Nieuws/Entertainment
2109610281
Entertainment

Baas Eurovisie Songfestival geniet van goede vibe in Rotterdam

Supervisor van het Eurovisie Songfestival Jon Ola Sand na afloop van de officiële loting voor de halve finales van het Eurovisie Songfestival.

Supervisor van het Eurovisie Songfestival Jon Ola Sand na afloop van de officiële loting voor de halve finales van het Eurovisie Songfestival.

De organisatie van het Eurovisie Songfestival is in goede handen bij gaststad Rotterdam, de omroepen AVROTROS, NOS en NPO en Rotterdam Ahoy. Dit zegt EBU-topman en songfestivalbaas Jon Ola Sand, die dinsdag in het Rotterdamse stadhuis toezicht hield op een correct verloop van de loting.

Supervisor van het Eurovisie Songfestival Jon Ola Sand na afloop van de officiële loting voor de halve finales van het Eurovisie Songfestival.

Supervisor van het Eurovisie Songfestival Jon Ola Sand na afloop van de officiële loting voor de halve finales van het Eurovisie Songfestival.

„Het gaat hier goed met de voorbereidingen. Wat ik zie is dat alles op zijn plaats valt. Ik volg de voorbereidingen al sinds mei vorig jaar en merk dat alles volgens het tijdschema verloopt. De Hollanders zijn erg gestructureerd. Er is een professioneel team aan het werk”, vertelt Sand. Hij prijst de professionaliteit van de Nederlandse tv-makers. „Er worden hier in Nederland erg goede tv-programma’s gemaakt. Er komen hier goede tv-formats vandaan. Dus ik heb het vertrouwen dat de organisatie in veilige handen is. Ik ben tot nu toe heel tevreden.”

Details

Hij vervolgt: „Er zijn nog heel veel details, er moet nog veel gebeuren. En we komen dichter bij het evenement. Maar ik maak me geen zorgen. Ik heb vertrouwen in het team, in de omroepen en in Rotterdam als gaststad.”

Ondertussen geniet Sand van zijn verblijf in Rotterdam. „Ik ben hier nu een paar keer geweest. Ik vind dat er een goede vibe hangt. En ik houd van de mensen hier. Ik houd van de culturele diversiteit en de architectuur. De stad is divers, tolerant en heeft veel water. En omdat ik uit Oslo kom, houd ik wel van een havenstad als deze.”