Twee jaar geleden zag ik er een meisje met een misvormd gezicht. Eén oog puilde uit haar hoofd. Het was vreselijk om te zien. We wilden haar helpen en hebben foto’s van haar gezicht gemaakt om te laten zien aan een arts in Nederland. Meteen na thuiskomst schreven we verschillende ziekenhuizen aan en uiteindelijk lukte het om een dokter te vinden die wilde proberen om haar te opereren. Dolblij belden we meteen naar Guinee dat Fatou in mei geopereerd kon worden.
Na veel gedoe met visa, verzekeringen, paspoort en dergelijke kwam het meisje in april in Nederland aan. Natuurlijk logeerde ze bij ons. We probeerden het haar zoveel mogelijk naar de zin te maken, maar dat viel niet mee. Het was geen gemakkelijk kind, maar ze had natuurlijk ook geen makkelijke jeugd gehad. Als ze eenmaal was geopereerd en hersteld, zou ze vast meegaander worden, hoopten wij.
De operatie was goed gelukt, maar in plaats van een blij meisje met een nieuw gezicht, kregen we een depressief dametje thuis dat niet wilde eten, nergens zin in had en ook niets in huis wilde doen. Ze was een groot, ontevreden, lastig kind dat veel zorg nodig had. Een privé-leven hadden we niet meer. Inmiddels zag ze er wel weer prachtig uit. Dat was onze beloning, want een bedankje voor alles wat we voor haar hadden gedaan, kon er niet vanaf.
Van de mensen in ons dorp kreeg ze ook cadeautjes en geld, omdat ze uit een arm, vaderloos gezin kwam met vijf broers, en een moeder die altijd weg was om geld te verdienen. De dag kwam dat Fatou was uitbehandeld en naar Guinee terug kon. We kochten een ticket voor haar, pakten haar koffers en stopten haar nog wat extra geld toe voor de rest van het gezin. De ochtend voor haar vertrek moest ik naar mijn werk in een winkel en ik vroeg haar om mijn collega’s, die haar de afgelopen maanden ook enorm hadden gesteund en hadden meegeleefd, nog even gedag te komen zeggen. Ze beloofde het.
De hele dag keek ik uit naar haar komst, maar Fatou kwam niet. Ik had er een naar voorgevoel over, dat toen ik thuiskwam bewaarheid werd. Fatou had de kleren aan gedaan die ik voor haar terugreis had klaargelegd en was spoorloos. ’s Avonds belde ze op en vertelde dat ze was gevlucht naar familie in België. Mijn man en ik hebben meteen de politie ingeschakeld en iemand laten bellen naar haar broer in Guinee. Die bleek al die tijd al tegen Fatou te hebben gezegd dat ze niet meer terug moest komen en in Europa geld voor het gezin moest gaan verdienen.
Geld verdienen, een meisje dat niet kan lezen en schrijven en nu dus ergens illegaal verblijft. Hoe haalt hij het in z’n hoofd! Zes maanden van ons leven hebben we voor Fatou opgeofferd en het heeft ons ook heel veel geld gekost. Dat laatste is niet het belangrijkste. We hebben hier veel verdriet van en voelen ons misbruikt. We wilden een mismaakt meisje helpen, maar kregen stank voor dank!”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer