Dit schrijft Jo Smit-Liese in 1934 aan haar ouders, thuis in Dordrecht. Zelf is ze in Sibolangit, op Sumatra, waar haar man Wolter sinds enkele maanden werkt als zendeling, en na de eerdere euforie over een verblijf in een nieuwe omgeving breekt een moeilijke tijd aan.
Ze is al snel zwanger, voelt zich ongeschikt, onervaren en opgesloten als een gevangene en wil vrij en jong zijn. Met moeite kan ze de moed erin houden. Met haar man kan ze niet goed praten over de problemen in het geloof, en in het huiselijke en seksuele leven.
Dagboek
Ze houdt een dagboek bij, om haar gedachten op een rij te zetten, en stuurt vele brieven.
Na haar dood in 1999 liet ze dozen vol dicht beschreven vellen papier en foto’s na. Haar kleindochter Kristine Groenhart bewerkte deze tot het boek Leer mij je liefhebben.
Het leest een beetje harkerig, maar het geeft toch een boeiende kijk in het leven van een domineesvrouw. De internering met vier kinderen in een jappenkamp. De repatriëring terwijl haar man (die al snel de bijnaam ’vliegende evangelist krijgt') achter blijft. Later het geworstel met de ontrouw van haar man. Haar scheiding. De problemen met haar twee zonen die na de oorlog werden geboren.
Intiem
Het moet niet makkelijk geweest zijn voor de schrijfster om al die intieme details van haar grootmoeder te lezen. In de epiloog vertelt ze dat ze zich af en toe afvroeg of ze wel alles moest vertellen. Maar ze besloot alles zo open en eerlijk mogelijk neer te schrijven. Zonder schaamte. ”Ze heeft het niet voor niks bewaard, denk ik”, aldus de kleindochter.
Leer mij je liefhebben, door Kristine Groenhart, uitgeverij Atheneum, 318 pagina’s, €18,95.
Waardering: 3 sterren

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer