Ik heb een ellendige jeugd gehad. Veel wil ik er niet over uitweiden, maar een veilig thuis heb ik nooit gekend. Zelfvertrouwen was mij vreemd. Ik vond mezelf dik, lelijk, oninteressant en dom. Ik kon werkelijk niet geloven dat er iemand met mij wilde leven, laat staan een gezin te beginnen. En toen was daar mijn huidige echtgenoot.
Hij was de eerste die zei dat ik mooi was. Ik geloofde hem niet. Nee, daarvoor
was mijn gevoel voor eigenwaarde te zwaar aangetast. Maar het was wel het
begin van een nieuw leven waarin ik beetje bij beetje meer vertrouwen in de
toekomst kreeg. We trouwden en kregen een kindje. Het leven begon me zowaar
toe te lachen. En toch was er altijd dat knagende gevoel: je deugt niet, je
bent niet goed genoeg.
Op een dag nodigde een buurvrouw me uit om eens mee te gaan naar haar
jogclubje. Samen met nog twaalf vrouwen ging ze elke zondagmorgen hardlopen
in de duinen. Ze beweerde dat ’t wel iets voor mij zou kunnen zijn. Ik dacht
daar heel anders over. Was bang dat ik de rest nooit zou bijhouden, mijn
faalangst stak als nooit tevoren de kop op. Pas na drie keer vragen, ging ik
op haar uitnodiging in. Eigenlijk om van het gezeur af te zijn, want dat het
op een deceptie uit zou lopen, daar was ik zo goed als zeker van. Die eerste
keer zal ik nooit meer vergeten.
Ik had zelden iets aan sport gedaan, maar fietste wel altijd naar mijn werk en
had daardoor blijkbaar een goede conditie. Ik kon ’t tempo met gemak
volhouden. De kick die dat gaf zorgde voor een enorm geluksgevoel. Vanaf dat
moment was ik verkocht. Ik wilde elke keer meer, harder, langer trainen. En
elke keer dat ik beter had gepresteerd, kreeg ik datzelfde heerlijke gevoel.
Het clubje liet ik al snel achter me, letterlijk en figuurlijk. Ik liep niet
alleen op zondagmorgen, maar ook op zaterdag. Daarna kwam de woensdag erbij
en intussen loop ik elke dag anderhalf uur. Ik kan niet meer zonder.
Mijn man heeft me erop aangesproken, hij vindt dat ik erin doorsla. Dat het
verdacht veel op een verslaving lijkt en dat mijn lichaam er niet
vrouwelijker op wordt. Ja, dat steekt me natuurlijk wel. Ik zie ook heus wel
dat mijn lichaam verandert, maar ik vind mezelf mooi zo. En ook al was dat
niet het geval, dan zou ik er nog niet mee stoppen. Het gevoel dat ik krijg
tijdens het sporten, valt met niets te vergelijken. Ik heb dat nodig.
Als ik een dag niet hardloop, dan word ik depressief. Ik voel me dan
lamlendig, chagrijnig en schuldig. Alsof ik mijn lichaam teleurstel, zoiets.
Mijn man zegt dat ik erover moet praten met de huisarts, maar daar voel ik
niets voor. Ik wil niet met sporten stoppen, daarvoor is het te belangrijk
voor me. ‘Belangrijker dan je eigen man?’ vroeg hij nog. Het is misschien
moeilijk te begrijpen, maar ik moest daar ‘ja’ op zeggen. Hardlopen geeft me
zoveel voldoening, zoveel vertrouwen. Vroeger heb ik dat allemaal moeten
ontberen, niemand pakt me nu nog mijn gevoel van eigenwaarde af.”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer