Entertainment/Sterren
250207753
Sterren

Sander Lantinga neemt geen blad voor de mond als commentator Songfestival

Sander Lantinga

Sander Lantinga

Sander Lantinga houdt zich niet in als commentator van het Eurovisie Songfestival. De radiomaker, die naast Cornald Maas plaatsneemt als vervanger van Jan Smit, zal alles benoemen wat in hem opkomt.

Sander Lantinga

Sander Lantinga

Velen waren een beetje verrast dat Lantinga de klus dit jaar mag klaren. „Ik was dat eerlijk gezegd zelf ook”, lacht hij tijdens een gesprek met het ANP. Maar de dj is de juiste man op de juist plek, verzekert hij.

„Ik ben nu 44 en ik durf te zeggen dat ik al zeker 34 jaar lang gefascineerd en gepassioneerd ben door het Songfestival. Dat begon als klein Sandertje op de bank omdat ik laat mocht opblijven en is altijd gebleven. Ik heb het omarmd en nooit meer losgelaten.” Toen de telefoon ging met de vraag of Lantinga Smit wilde vervangen, wist hij dan ook direct dat hij dat wilde doen. „Ja, daar hoef je dan geen twee keer over na te denken.”

Afbranden

Als presentator van de Coen & Sander Show op Radio 538 is Lantinga het wel gewend om overal zijn ongezouten mening over te geven, maar voor het Songfestival is het toch andere koek. „Ik ben nu veel meer ondergeschikt aan het evenement. Maar ik zit daar om commentaar te leveren en als het niet goed is, dan vind ik wel dat ik mezelf moet permitteren om er iets over te kunnen zeggen. Ik denk niet dat ik me ga inhouden, maar ik zal nooit iemand kapot maken of afbranden.”

De taakverdeling blijft ongeveer dezelfde als Maas met Smit had. „Vorig jaar varieerden we wel een beetje, maar het werkt meestal toch het best als ik de inleiding doe”, vertelt Maas. „Sander kan dan weer met zijn expertise en snelheid, muzikaliteit en onbevangenheid fris reageren. Ik kom ook wel met een mening, maar op mijn manier, met een beetje ironie.”

Net als in de andere jaren zullen de twee commentatoren vooraf niet weten wat ze gaan zeggen. „Het is voor Sander de grote kunst om niet meteen iets te zeggen waar ik erg om moet lachen, want dan vind ik het jammer dat hij het al gezegd heeft.”