Ondanks dat ik dat niet was, genoot ik van zijn aandacht. En ik dacht: ‘Wat niet is, kan nog komen...’ We begonnen dus een relatie. Na een jaar fladderden er nog steeds geen vlinders, maar ik voelde me wel heel fijn bij hem.
Op een gegeven moment vroeg Marc me mee naar een familieweekend in een vakantiepark. We kwamen laat in de middag aan. Vlak voor sluitingstijd rende ik naar de winkel om nog even een flesje wijn te halen. Marc reed alvast door naar het huisje. In mijn haast struikelde ik over de tas van iemand die bij de kiosk een krant kocht en ging languit. Toen de man zich omdraaide, sloeg mijn hart over. Hij was knap en sprak met een Amerikaans accent. Bezorgd vroeg hij of ik pijn had, en hielp me naar een van de rieten stoeltjes van het restaurant. Daarna haalde hij koffie voor ons. Voor ik het wist, hadden we een heel vertrouwelijk gesprek.
Hij vertelde dat hij nogal opzag tegen zijn familie-uitje. Hij woonde al jaren in Amerika en had geen goed contact met zijn broers en z’n ouders. Toen hij vroeg met wie ik in het park was, kwam Marc ineens aanlopen. Hij keek heel verbaasd toen hij mij zag zitten. Ik dacht omdat ik daar koffie zat te drinken met een vreemde man. Maar die man bleek dus zijn broer Jan! Nu waren er drie mensen die verbaasd keken. Een idiote situatie.
Het familieweekend was gezellig en tegelijkertijd ongemakkelijk. Ik besefte nu dat ik hoteldebotel verliefd was. En niet op Marc. Elk moment dat Jan en ik bij elkaar in de buurt waren, en dat waren er veel want we zaten in hetzelfde huisje, bouwde de spanning op. Zoals hij naar me keek, me even terloops aanraakte in het voorbijgaan...
Op de laatste avond, toen Marc zijn verloren mobieltje ging zoeken, ging het mis. In de badkamer ontlaadde de spanning in een heftige vrijpartij, waarna Jan me vroeg om met hem mee te gaan naar Amerika. Hij wist het zeker: ik was de vrouw van zijn leven! Ik was overrompeld. In mijn hart wilde ik niets liever, maar mijn verstand zei: ‘Het kan niet, het mag niet!’ En dus namen we de volgende ochtend met een brok in ons keel afscheid. In mijn koffer vond ik later een lief briefje met zijn telefoonnummer en e-mailadres.
Ik heb er tot nu toe niets mee gedaan in de hoop dat het gevoel vanzelf weer wegebt. Het zou Marc zoveel pijn doen en de band met zijn broer voorgoed kapotmaken. Maar het briefje weggooien kan ik niet en elk keer als er een mail van Jan voor ons in de inbox staat, kan ik mijn tranen niet bedwingen. Daar aan de andere kant van de oceaan wacht mijn soulmate op me, maar vast niet zijn hele leven.”
In VROUW vertelt blijven de inzenders anoniem. Wil jij ook jouw verhaal delen? Mail of schrijf de redactie: redactie.vrouw@ttg.nl of Vrouw Magazine, Postbus 670, 1000 AR Amsterdam.
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer