26143
Columns

Opinie Wouter de Winther

Een echte leider zoekt geen zondebok

Geen leiding, geen mening en beroerde communicatie. Het waren drie kwalificaties die een PvdA-fractielid in februari 2012 anoniem prijsgaf over haar partijleider Job Cohen. De rode voorman lag destijds voortdurend onder vuur, omdat hij niet opgewassen bleek tegen zijn politieke concurrenten.

Cohen werd de boksbal van de Tweede Kamer en van de media. Na weer een mes in de rug uit zijn eigen partij, belegde hij een fractievergadering. Na afloop zei hij dat hij zich nog steeds voldoende gesteund voelde door zijn Kamerleden.

Vier dagen later trad Job Cohen terug.

De linkse wisselbokaal van het affakkelen van de leider is inmiddels verdiend in handen van de SP gevallen. Het is even wennen voor recordhouder PvdA, maar zelfs daar overheerste de voorbije week verbijstering over de bizarre manier waarop de SP met een onwelgevallig mediabericht over partijleider Emile Roemer omging. Met een biechtstoelprocedure plus een fractievergadering in crisissfeer openbaarde zich een enorm gebrek aan politieke professionaliteit.

Roemer stelde de vorige verkiezingen teleur, wist de afgelopen jaren niet het verschil te maken en is na de afgelopen week zelfs het stadium van aangeschoten wild voorbij. De prooi bloedt en de hyena’s van de concurrentie staan klaar om het straks in de verkiezingsdebatten af te maken. Jan Marijnissens dochter Lilian en voorzitter Ron Meyer wachten in de coulissen om hem op te volgen.

Kritiek op Roemer uit de eigen gelederen is dan ook niet nieuw. Na de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 analyseerde een SP-Kamerlid al dat de uitslag helemaal niet zo ’fantastisch’ was als Roemer van de daken schreeuwde. Collega Karabulut sprak in een interview uit dat haar leider ’niet zo’n lekkere periode’ achter de rug had. „Er is simpelweg geen alternatief”, fluisterde een SP-parlementariër in april van dit jaar al in een artikel over de SP . Twee maanden later was het opnieuw raak, na een dramatisch optreden van Roemer tijdens een vergadering over de Brexit. SP-Kamerlid Van Bommel erkende toen dat het debat ’niet helemaal lekker ging’. In de fractie was ’uitgebreid gekletst’ over het optreden van de partijleider. „Over dat-ie werd uitgelachen en dat hij kansen had laten liggen”, vatte een socialist samen.

In de SP-fractie wordt dus al jaren gemopperd, hoewel de kwalificatie die de voorbije week opdook, dat Roemer zijn fractie niet kan leiden en al helemaal het land niet, natuurlijk een ongekend dieptepunt is.

Socialisten denken wel vaker dat de aanval de beste verdediging is. En dus zag wakker wordend Nederland dit weekend bij WNL op Zondag een geïrriteerde SP-leider die niet de hand in eigen boezem stak, maar anderen de schuld gaf van de commotie. Na de fractievergadering had voorzitter Meyer ook al tegen journalisten geroepen: „We laten ons niet verdelen”. Ook Roemer wees op de ’chocoladeletters’ in de krant over de heisa, in een armoedige poging om de inhoudelijke discussie uit de weg te gaan. Het gebeurt vaker bij partijleiders in paniek; de boze buitenwereld als zondebok gebruiken om je eigen problemen te camoufleren. Toch waren het zijn eigen SP’ers die klaagden!

Even leek Roemer zowaar iets met de inhoudelijke kritiek te doen. Na jaren van asielknuffelarij hoorden we van de SP-leider ineens ferm dat mensen die uitgeprocedeerd zijn ’terug gaan’, eindelijk appellerend aan de volkse kiezer die de SP heeft verruild voor de PVV. De presentator vertelde er zelfs nog even bij dat Roemer voor de uitzending had aangegeven dat ze wel over meer punten wilden praten dan alleen het speerpunt van het nationaal zorgfonds. Ook dit leek een knieval richting de anonieme criticasters. Hoewel, anoniem? Uit de fractietop klinkt dat een schuldbewust onderwijs-Kamerlid inmiddels heeft toegegeven wel eens tegen een journalist te hebben geklaagd over de eendimensionale campagne-focus van de SP op de zorg.

Roemer beet niet door; hij benadrukte dat de zorg toch echt een heel belangrijk speerpunt is. Een gemiste kans. Het is moeilijk voorstelbaar dat een partij die er zo’n potje van maakt straks ministers mag leveren in de Trèveszaal.

Daar maakt de VVD van Mark Rutte meer kans op. Hoewel het kabinet de raadgevende (en niet correctieve!) uitspraak van de kiezer om het Oekraïne-verdrag niet te ratificeren naast zich neerlegt, is zijn politieke acrobatiek wederom indrukwekkend gebleken. Het duurde veel te lang, geeft Rutte zelf ook toe. En stuurlui aan de wal zullen zeggen dat het allemaal van geen kant deugt. Maar terwijl hij het referendum vanaf dag één niet zag zitten, heeft Rutte er uiteindelijk wel voor gezorgd dat Europa even luisterde naar Nederland.

Maandenlang leek het een kansloze missie. Nu, met de extra verklaring die Rutte wist te regelen, gloort er zelfs een comfortabele meerderheid in de senaat. Daarbij wordt ook het juiste argument gebruikt; namelijk dat Moskou garen spint bij een ’nee’.

Het Oekraïne-referendum was Haagse bezigheidstherapie, waar ruimte voor is ontstaan door het politieke vacuüm dat een uitgeregeerd kabinet creëerde. Politieke avonturiers zullen moord en brand blijven schreeuwen, maar er staan echt belangrijker zaken op het spel als we op 15 maart in het stemhokje staan.