Nieuws/Financieel
1067897
Financieel

Doorzie de structuur

De onstuimige groei van de ETF-markt in de afgelopen jaren heeft geleid tot veel nieuwe producten. Omdat niet iedere ETF past bij beleggers is het raadzaam om eerst goed de structuur te doorgronden.

ETF's zijn op grond van hun structuur in te delen in twee typen: fysieke en synthetische ETF’s. Een fysieke ETF koopt en houdt meestal alle aandelen van de onderliggende index; dit proces wordt volledige replicatie genoemd. In sommige gevallen wordt echter slechts een deel van de effecten van de index aangehouden, of wordt de portefeuille aangepast om de totale prestaties van de onderliggende index beter te na te bootsen - dit wordt aangeduid als optimalisatie.

In geval van een synthetische ETF sluit de ETF-aanbieder een swapovereenkomst met één of meerdere zakenbanken. De swap-tegenpartij(en) levert in ruil voor het geld dat beleggers in het indexfonds hebben gestoken een mandje effecten dat de prestaties van een index moet repliceren: het onderpand of zogeheten referentiemandje. Daarin kunnen net zo goed effecten zitten die geen enkele relatie hebben met de index. ETF’s op swapbasis hebben, in sommige gevallen, een lagere tracking error en kunnen fiscaal gunstiger zijn. Deze fondsen hebben echter wel te maken met swaptegenpartijen, waardoor een tegenpartijrisico ontstaat.

Exchange Traded Commodities

Daarnaast zijn er producten die op de beurs verhandeld worden, die verward worden met ETF’s. De belangrijkste zijn Exchange Traded Commodities (ETC’s), ook wel Exchange Traded Notes (ETN’s) genoemd. Een ETN wordt meestal uitgegeven om beleggers blootstelling te bieden aan grondstoffen. ETN’s kunnen een grondstof zoals goud of een grondstoffenindex volgen.

ETN’s zijn geen beleggingsfondsen en worden ook niet als dusdanig gereguleerd. Het zijn   schuldpapieren, waardoor beleggers in ETN’s in het algemeen blootgesteld worden aan een kredietrisico.