Volgens het CBS laten de cijfers zien dat mensen meer van baan wisselen wanneer de arbeidsmarkt krap is.
Vooral jongeren veranderen vaak van beroep. Tussen 2007 en 2008 ging ruim een kwart van de werkzame jongeren tussen de 15 en 25 jaar iets anders doen. Van de 25 tot 45-jarigen was dat 14 procent en van de 45-plussers 7 procent. De hogere mobiliteit van jongeren hangt samen met hun overstap van het onderwijs naar de arbeidsmarkt. Zij verruilen bijbanen voor werk dat past bij hun opleiding.
In hooggeschoold werk - zoals apothekers, (dieren)artsen, advocaten en rechters - stappen mensen minder vaak over. Hier is de arbeidsmobiliteit maar 5 procent.
Een verandering van beroep betekent niet altijd dat iemand ook van werkkring verandert, aldus het CBS. Sommige werknemers wisselen van beroep binnen de organisatie waar zij werken.

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer
