1127998
Financieel

Waarom er een polderakkoord zal komen

Deze week besloot de FNV uiteindelijk toch met de werkgevers aan tafel te gaan zitten om een poging te doen om samen met het kabinet tot een sociaal akkoord te komen. Dat is op zich goed nieuws. Vooral de afgelopen jaren zien we dat de invloed van de vakbeweging aan het afnemen is.

Hiervoor zijn verschillende oorzaken, zoals een dalend en vergrijzend ledental, een afnemende representativiteit en interne ruzies over de koers. In werkgeverskringen wordt over de tanende kracht van de vakbonden verschillende gedacht. Er zijn werkgevers die deze ontwikkeling toejuichen, maar bij grote Nederlandse bedrijven die internationaal actief zijn en de werkgeversorganisatie VNO-NCW heerst bezorgdheid.

Achter de schermen hebben ze er alles aan gedaan om de FNV aan tafel te krijgen. Ze zijn niet blij met de teloorgang van de onze overlegeconomie, het zogenoemde poldermodel. Dit is de naam die gegeven wordt aan het Nederlandse consensusmodel waarin werkgevers, vakbonden en de rijksoverheid met elkaar aan tafel gaan zitten om tot gezamenlijke afspraken te komen op het sociaal-economische vlak.

Vooral internationale werkgevers hebben baat bij collectieve afspraken op het terrein van de arbeidsmarkt en stabiele arbeidsverhoudingen. Ze hebben geen belang bij radicale bonden die het schadelijke stakingswapen hanteren, zoals in veel andere Europese landen het geval is. In het verleden hebben ze goede ervaringen opgedaan met dit poldermodel waarbij op centraal niveau met de vakbonden en de rijksoverheid afspraken werden gemaakt over onder meer de loonontwikkeling, ontslagregelingen, scholing, pensioenen en andere sociaal economische kwesties.

De afgelopen veertig jaar hebben verschillende kabinetten met werkgevers en werknemers om de tafel gezeten om bij een neergang van de Nederlandse economie overleg te plegen over een adequate, gezamenlijke aanpak. Daarbij zijn successen geboekt die ook buiten Nederland de aandacht trokken; in de internationale media werd sinds het inmiddels beroemde Wassenaarakkoord van 24 november 1982 gesproken over een uniek overlegmodel.

Kritiek op polderen

Niet iedereen staat te juichen bij dit model. Critici van het polderen vinden dat deze aanpak niet meer past bij deze tijd. Het is in hun ogen ouderwets, stroperig, niet daadkrachtig, terwijl de uitkomsten te vaak waterige compromissen zijn. In deze kritiek zit veel waarheid, maar ouderwets vinden wij geen steekhoudend argument. In veel westerse landen zien we juist als reactie op de internationale krediet kredietcrisis 2008-2009 dat overheden nauwer gaan samenwerken met het bedrijfsleven en werkgevers en werknemersvertegenwoordigers. Juist met deze krachtenbundeling kan de economische crisis beter worden aangepakt.

Kijken we naar onze krimpende economie en de snel oplopende werkloosheid, dan is een aanpak nodig die er voor zorgt dat het geld weer gaat rollen en de economie stimuleert. Die stimulans moet gepaard gaan met structurele hervormingen die de economie op lange termijn veel sterker maken.

Daar moet wel bij worden aangemerkt dat politiek Den Haag de afgelopen tien jaar weinig daadkracht heeft getoond; maar liefst vijf verschillende kabinetten die de boel hebben laten versloffen en niet in staat waren om de noodzakelijke hervormingen door te voeren. Het kabinet Rutte 2 krijgt nu de kans daar werk van te maken en weet dat het weinig tijd heeft te verliezen. Een akkoord kan helpen.

Het akkoord zal er komen!

Daarom juichen wij de terugkeer van de polder toe, maar het zou goed zijn bij de uitwerking rekening te houden met de hierboven vermelde kritiek. Gezien de tegengestelde belangen en het verschil van inzicht over de beste aanpak van de crisis zal het nog best lastig worden om tot een akkoord te komen. Bovendien beschikt het kabinet slechts over beperkte financiële middelen om werkgevers en werknemers tegemoet te komen.

Niettemin gaan wij er van uit dat na moeizame onderhandelingen de drie partijen, kabinet, werkgevers en werknemers er uit zullen komen. Waarom? Wie aan tafel gaat zitten, weet dat er maar één uitkomst mogelijk is: een Polderakkoord. Geen van de partijen kan zich een mislukking veroorloven. Zonder een sociaal akkoord zet de vakbeweging zich zelf buiten spel, de werkgevers krijgen zware problemen bij de CAO onderhandelingen en het kabinet zal in noodweer terecht komen.

Na de ongelukkige start, het nog te realiseren zware ombuigingsprogramma en geen meerderheid en de Eerste Kamer zal bij een mislukking in politiek Den Haag bijna dagelijks de vraag opkomen hoe lang Rutte 2 nog zal overleven. Gezien de economische malaise en de snel oplopende werkloosheid is dat funest. Ook daarom zal er hoe dan ook, kost wat het kost, een Polderakkoord worden gesloten.

De kritiek staat nu al vast

Gezien de verschillende belangen die spelen, is de kans groot dat het akkoord compromissen zal omvatten en dat hervormingen op de arbeidsmarkt die in het regeerakkoord zijn aangekondigd worden afgezwakt. Critici van de polder zullen niet laten daarop te hameren en vaststellen dat het kabinet diep door het stof is gegaan. Maar Rutte 2 hoeft daar niet wakker van te liggen als het maatregelenpakket van het Polderakkoord tegelijk een bijdrage levert aan het oppeppen van de economie en structurele hervormingen op de langere termijn.

Bovendien is een akkoord met compromissen veel beter dan geen akkoord. Door gezamenlijke afspraken wordt een signaal afgegeven dat de drie belangrijkste spelers in onze economie het eens zijn en samen aan de slag gaan om onze economie uit het slop te halen. Dit enkele feit al heeft een positief effect op ons economisch klimaat en kan bijdragen aan een meer optimistische stemming in ons land.

 Op dit moment liggen zowel het consumenten- als producentenvertrouwen op een laag niveau en maken steeds meer mensen zich zorgen over hun baan. Dit pakt slecht uit voor onze economie. De geschiedenis leert dat economie voor een belangrijk deel draait om psychologie en stemming. Met sombere boodschappen en doemdenken, zo leert de praktijk, praat je de economie verder de put in. Geen akkoord is zo’n boodschap en dat kan ons land zich niet meer veroorloven.

Daarom zal Nederland straks via de media de beelden zien van de drie machtigste economische spelers van dit land die elkaar optimistisch de hand schudden. En hoe raar dat misschien wel is, de stemming in ons land zal verbeteren. Dat is goed voor onze economie. Ook daarom zal dat Polderakkoord er komen.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg