“Ik ben een kind van rijke ouders. Er zit oud geld in de familie en mijn vader heeft, in de tijd dat dat nog kon, veel geld verdiend met speculeren in de vastgoedbranche. Om een indruk te geven van de omgeving waarin ik ben opgegroeid: mijn ouderlijk huis had een aparte vleugel voor de kinderen, mijn zus, broer en ik hadden een enorme kamer met een eigen badkamer, een aparte speelkamer met spelletjes, boeken, spelcomputers, muziekinstrumenten en een binnenzwembad. Uiteraard was er ook nog een zwembad buiten in de enorme tuin achter het huis.
Al mijn vriendjes en vriendinnen kwamen uit dezelfde kringen. Een milieu van
tegen elkaar opbieden en elkaar aftroeven, waar ik zelf volop aan meedeed om
niet buiten de boot te vallen. Inmiddels ben ik het huis uit, werk ik als
bedrijfsadviseur en ben ik getrouwd met een lieve man met een heel andere
achtergrond dan ik. Daarom viel ik ook als een blok voor hem. Hij is puur en
echt. Bescheiden, maar wel gepassioneerd. Een gedreven meubelmaker en
projectinrichter en sinds acht jaar eigen baas, dankzij mijn vader.
Mijn ouders waren helemaal niet blij toen ik hem kwam voorstellen. Wat moest
ik met zo’n jongen? Volgens hen had hij me niets te bieden. Financieel
gezien hadden ze gelijk, maar onvoorwaardelijke liefde en steun zijn veel
meer waard. Het is het enige moment in mijn leven geweest, dat ik koppig bij
mijn keuze ben gebleven. Toen bleek dat mijn vriend ondanks alle kritiek en
tegenwerpingen een blijvertje was, kozen m’n ouders eieren voor hun geld.
Ze begonnen hun schoonzoon te pamperen en boden hem hun financiële steun aan
om een eigen bedrijf te beginnen. Dat was altijd al zijn grote droom, dus
nam hij, ondanks mijn twijfels, hun aanbod met beide handen aan. In mijn
vriendenkring was hij ook ineens one of the guys, nu hij geen loonslaaf meer
was. En zo dompelden we ons opnieuw onder in het wereldje van Gooise bluf en
gingen de verhalen weer over grote huizen, dure auto’s en exotische
vakantiebestemmingen.
Misschien waren we beter af geweest als mijn man nog gewoon voor een baas
werkte. Dan had tenminste een van ons tweeën een zeker inkomen gehad. Door
de crisis draait zijn bedrijf met verlies en ook mijn vaste klanten slaan
even een beurt over. En zo is er minder dan de helft over van ons
maandelijkse inkomen en zijn we nu aan het interen op ons spaargeld. Mijn
hand ophouden bij mijn ouders is het laatste wat ik wil. Ik gun het ze niet
dat ze kunnen zeggen: ‘Zie je wel, we hadden je gewaarschuwd.’ Mijn vrienden
mogen ook niets over onze geldproblemen weten, want het wereldje is klein.
En dus roepen we nog steeds dat we naar een luxe resort op Hawaii op vakantie
gaan, terwijl we dit jaar gaan onderduiken in een huisje in Drenthe. Het
lijkt misschien kinderachtig, maar ik heb er geen zin in om het lachertje
van onze vriendenclub te worden of het zwarte schaap van de familie. Ik ga
nog liever emigreren.””
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer