“Ik wilde niet zo’n groot bakbeest, maar mijn man zei dat als we dan toch een
caravan namen, we dan meteen maar voor het meeste comfort moesten gaan.
Uiteindelijk gaf ik hem zijn zin, maar ik zei er wel bij dat hij dan in zijn
eentje moest rijden. Ik zag zo’n enorm gevaarte echt niet zitten. Hij wel,
dus kochten we een model van ruim zeven meter.
We zouden naar een Oostenrijkse camping gaan, maar hadden niet van tevoren
gereserveerd. Omdat onze kinderen nog klein zijn en nog niet naar school
gaan, konden we lekker in het voorseizoen op reis. Scheelde weer een hoop
geld en op de camping zou vast nog plek genoeg zijn. Het rijden met de
caravan ging prima. Onderweg hebben we regelmatig gestopt en we konden in de
caravan op ons gemak wat eten en drinken. Misschien waren we wel te relaxt
toen we uiteindelijk bij de camping aankwamen.
We reden naar een veldje waar nog één andere caravan stond en een grote tent.
Er was verder geen kip te zien. Het was midden op de dag, dus iedereen was
vast de bergen in of in het naburige dorpje aan het eten. Ik stapte uit om
aanwijzingen te geven. Mijn man hoefde alleen maar een bochtje te maken om
een grote boom te omzeilen. Hij was zo gefi xeerd op die boom dat hij
blijkbaar de tent iets verderop uit het oog verloor. En ik denk dat hij de
lengte van onze caravan ook onderschat had. Vanuit mijn ooghoek zag ik het
gebeuren. Ik gilde nog: ‘Stop!’ Maar hij dacht dat ik bedoelde dat hij de
boom zou raken terwijl hij zag dat er genoeg afstand was, dus hij reed
gewoon door. Pang! Daar knapten de tentstokken. Ons bakbeest reed de hele
tent aan gort.
Mijn hart stond even stil. Wat een geluk, dat die mensen er niet in zaten.
Trillend op zijn benen keek hij naar de ravage. Alles was kapot,
platgereden. Mijn man stapte weer in de auto en siste dat ik moest
instappen. Ik dacht nog: we gaan naar de campingbeheerder, maar hij reed zo
het terrein af. ‘Wat doe je nou?’ zei ik, helemaal perplex. ‘We kunnen toch
niet zomaar wegrijden, wat moeten die mensen nou?’ Maar hij zei dat hij geen
zin had in gedoe, dat het allemaal mijn schuld was en dat ik mijn mond moest
houden.
Ik had hem nog nooit zo meegemaakt! Hij wilde doodleuk een andere camping
opzoeken en ik moest maar net doen of er niets was gebeurd. Maar dat kon ik
helemaal niet. Ik eiste dat we terug zouden gaan naar die camping. Toen
heeft hij rechtsomkeert gemaakt en zijn we linea recta naar huis gegaan. Wat
een rampvakantie! Ik heb zelf contact gezocht met de campingbeheerder om aan
het adres van die mensen te komen en uiteindelijk is alle schade vergoed.
Vergeven en vergeten is het hiermee niet. Het heeft me heel erg aan het
denken gezet, ook over mijn relatie. Wat hij deed, stuit me zo tegen de
borst... Ik weet werkelijk niet of we hier nog wel samen uitkomen.”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal
delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl
of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2009 Uitgeversmaatschappij De Telegraaf B.V., Amsterdam. Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer