Entertainment/Cultuur
3563936
Cultuur

Iris Kensmil en Remy Jungerman vullen in Venetië gaten in kunsthistorie

Belofte van een betere toekomst

— Moge u in boeiende tijden leven. May you live in interesting times. Dat is het motto van de 58e Biënnale van Venetië, die volgende week zijn deuren opent. Nederland wordt vertegenwoordigd door Iris Kensmil en Remy Jungerman. Twee Amsterdamse kunstenaars met Surinaamse wortels die, net als Piet Mondriaan en Gerrit Rietveld 100 jaar geleden, hopen op een betere wereld waarin iedereen zich thuis voelt en ieder mens zichzelf mag zijn.

V.l.n.r. Benno Tempel, Iris Kensmil en Remy Jungerman: „Deze expositie is geen aanklacht.”

V.l.n.r. Benno Tempel, Iris Kensmil en Remy Jungerman: „Deze expositie is geen aanklacht.”

Moge u in boeiende tijden leven. May you live in interesting times. Dat is het motto van de 58e Biënnale van Venetië, die volgende week zijn deuren opent. Nederland wordt vertegenwoordigd door Iris Kensmil en Remy Jungerman. Twee Amsterdamse kunstenaars met Surinaamse wortels die, net als Piet Mondriaan en Gerrit Rietveld 100 jaar geleden, hopen op een betere wereld waarin iedereen zich thuis voelt en ieder mens zichzelf mag zijn.

V.l.n.r. Benno Tempel, Iris Kensmil en Remy Jungerman: „Deze expositie is geen aanklacht.”

V.l.n.r. Benno Tempel, Iris Kensmil en Remy Jungerman: „Deze expositie is geen aanklacht.”

Komende week zullen zij, samen met curator Benno Tempel, de directeur van het Gemeentemuseum Den Haag die hen bij elkaar bracht, de laatste hand leggen aan hun presentatie in het Rietveldpaviljoen in de Venetiaanse Giardini. Het belooft heel mooi te worden, zegt het drietal. „We hebben de schoonheid van het Nederlands paviljoen willen behouden. Er zijn geen extra wandjes toegevoegd. Het publiek krijgt alle rust en ruimte om in het midden samen te komen, alsof het een pleintje – een piazza – is, om de monumentale werken te bekijken en met een beetje geluk met elkaar in gesprek te raken.”

Portret van Claudia Jones, uit de schilderijenserie ’The New Utopia Begins Here’ van Iris Kensmil.

Portret van Claudia Jones, uit de schilderijenserie ’The New Utopia Begins Here’ van Iris Kensmil.

Zowel Iris Kensmil (1970), als Remy Jungerman (1959) is sterk beïnvloed door het modernisme van De Stijl. Mondriaan en dan vooral door zijn late abstracte werk dat hij mede ontwikkelde dankzij de opzwepende ritmes van de van origine zwarte jazzmuziek. Het is voor beiden een belangrijk vertrekpunt en een langdurige inspiratiebron. „De zwarte muziekcultuur sprak hem enorm aan. Het luisteren naar jazz gaf Mondriaan, naar eigen zeggen, een sterkere spirituele ervaring dan het zingen van psalmen.”

„Voor ons is vooral de vraag belangrijk: hoe verhoud je je tot de kunstgeschiedenis? De kunsthistorie heeft zich internationaal ontwikkeld middels een dominant westers beeld. Dat verhaal is als een absolute waarheid overal overgenomen, van Azië tot Zimbabwe. Hoe kan dit dan?, vraag je je af. De wereld is toch diverser en complexer dan dat. Wij zien overduidelijk dat er hiaten in de kunstgeschiedenis zijn. Die kun je opvullen. En wij doen daar in zekere zin een voorstel toe.”

„Voor mij was de grote vraag: waar is de zwarte moderniteit?”, legt Kensmil uit. „In de canon zie je die niet. Maar zij is er wel. Daarom heb ik een installatie gemaakt van levensgrote geschilderde portretten van zeven vrouwen, die elk een sleutelfiguur zijn geweest binnen de zwarte feministische beweging, zoals Claudia Jones, Amy Ashwood Garvey en Hermina Huiswoud.”

„Deze vrouwen zijn in kleine kring wel bekend, maar bij een breed publiek nog niet. Zij waren heel actief in hun tijd en streefden een utopisch beeld van een nieuwe, inclusieve maatschappij na. Vandaar ook de titel van het werk: The New Utopia Begins Here. Voor mij zijn deze vrouwen belangrijke rolmodellen.”

Het Nederlandse paviljoen in Venetië werd door Gerrit Rietveld ontworpen.

Het Nederlandse paviljoen in Venetië werd door Gerrit Rietveld ontworpen.

Uit het werk van Jungerman spreekt eveneens hoop en optimisme. „Natuurlijk zit er zeker ook een kritische ondertoon in, maar deze expositie is geen aanklacht. Eerder een uitnodiging om serieus met elkaar in gesprek te gaan over ons verleden, het heden en de toekomst”, zegt hij.

Waar Kensmil de kracht van sterke vrouwen laat zien, brengt Jungerman met zijn beelden de power van zijn voorouders het Rietveldpaviljoen in. In zijn werk verbindt hij de esthetiek van de Afrikaanse spijkerbeelden met de geometrische stofpatronen van de Marrons (afstammelingen van tot slaaf gemaakte Afrikanen de de plantages in Suriname ontvluchtten) en rituelen uit de Afro-Surinaamse Winti-religie met elementen uit het modernisme. Zoals het grid van Mondriaan of de maateenheden van de in 2017 overleden Stanley Brouwn.

Oorspronkelijk had Benno Tempel het plan om ook het intrigerende werk van Brouwn in de Biënnale-presentatie op te nemen. Maar de weduwe van deze conceptuele kunstenaar van Surinaamse afkomst had daar bezwaar tegen, waardoor hier van werd afgezien. „Nu fungeert hij in zekere zin toch als een voorvader voor mij. Zijn mentaliteit is voelbaar in het paviljoen en in ons werk”, legt Jungerman uit. Zo beschilderde hij de sculptuur Promise IV, die deels uit verticale houten latten bestaat in een bepaald ritme dat gebaseerd is op de maateenheden van Brouwn, die de kunstenaar op zijn eigen lichaam baseerde, zoals de sb-voet, sb-stap of sb-el.

Het resultaat is volgens Tempel ’een heel mooie, poëtische tentoonstelling, die verrast en prikkelt’. „Het is niet eenvoudig om in al het visuele geweld van de diverse landenpaviljoens van de Biënnale op te vallen. Wij denken daarin toch geslaagd te zijn. Allereerst door kwaliteit te leveren. Zowel Iris als Remy is echt boven zichzelf uitgestegen bij het maken van nieuw werk voor deze tentoonstelling.”

„Maar ook door een dynamische, bijna muzikale expositie te bieden. Dankzij de imposante muurschilderingen van Iris en de metershoge en -lange beelden van Remy ontstaat er een werveling in het Rietveldpaviljoen, waardoor de bezoeker zijn pas vertraagt en hopelijk lang blijft kijken.”