). „De dorpsbewoners zijn rechtszaken begonnen en een aantal is al gewonnen. Hopelijk komt er dan een einde aan het onrechtmatig kappen van een beschermd natuurgebied.”
Aan Sonja zal het niet liggen. Haar ogen flikkeren zodra ze met een kayak, jeep of te voet de natuur in mag. Liefkozend haalt ze met haar vinger hars van een van de amberbomen. „Iemand een wondje? Deze hars werkt namelijk genezend. En ruik eens; er wordt heerlijke parfum van gemaakt!”
Kronkelend over bergweggetjes, door bossen en rivieren en over de Middellandse Zee, komen we elke avond weer terug in Dalyan. We eten versgebakken pitabrood met tzatziki en verse vis, drinken witte wijn en verbazen ons elke keer weer over de prachtige verlichte rotsgraven.
De Cariërs plaatsten de graven, van de zee af gezien, aan de achterkant van de berg om de doden te beschermen tegen vijandige invallen.
Gaandeweg beginnen we te begrijpen waar Verstraaten zijn vinger niet op kan leggen. Dalyan is geen adembenemend dorp, geen paradijselijk oord, geen historisch hoogtepunt, maar een uniek dorp met een onuitputtelijke charme.
- Het uitzicht vanaf de Telecom Tower richting Kisla is een goed begin om het gebied te ontdekken.
- Per boot vaar je vanaf het strand van Dalyan naar de oude stad Kaunos , waar de overblijfselen van een Romeins theater, een badhuis, kerken en tempels te bewonderen zijn.
- Bij de rivier Yuvarlakcay kun je heerlijk onder de bomen picknicken of het ’dorp’ bezoeken dat de bewoners hebben opgezet ter bescherming van het bos.
- De kleurrijke markt van Ortaca is leuk om een ochtendje rond te struinen en een verse gözleme (gevulde pannenkoek) te eten.
- Absoluut ontspannen doe je in de heilzame modderbaden in Sultaniye (even wennen aan de zwavelgeur, maar je wordt er jaren jonger van!)
- Bij Gel Gör geniet je met prachtig uitzicht over de rivier van diverse bijzondere visgerechten. De Turkse kok die dagelijks van de plaatselijke vissers verse vis krijgt aangeleverd, weet van authentieke recepten verrassend lekkere gerechten te maken. Probeer eens de karides tava (garnalen casserole) en de balik böregi (vis in deegkussentjes).
- De Hidden Garden , een mooie gezellige tuin in het centrum van Dalyan, heeft voor ieder wat wils. Met vooraf heerlijk vers pita brood uit de houtgestookte oven.
- De Barbecue Garden met gezellige buitenzitjes serveert Koerdische specialiteiten en uitstekende lamsgerechten.
Dalyan ligt zo’n 65 kilometer ten zuiden van de grote havenstad Marmaris in Turkije. Met Transavia, ArkeFly en Corendon vlieg je rechtstreeks op Dalaman. Vanaf de luchthaven ben je in zo’n dertig minuten in Dalyan.
Voor jeepsafari’s, raften, varen, watersporten en andere begeleide activiteiten: Kaunos Tours, tel: + 90(0)2522842816 of www.kaunotours.com.
Portakal Toerisme biedt arrangementen aan naar Dalyan en organiseert verschillende (motor)tours. Bovendien is het een gezellig kleinschalig hotel met uiterst vriendelijke medewerkers. www.portakal.nl

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer