1105521
Financieel

Pas Nederlandse belastingstelsel niet aan

De economen Willem Vermeend en Rick van der Ploeg vinden dat Nederland zich niets moet aantrekken van de kritiek op het Nederlandse belastingstelsel. Dit stelsel is van cruciaal belang voor onze economie en werkgelegenheid. Deze kritiek is vooral afkomstig van linkse actiegroepen zonder kennis van zaken en landen die met Nederland concurreren, zoals Engeland dat zelf boter op het hoofd heeft. Ze staan pal achter premier Mark Rutte die in Brussel  heeft kenbaar gemaakt dat Nederland niet eenzijdig de Nederlandse belastingwetgeving zal wijzigen voor internationale bedrijven.

Deze week werd er door de Europese regeringsleiders in Brussel kort gesproken over de belastingontwijking door grote bedrijven die wereldwijd werkzaam zijn. Volgens de Europese commissie zou Europa 100O miljard euro per jaar aan belastinginkomsten mislopen doordat internationaal opererende bedrijven slim gebruik maken van wettelijke mogelijkheden om zo weinig mogelijk belasting te betalen. Het is niemand duidelijk waar dit bedrag op gebaseerd is, want Brussel heeft helemaal niets te zeggen over de winstbelasting van de EU-landen.

De lidstaten bepalen zelf hoe hun stelsel er uit ziet, welke tarieven ze hanteren en welke fiscale faciliteiten ze aan bedrijven bieden. Als landen bezwaren hebben tegen legale methoden van belastingbesparing door multinationals zullen ze dus zelf hun eigen wetgeving moeten aanpassen. Daar gaat Europa niet over. Omdat Nederland internationaal gezien de afgelopen vijftig jaar een belastingstelsel heeft opgebouwd dat gunstig is voor het internationale bedrijfsleven wordt door concurrerende landen, zoals Engeland, met een scheef oog naar ons land gekeken. Dit stelsel heeft ons veel werkgelegenheid en economische groei opgeleverd.

De internationale (fiscale) concurrentie neemt toe.

 

Volgens de Britten maakt de Nederlandse fiscale wetgeving internationale belastingontwijking mogelijk. Ook links georiënteerde actiegroepen die menen dat multinationals veel te weinig belasting betalen, vinden dat het Nederlandse stelsel zodanig gewijzigd moet worden dat legale methoden van belastingbesparing onmogelijk worden. Ze wijzen daarbij vooral op de zogenoemde brievenbusmaatschappijen die in ons land gevestigd zijn. Het gaat daarbij om BV’s met weinig personeel, waarin onder meer merkrechten, octrooien en patenten van internationale bedrijven worden gestald. Internationale bedrijven kunnen via deze BV’s in ander landen waar ze vestigingen hebben, afhankelijk van het belastingregime in die landen, belasting besparen.

Deze vestigingen moet voor het gebruik van deze rechten, patenten en octrooien een vergoeding aan de Nederlandse BV betalen die in dat land als een aftrekpost wordt beschouwd waardoor er daar minder belasting wordt betaald. De vergoeding komt bij de BV terecht die deze vervolgens weer laat ‘doorstromen’ naar het bedrijf dat eigenaar van de rechten en octrooien is. Door de opzet van ons fiscale systeem en het verdragennetwerk is er sprake van een lage belastingdruk op deze doorstroom. Volgens critici is deze regeling moreel verwerpelijk en Nederland zou daarom dit regime waaronder de belastingverdragen zodanig moeten aanpassen dat deze doorstroom niet meer mogelijk is dan wel op basis van een hogere belastingdruk.

Mark Rutte staat pal voor Nederland

Naar aanleiding van de vergadering in Brussel heeft premier Mark Rutte verklaard dat het kabinet de belastingwetgeving van Nederland niet zal aanpassen. Ook de kritiek op ons stelsel wijst hij van de hand. We delen zijn opvatting. Hij heeft zeer terecht opgemerkt dat ons land in alle opzichten voldoet aan alle internationale belastingregels en dat het Nederlandse stelsel een belangrijk onderdeel is van onze internationale concurrentiepositie. Andere Europese landen hebben Nederland tijdens deze vergadering ook niet aangesproken op ons fiscale regime. Dat viel ook niet te verwachten. Binnen de EU maar ook daarbuiten proberen de meeste landen een zo gunstig mogelijk vestigingsklimaat te creëren voor internationaal opererende bedrijven. Om deze bedrijven aan te trekken, maken ze gebruik van voordelige fiscale regelingen voor deze ondernemers, zoals lage tarieven in de vennootschapsbelasting en fiscale faciliteiten. De opbrengst voor hun schatkist van de vennootschapsbelasting vinden ze veelal niet zo belangrijk. Het grote economische belang ligt bij extra banen die de ondernemers direct en indirect creëren en de loonbelasting, de BTW, sociale premies en de andere belastingen die bedrijfsvestigingen met zich meebrengen. In de huidige crisistijd is er sprake van een toenemende internationale concurrentie strijd om bedrijven en werkgelegenheid.

Ook buiten de fiscaliteit wordt er geconcurreerd. Zo zijn er landen die ondernemingen andere gunstige regelingen aanbieden, zoals lage loonkosten, goedkope gronden en bedrijfsgebouwen, aantrekkelijke regelingen voor internationaal management enz. Alles wordt uit de kast gehaald voor extra banen. In het kader van deze onderlinge concurrentiestrijd is het politiek niet ongebruikelijk andere landen te kritiseren over hun belastingbeleid. Dit is niet erg geloofwaardig, want in en buiten de EU concurreren vrijwel alle landen met een reeks aan faciliteiten, veelal ook los van belastingen, keihard om de gunst van het bedrijfsleven. Ondernemers zijn overal in de wereld van essentieel belang voor werkgelegenheid en economische groei. Dat geldt vooral voor internationaal opererende bedrijven.

Vooral door de economische crisis, de bezuinigingsoperaties in landen en de koopkrachtdaling bij burgers staan de gunstige belastingregels voor het bedrijfsleven op eens in het brandpunt van de belangstelling. In ons land is dat het gevolg van de zogenoemde Starbucks-zaak. En in de VS staat Apple in de schijnwerpers omdat het slim gebruik maakte van de Amerikaanse belastingwetgeving en internationale belastingregels.

Volgens berichten in de Engelse pers zouden de vestigingen van koffiegigant Starbucks in het Verenigd Koninkrijk nauwelijks vennootschapsbelasting betalen mede door gebruik te maken van fiscale constructies en bepaalde (internationale) regels in de Nederlandse belastingwetgeving. In de Britse pers en het parlement kreeg Nederland de zwarte piet. Ons land zou een belastingparadijs zijn, waardoor Starbucks in Engeland bijna geen belasting hoefde te betalen. Activistische actiegroepen, zoals Tax Justice NL, die al langer bezig zijn Nederland weg te zetten als een belastingparadijs, kregen door deze fiscale rel steun voor hun bewering vanuit het Engelse parlement. Inmiddels is duidelijk dat het hier gaat om een ‘fout’ van de Engelse belastingdienst.

De Engelse hoofdvestiging van Starbucks betaalt een vergoeding voor de merkrechten aan een Nederlandse BV. Die vergoeding is volgens de Engelse wetgeving een aftrekpost die voor Starbucks tot een lagere Engelse winstbelasting leidt. Op de omvang van deze post heeft Nederland geen enkele invloed. De belastingexperts van Starbucks hebben in het verleden met de Engelse fiscus om tafel gezeten om een zakelijke vergoeding af te spreken. Blijkbaar wilde Engeland Starbucks graag als bedrijf binnenhalen en heeft ingestemd met een hoge aftrekpost die leidt tot een lage belastingdruk in Engeland. Nu dat jaren later publiek wordt, moest er een zondebok worden gezocht. Voor de Britten lag Nederland, een belangrijke concurrent, voor de hand.

In de VS moest Apple voor een commissie van de Senaat verschijnen om zich te verweren tegen belastingontwijking. Aan het eind van het ‘verhoor’ waren de kritische senatoren er trots op dat Apple Amerikaans was en de hoofdvestiging in de VS had. Topman Tim Cook maakte duidelijk dat Apple voldeed aan alle Amerikaanse wetten en internationale belastingregels.

Dit werd overigens uitdrukkelijk bevestigd door de Amerikaanse fiscus. Hij wees er ook op dat landen, waaronder de VS, zelf de wettelijk fiscale regels maken, waaronder fiscale faciliteiten, om bedrijven als Apple te behouden en aan te trekken. Bovendien maakt hij de senatoren duidelijk dat Apple met 6 miljard dollar in de VS de grootste belastingbetaler is en 600.000 Amerikanen werk geeft. Bovendien hield hij de senatoren voor dat de huidige belastingwetten niet geschikt zijn voor het digitale tijdperk. Steeds meer bedrijven hebben vaak geen fysiek thuisland meer en kunnen zelf kiezen waar ze belast willen worden.

Opnieuw de zondebok

Deze week was Nederland opnieuw de zondebok. Met een ronkend persbericht maakte Oxam Novib, een organisatie die via lobby en projecten strijdt voor een rechtvaardige wereld zonder armoede bekend dat de ontwikkelingslanden minstens 460 miljoen euro aan belastinginkomsten mislopen aan belastinginkomsten. We zijn naar de website van deze organisatie gegaan en hebben het rapport met deze beschuldiging gedownload.

Het valt ons op dat niet wordt aangetoond dat dit belastingverlies kan worden toegeschreven aan het gebruik van Nederlandse brievenbusmaatschappijen. Ook de berekening van de omvang is speculatief. Ook valt ons op dat in dit rapport als landen die belastinginkomsten missen worden genoemd Ethiopië, Mali, Ghana en Zambia. Novib ‘vergeet’ te melden dat dit landen zijn die volgens de internationaal erkende corruptie-index behoren tot de kopgroep van landen met een corrupte overheid; bij deze index gaat het om een jaarlijks onderzoek naar corruptie dat wordt uitgevoerd door Transparency International (TI), een wereldwijd werkende non-profitorganisatie. Bovendien beschikken deze landen niet over een goed gekwalificeerde belastingdienst. Deze dienst, zou net als wij dit eerder bij Engeland zagen, op basis van de eigen belastingwetgeving en internationale regels de daar gevestigde internationale bedrijven tot een acceptabele belastingbetaling kunnen dwingen. Als Oxam Novib zijn huiswerk goed had gedaan dan was er geen beschuldigende persbericht over het Nederlandse belastingstelsel verschenen.

 

De aanpak van belastingontwijking heeft steeds gefaald

Binnen de EU zijn de afgelopen dertig jaar verschillend voorstellen geopperd om niet alleen de fiscale concurrentie tussen de lidstaten aan banden te leggen, maar ook te komen tot een gezamenlijke vennootschapsbelasting met eenzelfde tarief en een brede grondslag met zo min mogelijk speciale aftrekposten voor alle EU-landen. De vrees is dat anders beleidsconcurrentie zal leiden tot een steeds lagere belastingdruk op de factor kapitaal en een steeds hogere belastingdruk op de factor arbeid. Dit zou slecht uitpakken voor de werkgelegenheid. Ondanks deze vrees is de kans zeer gering dat er dit decennium een Europese belasting zal komen. Lidstaten  hebben economische belangen die sterk verschillen en koesteren bovendien hun eigen nationale stelsels.

 

Landen die op de concurrentieladder zakken hebben een probleem

Hierboven hebben we aangegeven dat buiten de fiscaliteit veelal meer en harder wordt geconcurreerd. Door de verdere globalisering, de opkomende Aziatische economieën en de opmars van het wereldwijde web zal deze internationale strijd om bedrijven en werk nog scherper en harder worden. Hoewel van verschillende kanten, terecht, maatschappelijke en ethische bezwaren tegen deze ‘race to the bottom’ worden aangedragen, moet vastgesteld worden dat de internationale praktijk zich daarvan weinig aantrekt. Dit kan niet worden opgelost door op nationaal niveau de belastingwetgeving te wijzigen.

Echte oplossingen zijn alleen op wereldschaal mogelijk. Een aanpassing van onze fiscale wetgeving leidt niet alleen tot een aantasting van onze concurrentie positie,maar heeft ook tot gevolg dat bepaalde activiteiten met de snelheid van het licht naar onze buurlanden worden verplaatst. Wel zou ons land internationale initiatieven moeten steunen, waarbij met een gezamenlijke aanpak slimme belastingconstructies worden tegen gegaan. Ook een jaarlijkse publicatie van de belastingafdracht van internationale bedrijven kan daaraan een bijdrage leveren.

Landen die op de wereldwijde concurrentieladder zakken, hebben een ernstig probleem; ze lopen het risico bedrijven, werkgelegenheid en economische groei te verliezen. Voor het behoud van onze welvaart is het daarom van groot belang dat Nederland hoog op deze ladder staat en dat we ons niets aantrekken van ongeloofwaardige klagende andere landen zoals de Britten die zelf een belastingparadijs zijn voor oligarchen en bevooroordeelde actiegroepen.

Tot slot een waarschuwing voor alle landen in de wereld. De Engelse regering heeft recent aangekondigd met een fiscaal pakket aan maatregelen te komen waardoor Engeland wereldwijd de meest aantrekkelijke vestigingsplaats voor bedrijven zal worden. Nu al reizen belastingexperts van internationale bedrijven naar Londen af om te kijken of een verhuizing naar het VK voordelen oplevert. Wij zullen mede daarom continue ons eigen belastingstelsel in de gaten moeten houden. Daarbij gaat het vooral om het binnen de grenzen halen van hoogwaardige bedrijven met hoogwaardige werkgelegenheid die een bijdrage leveren aan de kracht van onze economie.