Dat zegt Joyce Outshoorn, die vrijdag afscheid neemt van de Universiteit Leiden als hoogleraar Vrouwenstudies. Outshoorn is een feminist van het eerste uur. In de jaren zestig streed ze mee als Dolle Mina in Amsterdam en was ze lid van Wij Vrouwen Eisen. Ze stond in de voorste gelederen om het recht op abortus op te eisen en schreef daar ook haar proefschrift over.
"De manier van actievoeren is in deze tijd veranderd. Feministen zijn geïnstitutionaliseerd. Ze gaan niet meer de straat op, maar zitten op sleutelposities en in lobbygroepen. Daarom lijkt het alsof de beweging is verdwenen”, aldus de Leidse professor.
Klus nog niet geklaard
Outshoorn benadrukt in haar afscheidsrede dat de feministische klus nog lang niet is geklaard. "De politieke realiteit verandert, waardoor verworven rechten uit het verleden opnieuw moeten worden bevochten.” En beleidsmatig valt er zeker nog een wereld te winnen: "Wat betekent de verhoging van de AOW-leeftijd van 65 naar 67 jaar voor vrouwen? Hoe zit het met vrouwen die nooit betaalde arbeid hebben verricht, krijgen die hun AOW ook pas twee jaar later?“
Zorgtaken
De professor maakt zich grote zorgen over de zorgtaken van oudere vrouwen. "Het kabinet probeert de combinatie van zorg en arbeid aantrekkelijk te maken, maar kijkt daarbij alleen naar kinderopvang. Een groot deel van de werkende vrouwen is echter 50-plus en heeft mantelzorgtaken. Ons hele zorgstelsel leunt daarop. Maar er is geen regeling of geld voor. Ik voorzie daarom grote problemen.”

© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer