Entertainment/Cultuur
1233656542
Cultuur

Katwijk door ogen van Jan van Goyen

Van Goyens ’Strandgezicht met visverkopers te Katwijk’ uit 1641.

Van Goyens ’Strandgezicht met visverkopers te Katwijk’ uit 1641.

Een uniek kijkje in het verleden: de schilder Jan van Goyen (1596-1656) schilderde in 1641 zijn Strandgezicht met visverkopers te Katwijk. Het is vanaf dinsdag 22 september te zien in het Katwijks Museum, dat het prachtige paneel kon verwerven dankzij steun van de Vereniging Rembrandt.

Van Goyens ’Strandgezicht met visverkopers te Katwijk’ uit 1641.

Van Goyens ’Strandgezicht met visverkopers te Katwijk’ uit 1641.

Het is het vroegst bekende schilderij waarop Katwijk aan Zee staat afgebeeld. Jan van Goyen, een van de grote Nederlandse landschapsschilders, legde de bedrijvigheid op het strand vast, met op de achtergrond het dorpssilhouet van de badplaats, waarheidsgetrouw: met de hoge toren van de Andreaskerk en de resten van het koor. Dat gedeelte was in 1571 geplunderd en deels verwoest door de watergeuzen. Rechts van de toren zien we de zogeheten Vuurbaak, een iconische rechthoekige vuurtoren die in 1604 werd gebouwd en op moment van schilderen nog relatief ’jong’ was.

De visserij was destijds de belangrijkste inkomstenbron. Aan de kustlijn zie je vissersboten liggen en op zee zie je er nog meer. Op het strand wordt de zojuist gevangen vis geveild. We zien ook de visloopsters, die op hun grote platte hoed een mand met vis droegen, waarmee ze dagelijks naar onder meer Leiden liepen om de vangst te verkopen.

De nieuwe aanwinst gaat deel uitmaken van de nieuwe tentoonstelling De kracht van Katwijk in de schilderkunst. Daar krijgen ook drie eerdere aankopen - een schilderij van Jan Toorop die enkele jaren in het kunstenaarsdorp woonde en twee stadsgezichten van de 19e eeuwse schilders Emil Neumann en Kasparus Karsen - een plek.

Deze presentatie kwam tot stand in het kader van de actie De kracht van onze Nederlandse collecties, een initiatief van de Vereniging Rembrandt en de Turing Foundation, die de kerncollectie van musea extra voor het voetlicht moet brengen.