Toen ons werd verteld dat iemand van de familie een nier zou kunnen afstaan, zei ik in een opwelling dat ik dat graag wilde doen. Dat meende ik ook. Maar mijn zus zei: ‘Denk daar nou eerst eens goed over na.’ Een orgaan afstaan is ook niet niks. Er kunnen complicaties optreden tijdens de operatie en je kunt er lichamelijk een behoorlijke klap van krijgen. Je hebt niet voor niets twee nieren. Dat ik op dat moment ‘ja’ zei, was een puur emotionele beslissing. Ik wilde haar helpen. Mijn zus redden.
Maar daarna begon ik ook de nadelen te zien, de gevaren. Ik werd bang. Toch heb ik een vooronderzoek gedaan om te kijken of ik wel een orgaan mocht doneren, want dat is niet vanzelfsprekend. Aangezien mijn moeder niet meer leeft en mijn vader een broze gezondheid heeft, ben ik het enige familielid dat in aanmerking kwam. Stiekem hoopte ik dat de uitslag negatief zou uitvallen, want dat zou me een pijnlijke verklaring besparen. Maar het was een goede match en ook medisch gezien was er geen bezwaar.
Die uitslag lag als een steen op mijn maag. Ik heb eerst eindeloos met mijn man gepraat. Hij vond dat ik het recht had om te weigeren en dat hij me zou steunen, wat mijn beslissing ook was. Maar hij zei er ook bij dat hij zelf geen moment zou twijfelen als hij zijn broer kon redden. Dat ik voor mezelf kies, kan hij niet begrijpen. Maar het is mijn lijf, mijn leven. Ik ben de enige die erover mag beslissen.
Met lood in de schoenen heb ik mijn zus verteld dat ik van donatie afzag. Dat het ongelooflijk egoïstisch van me is, maar dat ik het niet aandurf. Het is waar dat je met één nier kan leven, maar wat als er wat gebeurt met die ene nier... wat dan? Ik heb twee kinderen voor wie ik moet zorgen, die ik wil zien opgroeien. Ik wil het risico gewoon niet lopen. We hebben allebei heel erg gehuild. Ze zei dat ze het begreep en dat ik me vooral niet schuldig moet voelen. Maar dat doe ik natuurlijk wel. Als naaste sta je enorm onder druk door alles en iedereen. Want ja, je laat je zus toch zeker niet stikken?! Dat is toch wel de houding van mensen. Het is een verplichting, want als je het niet doet, deug je niet. Dan hou je niet genoeg van je zus. Maar dat doe ik wel, zielsveel zelfs!
Ik sta ook nog steeds achter mijn beslissing, maar voel me ook een lafaard, een verrader. Vooral als ik in de krant of in een tijdschrift iets lees over mensen die wél een orgaan hebben afgestaan, is dat pijnlijk. Dan denk ik: die kan zichzelf in de spiegel aankijken. Hopelijk wordt ze snel geholpen, dan zou er een last van mijn schouders af vallen.”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2009 Uitgeversmaatschappij De Telegraaf B.V., Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer