Nieuws/Financieel

Onaangenaam sterke euro

De Japanse yen noteert dit jaar fors lager. Ook de Turkse lira, Indiase roepie, Braziliaanse real en de Noorse kroon gingen sterk onderuit. Valutaverschillen kunnen het verschil maken tussen winst of verlies.

De meeste beleggers staan niet snel stil bij het muntrisico. Vaak kijken ze enkel naar de te behalen winst. Niettemin oefenen schommelingen in de wisselkoers een invloed uit op het resultaat. Als gevolg van valutaverschillen kunnen beleggers met buitenlandse aandelen minder winst opstrijken of eindigt een mooi rendement alsnog in verlies. Mooi voorbeeld Een mooi voorbeeld van hoe belangrijk wisselkoersen kunnen zijn, is de waardedaling van de roepie. Ten opzichte van eind vorig jaar is de nationale munt van India 14,4 procent minder waard, maar ondanks het feit dat aandelen op de beurs van Bombay in 2013 al vijf procent hoger noteren, kijk je als belegger tegen een verlies aan van 10,1 procent. Een ander voorbeeld is de waardedaling van de yen. Hoewel Japanse aandelen een klim van 45,9 procent achter de rug hebben, mag je je slechts 22,5 procent rijker wanen. Dat komt omdat de Japanse munt in de loop van dit jaar tegenover de euro al 16 procent in waarde is gedaald. Vraag en aanbod Valutaverschillen kunnen er echter ook voor zorgen dat een tegenvaller alsnog in winst verandert of dat verliezen verder worden uitgediept. Maar wat bepaalt de wisselkoers? De wisselkoers is de prijs van een munt uitgedrukt in een vreemde munt en wordt bepaald door vraag en aanbod op de internationale valutamarkten. Wanneer er meer vraag is naar een bepaalde munt, dan zal de wisselkoers stijgen. Als een Nederlands bedrijf in Turkije wil investeren, ontstaat er meer vraag en stijgt de koers van de Turkse lira. Wat ook een rol speelt is het renteverschil. Op termijn worden wisselkoersen overwegend bepaald door de reële rentevoeten. Indien in Turkije de rente voldoende stijgt om de inflatie te compenseren, kopen beleggers Turkse lira omdat ze graag van de hoge rente willen genieten. Door die hogere vraag stijgt de wisselkoers, wordt de invoer gestimuleerd, maar wordt de export afgeremd. Dit leidt enerzijds tot een tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans en anderzijds daalt daardoor de concurrentiekracht, hetgeen op zijn beurt weegt op de waarde van de munt. Productiviteit Het renteverschil in de twee grootste economische regio’s ter wereld is nadat de Europese Centrale Bank twee weken geleden uit vrees voor deflatie haar beleidsrente verrassend verlaagde marginaal. Ook kunnen de rentevoeten tegenovergestelde richtingen inslaan als de Federal Reserve in de komende maanden haar maandelijks opkoopprogramma van staatsleningen en hypotheekobligaties gradueel zal terugschroeven. Het renteverschil tussen Europa en de Verenigde Staten zou hierdoor kunnen oplopen, tot groot jolijt van de probleemlanden in de eurozone. Zij zijn gebaat bij een zwakke euro, het verbetert hun exportpositie. Voor Duitsland en de Amerikanen echter is dat slecht nieuws, zij krijgen meer concurrentie. Volgens sommigen staat de wereld op de rand van een valutaoorlog. Europese politici volgen Japan in de klaagzang van te hoge wisselkoersen. Veel Aziatische groeilanden manipuleren al jaren hun munt, zelfs Brazilië nam maatregelen om de waarde van de real te verlagen. Op zich is het begrijpelijk dat politici een goedkope munt willen. Exportbedrijven hebben meestal een hogere productiviteitsgroei waardoor de economie per saldo efficiënter wordt. Invloed van wisselkoersen Onderstaande grafieken illustreren hoe belangrijk wisselkoersen kunnen zijn. Tot nog toe blikt de S&P 500 in 2013 terug op een winst van 26,1 procent, omgerekend in euro 23,3 procent. Daarmee is de Amerikaanse belegger beter af dan Jan Modaal die begin 2000 instapte. Joe Sixpack mag zich verblijden aan 22,4 procent winst, terwijl Nederlandse beleggers aankijken tegen 8,8 procent verlies. De Turkse hoofdindex noteert 7,5 procent lager dan vorig jaar, in euro zelfs 20,1 procent. Over de afgelopen pak ‘m beet 14 jaar noteert de BIST 100 duidelijk in de plus, maar gecorrigeerd voor valutaverschillen resulteert de superwinst van 376 procent in eurotermen jawel in een verlies van 5,4 procent! Ten opzichte van vorig jaar boekten Japanse aandelen 45,9 procent winst, na valutacorrectie 22,5 procent. Ten opzichte van begin 2000 kleurt de Nikkei 225 evenwel nog altijd 19,9 procent rood, een verlies dat in euro voor Nederlandse beleggers twee keer zo hard aankomt: -39,1 procent. De eerste indruk kan misleidend zijn, maar zowel in 2013 als vanaf 2000 delven Nederlandse beleggers het onderspit. Weliswaar stegen de beurskoersen in Bombay met respectievelijk vijf en 308 procent, maar in euro blikt Jan de Belegger in 2013 terug op een verlies van tien procent en daalt de winst gemeten vanaf 2000 naar 110 procent. Zoals hieronder te zien is dat nog altijd beduidend beter is dan de -27 procent van de €uro STOXX of de -42 procent van de AEX, die dit jaar respectievelijk 17,2 en 14,1 procent hoger koersen. Wisselkoersen spelen ook een grote rol bij commodities. Het merendeel van de grondstoffen komt uit het buitenland en noteert in Amerikaanse dollar. Wanneer bijvoorbeeld de prijs van een vat aardolie daalt en de euro keldert nog sneller, dan leidt dit in Europa binnen de kortste keren tot hogere brandstofprijzen. Tot slot, onderstaande grafiek is een mooie illustratie van de invloed van valutaverschillen op de prijsontwikkeling (lees: winst) van goud. @ Ivan Snurer