“Het was zo'n dertiger jaren woning met een erkertje, heel schattig allemaal. Eigenlijk waren we al verkocht, maar voor de zekerheid wilden we toch even een klein buurtonderzoekje doen. Je weet maar nooit tegenwoordig. Links bleek een ouder echtpaar te wonen. Rustige, lieve mensen die ons meteen thee en koekjes aanboden. Rechts deed ook een leuk stel de deur open. In de veertig, gezellige types, geen vuiltje aan de lucht dus. Meteen belden we de makelaar en binnen een dag was het gepiept: we hadden het huis.
Exact drie wittebroodsweken hebben we gehad, daarna begon de ellende. Het gras
is altijd groener bij de buren, zeggen ze wel. Nou, bij de linkerburen
misschien, maar zeker niet bij die lui van rechts. Ze breken bijna elke week
de tent af! Dat hadden we zó niet verwacht. Het zijn van die mensen die elke
week trouw de auto wassen en meteen die van jou ook even doen. En die als
zij gaan barbecueën direct vragen of je ook komt mee-eten. En aanhalig dat
ze dan met elkaar zijn... het perfecte stel.
Maar de muren zijn hier net even te dun om de schijnvertoning die ze
buitenshuis opvoeren niet te kunnen doorzien. Schreeuwen en tieren dat ze ’s
avonds en midden in de nacht doen, ongelooflijk. Zo hebben mijn man en ik
kunnen horen dat hij ‘een slappe zak is die het nog steeds in zijn broek
doet voor zijn moeder’ en dat zij ‘een loeder is dat alleen maar op zijn
geld uit is’. En hij gaat al twintig jaar niet meer naar de kerk, maar dat
mogen zijn ouders niet weten. En zij heeft het met een tien jaar jongere
kerel gedaan, waar ze heel veel spijt van heeft, dat wel, maar hij denkt
toch zeker niet dat ze daar eeuwig voor gaat boeten, omdat hij toch ook
zeker ‘met die trut van golf heeft ge…’ Nou ja, dat niveau dus.
Het lijkt wel een soap! Met als enig verschil dat wij niet elke keer op
dezelfde dag en tijd kunnen inschakelen, maar telkens een verrassingsshow
krijgen gepresenteerd. Soms is het bijna komisch, maar meestal liggen we met
kromme tenen in bed. We hebben ook meermalen klaargestaan om bij hen aan te
bellen om te vragen of ze alsjeblieft op fluisterniveau verder kunnen
ruziën, maar op de een of andere manier durven we niet goed. Het is toch
privé.
Ik zou het ook niet fijn vinden om te weten dat mijn buren al onze intieme
details kennen. En ik moet zeggen: het geschreeuw kan ik nog wel aan. Maar
soms wordt er met iets gegooid en dan schrik ik me een ongeluk. Of als ik
haar hoor huilen, dat is echt een heel vervelend gevoel. Je gaat toch
denken: zou hij haar hebben geslagen? De eerste keer dat ik het hoorde, heb
ik de hele nacht wakker gelegen, bang dat ze onder de blauwe plekken zou
zitten. Maar de volgende dag zag ik haar met een stralende lach naar de
vuilcontainer lopen. ‘Wat een lekker weer, hè,’ zei ze vrolijk. Toen dacht
ik echt: ze zoeken het maar lekker uit! Al gooien ze alle borden stuk en
elkaar erbij, ik wil gewoon lekker wonen. Daarom zijn mijn man en ik nu
bezig om informatie in te winnen over geluidsisolatie. Misschien dat we dan
eindelijk van ons nieuwe huis kunnen genieten.”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2010 Uitgeversmaatschappij De Telegraaf B.V., Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer