Inloggen bij Telegraaf.nl
Deze week presenteerde president Ahmadinejad voor de Iraanse staatstelevisie de eerste in eigen land geproduceerde nucleaire brandstof. Dit soort provocaties heeft een duidelijk resultaat: voor 77% van de stemmers staat inmiddels als een paal boven water dat Iran aanstuurt op het maken van kernwapens.
Twee derde vindt het volstrekt ongeloofwaardig dat Iran kernenergie nodig heeft, terwijl het land bulkt van de olie. Maar ook 31% vindt het helemaal niet zo raar als Iran de olievoorraden liever exporteert dan zelf verbruikt, en daarom naar alternatieve energie zoekt. „Wij verkopen ons gas toch ook liever dan dat we het zelf allemaal opstoken? Zo gaat dat nu eenmaal overal.”
Op zichzelf heeft het Westen niet het alleenrecht op kernwapens, vindt 71%. En sommigen maken zich niet zo druk over een atoombom in Iraanse handen. „Pakistan, India en Israël hebben kernwapens en het non-proliferatieverdrag niet getekend. Iran wel. Wie is het gevaarlijkst?” vraagt iemand zich af. Maar de meesten vinden het wel degelijk een zorgwekkende toestand. „Een atoomwapen in handen van een doorgedraaide islamitische dictatuur die Israël van de kaart wil vegen is een ernstige bedreiging voor ons allen.”
Tegelijkertijd is er ook argwaan over de westerse insteek. Heel wat deelnemers verwijzen naar de inval in Irak op basis van onjuiste informatie over massavernietigingswapens. „We moeten eens ophouden met gissen wat een ander land doet. In Irak bleek achteraf dat ze er ook naast zaten.”
Maar dit heeft Iran zélf in de hand en niemand anders, vindt twee derde. Meer openheid van Iran is dan ook zonder meer een vereiste om de spanning te verminderen, vinden zij. „Iran hoeft alleen maar inspecteurs toe te laten die kunnen bewijzen dat hun kernprogramma vredelievend is. Dat willen ze niet en dus vreten ze wat anders uit.”
Slechts een kwart van de deelnemers vindt de Europese olieboycot per 1 juli de juiste sanctie tegen het Iraanse regime. „Iran heeft het Westen nodig voor financiën. Zonder olieverkoop staan ze machteloos. Iran pokert maar zal uiteindelijk verliezen.” Eveneens een kwart vindt de boycot een wassen neus, omdat hij veel te ver van tevoren is aangekondigd. „Een boycot voer je direct uit. Wie wordt er nu geraakt door een boycot waarop je je een halfjaar hebt kunnen voorbereiden?”
Maar bijna de helft (42%) vindt de hele boycot sowieso een oerdomme sanctie. „Het levert niets op, want China neemt daar veel meer olie af en bovendien treft de boycot hoofdzakelijk de stakkers van burgers en niet het regime.”
Overigens vreest 83% voor de olieprijzen door de toenemende spanningen in het Midden-Oosten, ook al komt slechts 2% van onze olie uit Iran. En daarom vindt 82% het van het grootste belang om meer werk te maken van alternatieve energie. „Je kunt Iran niet de wet voorschrijven zolang je hun olie nodig hebt. Het is het beste als je zelf in je eigen energiebehoefte kunt voorzien: kernenergie!”
Ondertussen wordt het conflict van beide zijden moedwillig aangewakkerd, vinden de deelnemers. „Iran stuurt heel bewust aan op een oorlog met Israël en het Westen. De drie bomaanslagen van de afgelopen dagen bewijzen dit”, schrijft iemand. Anderen noemen juist de Verenigde Staten en Israël de grote agressor. Al met al besluit een deelnemer: „Het is een wedstrijdje ’ver plassen’ van twee kanten. Laten wij nu eens de ’wijzen uit het Westen’ zijn.”
Johan Jansen
© 1996-2012 Telegraaf Media Nederland | Landelijke Media B.V., Amsterdam.
Alle rechten voorbehouden.
e-mail: redactie-i@telegraaf.nl
Privacy | Disclaimer
Of login met