Financieel/Partnercontent
Get into the FUTURE
Gesponsord
TMG is founding partner en exclusieve mediapartner van SingularityU The Netherlands, omdat we het gedachtegoed van SingularityU NL omarmen. SingularityU NL is de autoriteit op het gebied van technologieën die onze maatschappij in rap tempo veranderen. Kunstmatige intelligentie, blockchain, nano- en gentechnologie, 3D-printing, neuroscience: technologieën die exponentieel groeien en sectoren als zorg, financiën, voedsel, wonen en energie in toenemende mate beïnvloeden. De Financiële Telegraaf brengt samen met SingularityU NL een crossmediaal concept: Get Into The FUTURE.

’Geen mens is zo slim als de natuur’

Door Annemarie Moerman

De voorspelling is dat in 2050 ongeveer 10 miljoen mensen per jaar sterven aan de gevolgen van antibioticaresistentie. Toch gebeurt er nog relatief weinig om het probleem te voorkomen.

De voorspelling is dat in 2050 ongeveer 10 miljoen mensen per jaar sterven aan de gevolgen van antibioticaresistentie. Toch gebeurt er nog relatief weinig om het probleem te voorkomen.

Als kind had ze grote interesse in het universum. Nadine Bongaerts (29) verslond de boeken van Stephen Hawking over tijd en ruimte, in een poging de wereld beter te begrijpen. Later ontdekte ze de moleculaire wereld van het leven, waar ze haar studie van maakte. Inmiddels werkt ze in Parijs aan een nieuwe methode om antibiotica te ontdekken. Maar bovenal is ze een bruggenbouwer: “Je moet als wetenschapper ook je lab uit. Uitleggen wat je doet, zaken in hun context plaatsen. Ik breng de wetenschap graag dichter bij de samenleving.”

De voorspelling is dat in 2050 ongeveer 10 miljoen mensen per jaar sterven aan de gevolgen van antibioticaresistentie. Toch gebeurt er nog relatief weinig om het probleem te voorkomen.

De voorspelling is dat in 2050 ongeveer 10 miljoen mensen per jaar sterven aan de gevolgen van antibioticaresistentie. Toch gebeurt er nog relatief weinig om het probleem te voorkomen.

Haar fascinatie voor de natuur begon met een verhaal over groene thee en wormpjes, vertelt Bongaerts, die vanuit haar woonplaats Parijs enkele dagen in Amsterdam is voor dit interview en familiebezoek. “Ik had in een wetenschapsblad gelezen dat wormpjes die op een dieet van groene thee werden gezet langer leefden dan normaal. Ik wilde weten hoe dat kon en besloot me erin te verdiepen. Ik schreef er een profielwerkstuk over en leerde steeds beter begrijpen hoe het kan dat een bepaalde stof in thee uiteindelijk allerlei processen kan triggeren tot op DNA-niveau, waardoor een cel langer kan overleven. Ik heb zelfs een experiment gedaan met fruitvliegjes en groenetheepillen, wat mislukte omdat de incubator door klasgenoten te hoog was gezet en de vliegjes doodgingen. Maar de moleculaire wereld van het leven, die ik daardoor ontdekte, vond ik zo fascinerend dat ik er mijn studie van wilde maken.” Bongaerts studeerde Life Science & Technology in Leiden en Delft en deed tijdens haar bachelor in 2010 in de VS mee aan iGEM, een wedstrijd op het gebied van synthetische biologie. “Daar leerde ik dat we niet alleen veel weten over de natuur, maar het ook kunnen gaan engineeren. Met die kennis kunnen we biologische machines maken. Een cel kunnen we genetisch zo verbouwen dat we er een fabriekje van kunnen maken dat medicijnen of biobrand-stoffen produceert. Ik ontdekte dat de mogelijkheden ongelimiteerd zijn.”

DNA-taal

Die ongelimiteerde mogelijkheden gaan voor een ‘gigarevolutie’ zorgen, voorspelt Bongaerts. “De biologie begint een informatietechnologie te worden, omdat we DNA kunnen uitlezen en schrijven. Dit is the next big thing. Als je twintig jaar geleden bijvoorbeeld een haaien-gen nodig had, moest je de zee in en een haai vinden om dat stukje DNA op een of andere manier uit het dier te halen. Tegenwoordig hebben we online databases met de DNA-informatie van duizenden organismen, omdat dit ooit een keer is uitgelezen. Dat betekent dat ik een interessant gen, bijvoorbeeld van een haai, kan opzoeken in een database, die informatie kan kopiëren en plakken in een document en zelfs kan editen. Vervolgens kan ik mijn DNA-ontwerp naar een bedrijf sturen die mijn fysieke DNA print, zodat ik ermee aan de slag kan gaan.”

“Alle functies die voorkomen in de natuur staan ergens beschreven in een universele DNA-taal. We begrij-pen steeds beter hoe die functies zijn gecodeerd en kunnen als het ware de taal van de natuur spreken. Zelfs als dat DNA synthetisch door de mens wordt gemaakt, kan het door een cel worden uitgelezen. Het gaat daarbij dan nog steeds om natuurproducten, want het zijn onderdelen uit de natuur, maar wel door mensen gemaakt”, legt ze uit.

“De natuur zelf maakt heel bijzondere dingen, maar die zijn niet altijd praktisch en toegankelijk voor ons als mens. De kracht van de synthetische biologie is dat we al die geniale uitvindingen die de natuur heeft voortgebracht en die veel slimmer zijn dan wat wij met de computer, robots of chemie kunnen maken, kunnen gebruiken om iets te maken wat wél praktisch is voor ons.”

Twijfels

Zowel start-ups als gevestigde bedrijven maken al impact op de maatschappij met ontwikkelingen op het gebied van synthetische biologie, zegt ze. “Ik verwacht dat dit in de komende vijf tot tien jaar ook zichtbaarder wordt voor de consument.” Ze verwacht tegelijkertijd dat biologie als informatietechnologie de nodige discussie gaat oproepen. “Er is geen technologie op de wereld waarmee je alleen maar goede dingen kan doen, dus het is logisch dat er twijfels zijn. Dan is dus de vraag: hoe gaan we met z’n allen met die informatietechnologie om?” Communicatie is daarbij essentieel en op dat gebied valt nog veel te winnen, weet Bongaerts. “Als wetenschapper word je nog vaak beoordeeld op hoeveel publicaties je hebt. Natuurlijk komt daar een gedeelte communicatie bij kijken, maar het is voor het succes van je carrière niet nodig om erop uit te gaan en de dialoog aan te gaan.” Bongaerts richtte daarom in 2011 Science Matters op, waarmee ze wetenschappers helpt om hun onderzoek te communiceren naar het grote publiek. En daarnaast volwassenen en kinderen probeert te interesseren voor de wetenschap. “De kennis die voor ons zo vanzelfsprekend is omdat we elke dag in het lab staan, is dat voor anderen niet altijd. Je moet dus als wetenschapper ook dat lab uit. We proberen een nieuwe generatie wetenschappers te leren hoe je kunt uitleggen wat je doet en hoe je zorgt voor interactie met mensen buiten het veld.” Volgens Bongaerts is het belangrijk dat onderzoek wordt vertaald naar andere partijen. “De maatschappij, patiënten, het bedrijfsleven… wij proberen dat met verschillende activiteiten te faciliteren, bijvoorbeeld door te helpen om blogs of video’s te maken en door minilezingen te geven. We werken samen met musea, geven workshops aan kinderen en zetten kunstenaars in.” Werken aan een duurzamere maatschappij is voor haar een enorme drijfveer. “We kunnen technologie uit de natuur gebruiken en toepassen op zaken die we nu op een minder duurzame manier doen. Een voorbeeld: er bestaat een plantje waaruit je een heel goed malariamiddel kunt halen. Als je veel van dat middel nodig hebt, moet je dus een heleboel hectare aan grond hebben om die plant te laten groeien. Een synthetisch bioloog heeft alle benodigde genetica in een gistcel gezet en die cel kan precies hetzelfde trucje als de plant. Een stuk efficiënter en goedkoper dus.”

Antibiotica

Hoewel Bongaerts zich graag en veel in de maatschappij beweegt, brengt ze ook nog veel tijd door in het lab. Sinds twee jaar woont ze in Parijs, waar ze haar promotieonderzoek doet. Samen met een andere onderzoeker werkt ze aan het probleem van antibioticaresistentie. “Gelukkig staan we er in Nederland redelijk goed voor, omdat je hier niet zomaar antibiotica krijgt. In andere delen van de wereld wordt het vaak voorgeschreven, omdat het goedkoop is. Dat levert problemen op. Ten eerste omdat antibiotica ook veel goede bacteriën doodt, ten tweede omdat de slechte bacteriën resistent kunnen worden.” Voor het onderzoek in Parijs werkt ze aan een nieuwe methode om antibiotica te ontdekken. “In eerste instantie voor de infectieziekte tuberculose, waar jaarlijks zo’n 2 miljoen mensen aan sterven. De bacterie die tuberculose veroorzaakt, groeit ontzettend langzaam en je kunt er alleen veilig mee werken als je een speciaal lab hebt. Met behulp van synthetische biologie voegen we genen uit de tuberculosebacterie toe aan een ongevaarlijke en snelgroei- ende bacterie waarop we sneller en makkelijker medicijnen kunnen testen. Een muis wordt weleens gebruikt als testmodel voor de mens; op dezelfde manier maken we een ‘muismodel’ voor de tuberculosebacterie.” Ze wijst op het gevaar van antibioticarestistentie. “Zeker wanneer je een antibioticumkuur niet afmaakt. Als je te snel stopt, is de kans nog groter dat bacteriën resistent worden. Er zijn heel veel soorten bacteriën die resistent aan het worden zijn tegen de beschikbare antibiotica. En dan kunnen artsen gewoon niets meer voor je doen. Dan krijgen we middeleeuwse taferelen: lichaamsdelen amputeren. Er wordt voorspeld dat in 2050 ongeveer 10 miljoen mensen per jaar sterven aan de gevolgen van anti-bioticaresistentie.” Ondanks de alarmerende berichten gebeurt er in de wereld nog te weinig om het probleem te voorkomen, merkt Bongaerts. “Je zou zeggen: daar gaan heel veel farmaceuten iets mee doen, maar dat is niet zo. Er is namelijk geen businessmodel, omdat er nog te veel antibiotica zijn die goed werken. Als je nu patent aanvraagt op een antibioticum, heb je ongeveer twintig jaar de tijd om het middel als enige op de markt te brengen. Maar als er in de komende jaren nog genoeg middelen werken, ga je hier nooit voldoende inkomsten uit genereren om je investeringen terug te verdienen. Overheden zouden hun verantwoordelijkheid moeten nemen en nu voor funding moeten zorgen. Niet pas als het te laat is.” Het kost ontzettend veel geld – een miljard euro – en tijd om een medicijn te ontwikkelen. “De meeste kosten en tijd zitten in de testfase op patiënten. Logisch, want het moet veilig gebeuren. Veel mensen snappen niet waarom het zo lang duurt voordat er een medicijn op de markt komt. Ook daarom is het belangrijk om het proces te delen.”

Impact

Tijdens de summit van SingularityU NL in de Philharmonie geeft Bongaerts een ‘minilecture’ over synthetische biologie. “Om te vertellen wat het vak inhoudt, wat we ervan kunnen verwachten en wat de impact gaat zijn. Wat betekenen de ontwikkelingen voor de wereld, wat betekent het voor jou, wat betekent het voor diegene die voor je zit? De summit biedt een mooie kans om dat zichtbaar te maken. Het mooie aan SingularityU Nederland is dat je bijzondere groepen voor je neus krijgt: mensen die je niet elke dag spreekt. De dialoog is voor mij belangrijk, dus ik zie dit als een mooi platform om mensen samen te brengen.” Bruggen bouwen, dat doet ze graag. “Weten hoe de natuur werkt en hoe je daar technologie uit kunt halen, dat is mijn passie. Maar ik probeer wel alles in een context te plaatsen. Voor mij is het belangrijk om met mensen te praten over wat er in de wetenschap gebeurt en wat hun perspectief daarop is. Ook om te kijken hoe je al die technologieën in goede banen kunt leiden.” In de toekomst ziet ze zichzelf vanuit haar rol als wetenschapper naar een meer ondernemende rol gaan. “Om te kijken hoe we de technologie naar de markt en dus de mens kunnen brengen. De koppeling maken tussen velden, kennis en mensen. Ik zou het heel tof vinden om een product te ontwikkelen.” De kracht van de natuur blijft daarbij haar grootste inspiratiebron. “Bij de productie van chemicaliën komen veel afvalstoffen vrij. De natuur is zo slim, die maakt geen product dat ze niet kan afbreken. Dat principe moeten we meer gaan volgen, want het is zo veel duurzamer, slimmer en veiliger. Ik hoop dat ons vak daar een bijdrage aan kan leveren. Laten we eerlijk zijn: de natuur heeft nog steeds de meest geavanceerde technologie die er bestaat. Nog geen mens is erin geslaagd om iets te maken dat zo geavanceerd is als een plant of een brein.”