Ik ben nog van de generatie voor wie het volgen van een studie niet vanzelfsprekend was. Je trouwde met een man met geld en daarmee was je inkomen verzekerd. Maar mijn huwelijk liep stuk. En daar stond ik dan; begin veertig, geen opleiding, drie kinderen en geen enkele kans op een goedbetaalde baan. De eerste jaren kreeg ik nog alimentatie, maar toen de kinderen achttien waren, hield dat op.
Door de jaren heen zijn mijn ouders geregeld bijgesprongen. Ik kan hen niet verwijten dat ze me in de kou hebben laten staan. Ze namen mij en de kinderen elk jaar mee op vakantie. Inmiddels zijn ze daar te oud voor. Het leuke leventje dat ze ooit leidden, is verworden tot een stoffig bestaan achter de geraniums. Mijn moeder is dementerend, mijn vader is doof en slechtziend. De lol van het bestaan is er voor hen wel af. Wat hebben ze nog aan dit leven?
Ondertussen wonen ze wel nog steeds in hun kapitale villa, bijgestaan door een particuliere verpleegster. Dat kunnen ze zich gemakkelijk veroorloven. Dat geld wordt inmiddels voor hen beheerd door hun boekhouder, omdat ze dat zelf niet meer goed kunnen. Dat betekent dat ik nu nooit meer zomaar iets toegestopt krijg, zoals ze vroeger nog weleens deden.
Hun rijkdom is me vaak een doorn in het oog. Hoeveel ik ook van mijn ouders hou, soms zou ik willen dat ze het tijdelijke zouden verwisselen voor het eeuwige. De erfenis die dan zou vrijkomen, zou mijn leven zoveel gemakkelijker maken. Ik haat mezelf om die gedachte, want tegelijkertijd hou ik ook heel veel van ze. Ben ik een slecht mens dat ik dit denk? Ik kan het niet helpen.”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2009 Uitgeversmaatschappij De Telegraaf B.V., Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer